Reisgidsen voor het nieuwe Duitsland

Insight Guides: The New Germany. Samengesteld door Wieland Giebel. Uitg. APA Publications, Singapore 1992, 451 blz. Prijs: ƒ 45,00.

ANWB-reisgids Oost-Duitsland, Gjelt de Graaf en Paul en Britta Smit. Uitg. ANWB, Den Haag 1992, 312 blz. Prijs: ƒ 33,50.

ANWB Routegids Autotours Duitsland, Adi Kraus: (vertaling uit het Engels). Uitg. ANWB, Den Haag 1993, 120 blz. Prijs: ƒ 34,95.

Reis- en vakantieatlas Duitsland. Tekst: dr Dieter Maier en dr Renate Zeltner (vertaling uit het Duits). Standaard Uitgeverij, Antwerpen 1991, 432 blz. Prijs: ƒ 39,90.

Agon cultuurreisgidsen in kleur: Duitsland. Uitg. Agon B.V., Amsterdam 1992 (vertaling uit het Duits), 888 blz. Prijs ƒ 65,00.

Magisch reizen: Duitsland, David Luczyn (vertaling uit het Duits). Uitg. Mingus, Baarn 1992, 281 blz. Prijs: ƒ 34,90.

Duitsland, is dat niet het land van de bierbuiken en de brandstichters? Wie meent de tachtig miljoen inwoners van de Bondsrepubliek daarmee raak getypeerd te hebben, denkt in feite net zo krom als de Hollandse kaaskop die de Chinezen spleetogen, de Turken Koerdenvreters en de Italianen maffiosi noemt.

Voor de vakantieganger die naar een genuanceerder beeld van onze oosterburen zoekt, is The New Germany een ideale reisbegeleider. De blauwogige blondine op de omslagillustratie bevestigt het Germaanse schoonheidsideaal, maar dat is dan ook het enige cliché waar je de makers van deze Insight Guide op kunt betrappen. De overige portretten in het boek zijn even ontluisterend als liefdevol, en tezamen vormen zij een contrastrijk geheel. Terwijl op een van de foto's een stokoud echtpaar van de bloeiende dahlia's in de tuin geniet, kijken twee jongetjes op een andere foto de lezer haast verwijtend aan. Zij zien er ziek en kwetsbaar uit, hun haar is dun en hun ogen zijn ontstoken. In het begeleidende essay lees je hoe dat komt: de jongens wonen in het industriegebied bij Bitterfeld, waar het hoge gehalte aan zwaveldioxide bij kinderen tot groeistoornissen leidt en tot een verzwakking van het afweermechanisme. De vervuiling, het minderhedenbeleid, de kloof tussen Ossies en Wessies en andere zorgelijk stemmende onderwerpen worden steeds afgewisseld door luchtiger items - over de Volkswagen Kever bijvoorbeeld, of over het eiland Hiddensee, dat rond de eeuwwisseling druk werd bezocht door schrijvers als Gerhart Hauptmann en Thomas Mann.

Ook de doorsnee toerist komt aan zijn trekken, want net als in traditionele reisgidsen bestaat het hoofdgedeelte uit een reeks beschrijvingen van populaire vakantiebestemmingen.

Voordat de Oostzeekust is volgebouwd met toeristenpakhuizen à la Torremolinos, voordat de laatste zandweggetjes in de Brandenburgse dorpen zijn vervangen door glimmend asfalt en de laatste Leipziger boekhandels door seksshops en fastfoodrestaurants - voor die tijd is het misschien aardig om eens een rondreis door de voormalige DDR te maken. Een helder overzicht van de belangrijkste bezienswaardigheden tussen Harz en Oder geeft de ANWB Reisgids Oost-Duitsland. Pijnlijke thema's als de Fremdenhab of de weinig geëmancipeerde houding van de Oostduitse man worden daarbij niet uit de weg gegaan, maar ook onze landgenoten krijgen er van langs: zo wijzen de auteurs er fijntjes op dat de Nederlandse boeren met hun hypermoderne landbouwmethoden medeschuldig zijn aan de enorme groei van de werkloosheid op het Oostduitse platteland.

Dankzij de duidelijke plattegronden en het langwerpige zakformaat zal dit gidsje, anders dan de lijvige Insight Guide, goed van pas komen bij het maken van stadswandelingen. De illustraties in dit gidsje zijn slecht gekozen: de pentekeningen van Jan van Strijen lijken nergens naar en het boekje zou er heel wat appetijtelijker uitzien met een paar fraaie foto's.

Wèl aantrekkelijk daarentegen oogt een ander produkt van de ANWB: de Routegids Autotours Duitsland. Haarscherpe kleurenfoto's geven de schoonheid van het land weer, dat via vijfentwintig trajecten kan worden verkend. Langs rivieren, meren, burchten en kastelen rijdt men telkens naar een grote stad. Elke tocht duurt twee à drie dagen en de afstanden variëren van 175 kilometer in de bergen tot meer dan vijfhonderd kilometer in de Noordduitse laagvlakte. De kantlijn naast de lopende tekst staat vol met wandeltips en andere suggesties. Ook de kinderen krijgen allerlei toeristische adviezen, maar verder dan het opsommen van de geijkte pretparken en dierentuinen komt de schrijver niet.

De Reis- en vakantieatlas van de Standaard Uitgeverij is voor in de rugzak veel te zwaar, maar in de voorbereidende fase kan ook de treinreiziger er zijn voordeel mee doen. Geven de kaarten in andere gidsen alleen de autoroutes aan, op de 55 kaarten in dit kloeke boekwerk vind je de spoorlijnen, stations en kabelbanen in één oogopslag. Ook brengen de auteurs witte plekken onder de aandacht, zoals de cisterciënzerkloosters ten oosten van de Elbe, de waterburchten in het Münsterland en de nationale parken in de Beierse Alpen. Wie nog niet precies weet waar hij in het nieuwe Duitsland heen wil, kan zich aan de hand van de vele royale foto's alvast verbazen over de totaal verschillende landschapstypes, waarbij de boerderijen op de eenzame eilandjes voor de Noordfriese kust net zo'n exotische indruk maken als de wijnhellingen langs Rijn en Saale. Bij zoveel waar voor zo weinig geld neemt men de abominabele vertaling op de koop toe.

Als een "aantrekkelijke kleine stad', zo omschrijven de auteurs van de Agon cultuurreisgids Duitsland het plaatsje Mölln, dat een symbool van vreemdelingenhaat geworden is. Over de aanslagen reppen zij met geen woord - waarom zouden ze ook? Zij houden zich braaf aan het oudere stereotype en tonen uitsluitend belangstelling voor monumentale bouwwerken. Zo lezen we dat het marktplein van Mölln omzoomd is door fraaie vakwerkhuizen. De Agon cultuurreisgids is niets meer en niets minder dan een serie saaie plaatsbeschrijvingen op alfabetische volgorde. Handig voor onderweg, maar slaapverwekkend wanneer je er thuis in bladert.

Bestaan er reisgidsen die gewijd zijn aan het Hogere, aan het Onzichtbare zelfs? Jazeker, die bestaan. Twee jaar lang trok David Luczyn door Duitsland, op zoek naar plaatsen “waar Keltische druden, Germaanse priesters, Romeinse geleerden en christelijke monniken hun spirituele ervaringen beleefden.” Van zulke plaatsen gaat volgens de auteur een heilzame werking uit. Onder de duizendjarige linde van de heilige Edigna von Puch, in de dom van Paderborn, het klooster van Hildegard von Bingen en het joodse bad te Speyer komt Luczyn weer helemaal tot zichzelf. Tijdens een nachtelijk verblijf onder de Externsteine, het centrale "Germaanse heilgdom', wordt de betovering opeens doorbroken doordat "aangeschoten, joelende jongelui of neo-nazi's' het Teutoburger Woud onveilig maken. Niet getreurd, er blijven genoeg magische oorden in het grote Duitsland over. Meer nog dan de andere hier genoemde gidsen wijst David Luczyn de lezers op plekken waar zij normaal gesproken niet gauw zouden komen.