Nijssen maakt van de nood een deugd in tennisloopbaan

HILVERSUM, 29 JULI. Tom Nijssen heeft de weg naar Johannesburg weer gevonden. De Nederlandse tennisser nam in Zuid-Afrika al twee keer deel aan de seizoensfinale van de acht sterkste dubbels ter wereld en lijkt ook dit jaar met zijn partner Cyril Suk in staat voldoende punten te halen. Toen de neergang als enkelspeler inzette, maakte hij een succesvolle, en lucratieve, overstap naar het dubbelspel.

In de eerste ronde van het Melkhuisje in Hilversum stonden gisteren vier topdubbels op de baan. De teams vijf, zes, acht en elf van de wereld acteerden voor een honderdtal toeschouwers, omdat het centrecourt zoals altijd was gereserveerd voor het enkelspel. Het was begrijpelijk dat Novacek, die verloor, en Gustafsson en Bruguera, die wonnen, daar mochten aantreden. Maar de nietszeggende partij tussen Ondruska en Sanchez zouden veel tennisliefhebbers graag hebben ingeruild voor een spectaculaire dubbelpartij. Toen de organisatie aan het einde van de middag zelfs de beslissing nam om het Nederlandse duo Jacco Eltingh en Paul Haarhuis alsnog naar een bijbaan te verwijzen klonk dan ook een voorzichtig boegeroep van de tribunes.

De 28-jarige Nijssen is het gewend. Sponsors en televisie zijn vooral gecharmeerd van individueel tennis. Maar de mensen op de tribune moeten dikwijls door de drukte op hun club met zijn vieren een tennisbaan op. Logischerwijze zijn die liefhebbers wel geinteresseerd in de flitsende rallies en snelle volley's in een dubbel.

Met zijn Tsjechische partner Suk versloeg Nijssen gisteren de Zweden Renstrom en Tillstrom. Ook Eltingh en Haarhuis (zesde op de ranglijst en gisteren een set en een break achter tegen Allgardh en Youl) koersen richting Johannesburg. Twee van hun concurrenten kregen klop van Nederlanders. De nummers elf (Adams/Olhovsky) verloren in twee sets van Menno Oosting en en zijn Duitse partner Udo Riglewski. De nummers vijf, de Spanjaarden Casal en Sanchez, verloren van Hendrik-Jan Davids en de Tsjech Libor Pimek.

Een korte breuk met Suk, waardoor ze niet samen speelden op Roland Garros en Wimbledon, zette Nijssen enige weken op een zijspoor, maar de zege in het sterke toernooi in Stuttgart vorige week bracht het duo al weer op de achtste stek van de teamranglijst, waarvoor alle punten vanaf 1 januari bij elkaar worden opgeteld. “We hadden er niet meer op gerekend. Het ging slecht, dus stopten we even samen. Het is voor ons allebei ons brood.” zegt Nijssen, die met dubbellen meer verdient dan hij in het enkelspel bij elkaar sloeg.

De dubbelranglijst wordt voornamelijk bevolkt door oudere spelers, de vijfentwintig voorbij. Niet alleen om nog wat te verdienen. “Dubbel vereist ervaring. Positiespel is belangrijk. De hoeken zoeken en het spel lezen. Dat leer je langzaam. Bovendien duurt het een tijd voor je de juiste partner gevonden hebt met hetzelfde gevoel voor timing”, zegt Nijssen.

Nijssen erkent dat hij zonder wroeging prioriteit geeft aan het dubbel. Enkelspelpartijen speelt hij alleen als zijn programma het toelaat. De vier jaar jongere Hendrik-Jan Davids heeft die beslissing nog niet willen en durven nemen. Hij duikt af en toe een paar weken het circuit van de kleinere toernooien in om punten te vergaren voor de enkelspel-ranglijst. Hij heeft volgens kenners het talent om bij de top-honderd te komen en stond vier jaar geleden nog bijna in de top-200. Maar succes in het dubbel maakt het vrijwel onmogelijk om de kwalificaties voor een volgend toernooi te spelen. Als hij in Hilversum een rondje wint, kan hij niet op zaterdag al in Praag zijn.

“Ik wil nog steeds graag verder komen in het enkelspel”, vertelt Davids die al op zijn twaalfde jaar om zeven uur 's ochtends stond te trainen. “Maar wat ik in het enkelspel verdien, dekt nauwelijks de reis- en verblijfkosten. Daarom moet ik zorgen dat ik in de top-tachtig van het dubbelspel blijf. Ik heb mijn VWO afgemaakt, maar ik weet niet of ik over een paar jaar nog de motivatie heb om te beginnen met studeren. Dan is het prettig als ik wat geld heb om een bedrijf te kunnen beginnen. Daarom speel ik alleen enkelspel als het niet ten koste gaat van mijn dubbelranking.”