Gas terug in de grond om "pieken' op te vangen

De Nederlandse Aardolie Maatschappij (NAM) en de Gasunie gaan in Groningen en Drenthe miljarden kubieke meters aardgas ondergronds opslaan om in strenge winters aan een tijdelijk veel hogere vraag te kunnen voldoen.

GRONINGEN, 30 JULI. Ondergrondse opslag van aardgas is nieuw voor Nederland. Frankrijk, Duitsland, Italië en de Verenigde Staten hebben er al wel veel ervaring mee. In Italië heeft men zelfs voldoende gas voor een heel jaar opgeslagen. Het land dat zelf niet over gasvoorraden van betekenis beschikt. is daardoor minder kwetsbaar voor bijvoorbeeld boycots. Zulke problemen kent Nederland niet, want met het Groningse gasveld kunnen we nog tientallen jaren vooruit.

De ondergrondse opslag in Nederland is dan ook niet bedoeld om de gasvoorziening op langere termijn zeker te stellen, maar om pieken in het verbruik op te vangen. Tot nog toe was het Groningse gasveld in staat aan elke piekvraag tegemoet te komen. Nu het Groningse veld half leeg is, wordt dat lastiger. Niet dat het gas opraakt - er zit nog duizend miljard kuub in de grond - maar de druk is gedaald van ruim 300 naar 150 atmosfeer, en dat betekent dat er minder gas per minuut uitkomt.

De vraag naar aardgas varieert sterk, zowel met het seizoen als met het uur van de dag. In de winter ligt het huishoudelijk verbruik tien keer zo hoog als in de zomer, overdag drie maal zo hoog als 's nachts. De industriële vraag naar gas fluctueert minder, maar dit gas kan niet als buffer dienen voor huishoudens, omdat het een andere samenstelling heeft. Industrieel gas en huishoudelijk gas worden dan ook door gescheiden leidingnetten getransporteerd, zoals warm en koud water in huis. Hoewel het gasverbruik per huishouden is gedaald door betere isolatie van woningen en zuiniger cv-ketels, zijn de pieken in het verbruik scherper en hoger geworden. Dat komt onder andere door de programmeerbare thermostaten die tegenwoordig in veel woningen zijn te vinden, zegt Ph. Bijl, directeur business development van de Gasunie: om klokslag half zeven en zeven uur beginnen er honderdduizenden kachels te loeien.

De Gasunie moet ervoor zorgen dat er dan voldoende gas wordt aangevoerd om die ketels te kunnen laten loeien. Dat gebeurt tegenwoordig niet meer door alleen de kraan van het Groninger gasveld verder open te draaien. Na de eerste energiecrisis in het begin van de jaren zeventig besloot de Gasunie eerst kleine gasvelden leeg te maken, teneinde het Groninger gas zo lang mogelijk te kunnen bewaren als strategische voorraad. Kwam vroeger 98 procent van het gas uit het Groninger veld, nu is dat nog maar 50 procent. Via een complex net van pijpleidingen en mengstations wordt uit het gas van vele kleine velden gas van Groninger samenstelling gemaakt. Dat is nodig omdat huishoudelijke apparatuur als cv-ketels en gasfornuizen hierop zijn afgesteld.

Bij aanhoudende extreme kou, zoals in de "elfstedenwinters' van 1985 en 1986, is per dag soms wel een half miljard kuub gas nodig. In de toekomst zijn noch het Groningse veld, noch de kleinere velden in staat dat te leveren. Of een veld in korte tijd zoveel gas kan leveren hangt namelijk af van de hoeveelheid die erin zit en onder welke druk die staat. Is de druk te laag, dan duurt het te lang eer de gevraagde hoeveelheid gas er uitkomt, ook al is er voldoende voorraad. Om in de toekomst toch aan elke vraag te kunnen voldoen wil de Gasunie een ruime hoeveelheid gas onder hoge druk (300 atmosfeer) opslaan. Een geschikte methode om dat te doen is met compressoren gas in een bijna leeg gasveld pompen. Immers, de bodem is daar geschikt om een grote hoeveelheid vast te houden, en er is al een aansluiting op het leidingennet van de Gasunie. 's Zomers kan het opslagveld worden volgepompt, zodat er 's winters voldoende druk op staat om bij aanhoudende kou snel een grote hoeveelheid gas te leveren. Voor zeer korte pieken in de winterse gasvraag beschikt de Gasunie sinds 1975 over een voorraad vloeibaar aardgas in tanks op de Maasvlakte. Deze bevatten echter slechts (omgerekend) 80 miljoen kubieke meter aardgas, vijftien procent van de dagvraag van huishoudens bij extreme kou. In sommige winters wordt op de Maasvlakte een paar dagen de kraan opengezet.

“Bij andere distributiesystemen vindt iedereen het normaal dat je ergens een voorraad opslaat”, zegt Bijl. “In wezen praat je over een pakhuis voor gas. Omdat we twee soorten gas hebben en twee leidingnetten, hebben we ook twee pakhuizen nodig.”

De Gasunie heeft de voorwaarden geformuleerd waaraan de opslag moest voldoen, de Nederlandse Aardolie Maatschappij (NAM) heeft vervolgens twee velden geselecteerd die daaraan voldoen: Norg in Drente en Grijpskerk in Friesland. In Norg wil de Gasunie gas van Groninger samenstelling (voor huishoudelijk gebruik) opslaan, in Grijpskerk zogeheten H-gas (voor industrieel gebruik). Beide velden hebben het voordeel dat ze vlakbij de hoofdtransportleidingen van de Gasunie liggen. Ideaal zou het zijn wanneer een opslag in het westen van het land zou worden gerealiseerd - daar is immers de vraag het grootst - maar daar zijn geen geschikte gasvelden, aldus Bijl. Beide gasvelden kunnen circa 3 miljard kubieke meter bevatten, genoeg om Nederland warm door een winter als die van '62/'63 heen te helpen.

Hoewel het gas diep onder de grond wordt opgeslagen, heeft de opslag wel aanzienlijke landschappelijke consequenties. Bij Grijpskerk komen over een oppervlakte van circa zeventig voetbalvelden 20 meter hoge opslagtanks, 40 meter hoge fornuizen en een fakkel van 80 tot 100 meter hoog, aldus een woordvoerder van de NAM. Grijpskerk ligt middenin de weilanden en de akkers, maar rond Norg ligt een bijzonder beekdallandschap. Daardoor is met name tegen de opslag bij Norg bezwaar gerezen van de zijde van natuurbeschermers.