Amsterdam wil af van politiehulp marechaussee

AMSTERDAM, 30 JULI. De Amsterdamse politieleiding wil per 1 januari 1996 het contract met de Koninklijke Marechaussee beëindigen. De politieleiding heeft dit onlangs besloten.

Ongeveer negentig leden van de marechaussee verlenen nu bijstand aan de Amsterdamse politie. In totaal werken in Amsterdam zo'n 3.000 politiemensen. De bijstand betreft het gehele politiewerk, waaronder ook vreemdelingentoezicht en recherche. De marechaussee vormt een onderdeel van de krijgsmacht.

Eind jaren zestig sloot de Amsterdamse politie een contract met de marechaussee, omdat het korps met een groot personeelstekort kampte. Het huidige contract loopt volgens de politiewoordvoerder tot en met 1995. “Er is geen behoefte aan verlenging omdat het Amsterdamse politiekorps langzamerhand op sterkte komt”, aldus politiewoordvoerder K. Wilting. Het is voor de Amsterdamse politie financieel aantrekkelijker eigen mensen aan te trekken, dan door te gaan met de marechaussee.

“De marechaussee-leiding weet nog van niets”, zegt woordvoerder van de Koninklijke Marechaussee A. van Pelt. Volgens hem loopt het contract tot 1 januari 1997. “In 1994 vindt een evaluatie plaats. Dan pas wordt besloten of het contract met twee jaar wordt verlengd of dat de bijstand wordt afgebouwd.”

Voorzitter van de Vereniging Marechaussee J. Put noemt het besluit van de Amsterdamse politie “een slecht bericht”. “We worden als grof vuil langs de kant van de weg gezet”, aldus Put. De Amsterdamse politie is volgens hem verplicht het vrijkomend marechaussee personeel over te nemen. “Maar ik moet nog maar zien dat daar ruimte voor is.”

Wilting noemt de marechaussee “fijne collega's die uitstekend werk verrichten”. Volgens hem zullen er soepele regels worden gehanteerd om de leden van de marechaussee door te kunnen laten stromen naar het Amsterdamse politiekorps.