Klacht tegen warm gewalst staal Hoogovens afgewezen; Mild besluit VS over staaldumping

BRUSSEL/WASHINGTON, 28 JULI. In Brussel is verheugd gereageerd op het besluit van de Amerikaanse handelscommissie (ITC) om slechts 32 van de 74 dumpingklachten van de Amerikaanse staalindustrie tegen buitenlandse producenten toe te wijzen. Volgens de Internationale Handelscommissie is de staalimport uit zestien landen, waaronder Nederland, schadelijk voor de Amerikaanse industrie. Daarmee worden de door het ministerie van handel opgelegde voorlopige heffingen wegens dumping of subsidie nu officieel van kracht. De uitspraak viel veel milder uit dan werd verwacht.

Hoogovens krijgt een heffing van 20 procent op koud gewalst staal. De klacht tegen heet gewalst staal van Hoogovens is niet toegewezen. Hoogovens exporteert twee keer zoveel heet als koud gewalst staal naar Amerika. Een dochter van Hoogovens in Ohio kan heet gewalst staal veredelen door het koud te laten walsen.

Volgens EG-commissaris Sir Leon Brittan betekent de uitspraak een wezenlijke bijdrage aan het uit de wereld helpen van een zeer ernstig handelsconflict. Bronnen in de staalindustrie noemen het opvallend dat alle klachten op het gebied van warmgewalst en koudgewalst staal tegen Frankrijk zijn verworpen, terwijl de Franse producenten aanvankelijk werden bedreigd met relatief zeer hoge strafmaatregelen. Parijs had al gewaarschuwd dat de Amerikaanse heffingen een zware hypotheek zouden leggen op de GATT-onderhandelingen over een wereldwijd handelsakkoord.

Nu het besluit van de ITC zo gunstig uitvalt, zullen de Fransen die koppeling niet meer leggen en dat verhoogt de kansen op een succesvolle afronding van de GATT-besprekingen, zo wordt verwacht. “De uitspraak toont aan dat de Fransen met hun keiharde opstellingen tegenover de Amerikanen toch succes hebben geboekt”, aldus een zegsman.

Ook voor het Nederlandse Hoogovens, dat in totaal ongeveer 10 procent van zijn omzet in de VS behaalt, betekent de uitspraak een meevaller. “Verheugend is dat de leveringen door Hoogovens van warmgewalste rollen - ons belangrijkste exportprodukt naar de Amerikaanse markt - definitief zijn vrijgesteld van enigerlei heffing”, aldus een persverklaring. Dat betekent nog niet dat Hoogovens tevreden is. De ITC heeft namelijk wel de strafmaatregel wegens dumping bevestigd voor koudgewalste platen. Daarmee wordt de al eerder opgelegde voorlopige antidumpheffing vanaf volgende week omgezet in een definitieve heffing van 20,09 procent. Hoogovens overweegt tegen deze “volstrekt ongegronde” maatregel in beroep te gaan. De Amerikaanse advokaat van Hoogovens, Peter Suchman, wil nog de motivering zien alvorens te adviseren over een eventueel hoger beroep bij de Amerikaanse Handelsrechtbank.

Volgens EG-commissaris Brittan bewijst de uitspraak van de ITC dat de klachten van de Amerikaanse industrie en de meegaande ractie van de Amerikaanse overheid op die klachten ongerechtvaardigd waren. Overigens wil de EG-commissaris de beslissingen nog nader bestuderen en behoudt hij zich namens de EG alle rechten voor om te reageren. Ook in kringen van de Europese staalindustrie wordt de uitspraak uitgelegd als een gevoelig gezichtsverlies voor de Amerikaanse staalbedrijven, en als een succes voor de harde Franse opstelling. “In feite moet je zeggen dat de Amerikanen op hun bek zijn gegegaan”, aldus een zegsman.

De staalexport naar de VS van Oostenrijk, Argentinië, Nieuw-Zeeland en Italië gaat vrijuit. Zestien landen, waaronder Engeland, België, Brazilië, Frankrijk, Finland, Duitsland, Zuid-Korea, Polen, Roemenië, Spanje, Polen, Zweden en Japan kregen gedeeltelijke of volledige veroordelingen. Ook de verhoopte handelspartners van het Noordamerikaanse handelsverdrag, Canada en Mexico, werden veroordeeld. Sommige landen, zoals Portugal, hadden zich al eerder teruggetrokken uit de Amerikaanse markt, omdat ze geen geld of bureaucratische energie hadden voor de tientallen miljoenen dollars kostende procedures die tegen de Amerikaanse overheid moeten worden gevoerd.

De Amerikaanse staalfabrieken zijn in hoger beroep gegaan in de 42 zaken die ze hebben verloren. De coalitie van twaalf klagende Amerikaanse staalfabrieken had erop gerekend via een klachtenprocedure alle buitenlandse concurrenten uit de markt te kunnen drukken. Nu voorspellen sommigen zelfs een vergroting van het buitenlandse marktaandeel. Volgens een van de leden van de Handelscommissie speelde het geringe aandeel van slechts 6 procent in de Amerikaanse markt van buitenlandse staalproducenten een grote rol. De Amerikaanse staalfabrieken ondervinden tot nog toe de meeste concurrentie van moderne Amerikaanse minifabrieken met niet in vakbonden georganiseerde werknemers. Op 9 augustus wordt de motivering van de Handelscommissie vrijgegeven. Na afloop van deze procedure moeten de Amerikaanse staalgiganten een jaar wachten voor ze weer een nieuwe kunnen aanspannen. Nu de procedure niet geheel naar wens is verlopen, willen de Amerikaanse staalfabrieken misschien overgaan op "vrijwillige' marktafspraken met buitenlandse staalproducenten.