De oorsprong en het evolutionaire nut van seks

Nieuw leven, Het begin, Ned. 1, 19.00-19.47u.

Seks is het meest fascinerende verschijnsel dat er bestaat. Het komt voor in talloze bizarre variaties en theoretisch gezien is het een van de boeiendste vraagstukken uit de evolutiebiologie. Eigenlijk bestaat er nog altijd geen bevredigend antwoord op de simpele vraag: waarom seks?

De NCRV brengt deze zomer een vijfdelige serie programma's gewijd aan het thema Nieuw Leven. De eerste aflevering vanavond, getiteld Het begin, behandelt de oorsprong en het evolutionaire nut van seks. Seks, zo laat het programma zien, is gericht op geslachtelijke voorplanting, een proces waarbij een nieuw individu ontstaat uit twee ouders. Beide ouders doneren een speciale, genetisch gehalveerde cel. De cellen versmelten met elkaar en uit het fusieprodukt groeit een nieuw individu _ dat is eigenlijk alles.

Maar op zichzelf is seksuele voorplanting absoluut geen noodzakelijkheid: bacterien planten zich voort door zich simpel in tweeen te delen en vele soorten insekten en gewervelde dieren kunnen zich ook ongeslachtelijk voorplanten (klonen). Een nieuw individu kan dus net zo goed ontstaan uit maar een ouder. En ongeslachtelijke voorplanting biedt op de korte termijn zelfs aanzienlijke voordelen. Het is een veel efficientere manier om meer kopieen van je genen aan de volgende generatie door te geven.

Maar geslachtelijke voortplanting biedt een voordeel dat op de lange termijn doorslaggevend is voor het voortbestaan van de soort, en dat is seksuele recombinatie. In dit proces worden de verschillende varianten van genen in een populatie elke generatie opnieuw herschikt tot unieke individuen. Het gevolg is dat in een veel sneller tempo nieuwe combinaties genen kunnen worden "uitgeprobeerd'. De resulterende erfelijke variatie vormt het uitgangsmateriaal voor natuurlijke selectie.

Het raadsel is nu, welk voordeel seks en recombinatie op de korte termijn hebben. Biologen zijn daarop het definitieve antwoord nog altijd schuldig. Seks mag dan wel een voordeel zijn op een evolutionaire tijdsschaal, maar dat kan nooit de reden zijn waarom het bestaat. De evolutie kan onmogelijk vooruit kijken.

De eerste aflevering van Nieuw begin gaat weliswaar beknopt op dit probleem in, maar blijft daarbij nogal aan de oppervlakte. Het programma roert in sneltreinvaart een lange serie hoogst boeiende onderwerpen aan die elk op zich gemakkelijk een serie zouden kunnen vullen, zoals parthenogenese (maagdelijke geboorte), seksuele selectie en sociobiologie.

Dat gebeurt aan de hand van overwegend zeer boeiende beelden. We zien parende bidsprinkhanen (het mannetje copuleert pas goed zodra zijn kop door het wijfje is opgegeten), het gewoel van de Afrikaanse naakte molrat (een zoogdier met een unieke sociale organisatie), leeuwen, cheetahs, spinnen, bacterien, dwergchimpansees, bijen, neusapen, mensen, schildpadden en nog veel meer.

Het begin scheert qua wetenschappelijke inhoud enigszins langs de oppervlakte, maar wat er over "zelfzuchtige genen', natuurlijke selectie en andere evolutionaire begrippen te berde wordt gebracht is geen onzin. Het is dus wetenschappelijk verantwoorde "natte his' die een groot publiek zal aanspreken.