Bevindelijken staan alleen als het gaat om positie "mannin'

DEN HAAG, 28 JULI. In de recente discussie binnen de SGP, de partij der "bevindelijken', over de positie van de vrouw - of "mannin', zoals ze in Genesis wordt genoemd - spelen enkele teksten uit dat eerste bijbelboek en brieven van de apostel Paulus een hoofdrol.

SGP-partijvoorzitter ds. W. Chr. Hovius zegt over de voorstellen om het partijlidmaatschap voor vrouwen onmogelijk te maken: “Wij baseren ons op de bijbel. Daar staat dat het regeerambt aan de man is voorbehouden. De SGP discrimineert niet, maar de bijbel discrimineert. Wij zijn gewoon consequent.” Vertegenwoordigers van de twee andere kleine christelijke partijen, GPV en RPF, zeggen dat andere interpretaties van de bijbel mogelijk zijn.

In een brief vorige week aan de leden somt het SGP-bestuur een groot aantal bijbelteksten op. Zo wordt onder meer Genesis 2 vers 21 aangehaald: "En de Here God bouwde de rib die hij uit de Mens genomen had tot een vrouw en Hij bracht haar tot de mens'. Hieruit blijkt volgens het bestuur dat “de vrouw is geschapen na, om en uit de man”.

Na omzwervingen langs kanttekeningen van de Statenvertaling en commentaren van Calvijn komt het hoofdbestuur uit bij de brief van de apostel Paulus aan de gemeente van Efese (hoofdstuk 5:24): “Welnu, gelijk de gemeente onderdanig is aan Christus, zo ook de vrouw aan haar man in alles.”

De bijbelteksten worden in andere protestantse stromingen anders genterpreteerd. Zo zegt E. van Middelkoop, Tweede Kamerlid voor het GPV, de partij der gereformeerd-vrijgemaakten: “De SGP maakt de grondfout door bijbelse regels over de relatie tussen man en vrouw die zijn bedoeld voor het huwelijk of de relaties in de kerk, over te planten op alle overige samenlevingsvormen daarbuiten.” Van Middelkoop verwijt de SGP verder een “niet geoorloofde theologische stap” te zetten door uit de chronologie van de schepping van man en vrouw in Genesis 2 een hiërarchische verhouding tussen de twee te destilleren. Van Middelkoop, socioloog van huis uit: “Dat is bijbelteksten erbij slepen voor een al ingenomen standpunt.”

Van Middelkoop zegt het een “raadsel” te vinden waarom de huidige discussie binnen de SGP is ontstaan, al zag hij al eerder tekenen van “conservatieve radicalisering” bij de achterban van de SGP. “Dat uitte zich al langer, onder meer in omgangsvormen en kleding.”

Van Middelkoop verwacht niet dat het liberalere GPV electoraal garen zal spinnen bij de discussie in de SGP. “Uiteindelijk zullen veel vrouwen het standpunt van het hoofdbestuur kunnen billijken.”

A. van der Berg, partijvoorzitter van de RPF, zegt het “jammer” te vinden “dat een zusterpartij zo in de perikelen zit. Dat kan de samenwerking die wij nastreven tussen de drie kleine christelijke partijen schaden”. Hij vestigt zijn hoop op andere krachten binnen de SGP zoals die van mevrouw Grabbijn en oud-Kamerlid Van Rossum die zich tegen het standpunt van het hoofdbestuur verzetten.

Ook Van der Berg denkt dat de bijbelteksten die worden aangehaald in de eerste plaats zijn bedoeld voor huwelijk en gezin. “Nergens in de bijbel staat dat de vrouw geen regeermacht zou mogen uitoefenen”, aldus Van der Berg. Een en ander betekent niet dat de vrouw binnen het gezin nu volgens de RPF een onderdanige plaats moet innemen. Van der Berg: “In Genesis staat ook over de vrouw dat ze een "hulpe tegenover u' is. De man mag dan het hoofd van het gezin zijn, maar dat betekent nog niet dat de vrouw een onderdanige positie moet innemen.”