Verbazing in Suriname niet algemeen

ROTTERDAM, 27 JULI. De verbazing die de regering in Paramaribo tentoonspreidt over het Nederlandse besluit om de betalingsbalanssteun op te zeggen, is niet algemeen. E. Brunings van de Democratische Partij zei gisteren dat hij en andere assembleeleden al hadden zien aankomen dat dit zou gebeuren. Minister Sedoc (planning en ontwikkelingssamenwerking) heeft volgens hem die voorspellingen steeds in de wind geslagen. Op 22 juni had Sedoc tijdens een interpellatie over het aanpassingsplan verklaard dat er niets aan de hand was. Waarschuwingen van verschillende assembleeleden dat Nederland Suriname richting IMF zou sturen had hij naar het rijk der fabelen gezonden.

Directe aanleiding voor het besluit van de Nederlandse regering om de betalingsbalanssteun per 1 augustus op te zeggen, is een brief van de Europse commissaris Marin van ontwikkelingssamenwerking aan het kabinet, waarin staat dat de Commissie geen heil ziet in het begeleiden van het Surinaamse aanpassingsprogramma.

In kringen van de EG klonken al sinds dit begin dit jaar sombere geluiden over het gebrek aan voortgang dat Suriname met de economische sanering maakt. Op een aantal terreinen zijn maatregelen uitgebleven. Afgelopen juni toonde EG-vertegenwoordiger B. Petit zich tijdens een bezoek aan Paramaribo “zeer bezorgd”. Vooral het uit de hand lopende overheidstekort en de hiermee gepaard gaande monetaire financiering (het drukken van geld) was onderwerp van kritiek van de EG. Vertegenwoordigers van de EG hadden dit voorjaar al verschillende malen tevergeefs aangedrongen op het verstrekken van kwantitatieve gegevens over de begroting.

De monetaire financiering had volgens plan per 1 januari moeten worden gestaakt. Maar sindsdien is het overheidstekort verder opgelopen en draaien de geldpersen nog steeds. Het tekort, dat dit jaar zou worden teruggedrongen naar 300 miljoen Surinaamse guldens is inmiddels al weer opgelopen tot circa 600 miljoen. En het zal naar verwachting nog verder groeien, onder meer door een onlangs toegekende salarisverhoging aan ambtenaren (kosten 120 miljoen Surinaamse guldens).

Voorts werd de loonbelasting onlangs na druk van de vakbeweging verlaagd, wat de schatkist 70 miljoen Surinaamse guldens kost. Verder heeft de regering nagelaten een aantal inkomstenverhogende maatregelen te nemen, waaronder een verhoging van invoerrechten. Ook een reorganisatie van de belastingdienst heeft niet zijn beslag gekregen. De slecht functionerende dienst moet over de afgelopen jaren nog 1,5 à 2 miljard Surinaamse guldens innen.

Nederland heeft bepleit dat Suriname een vaste wisselkoers aanhoudt, belastinghervormingen doorvoert en overheidsalarissen en aantallen ambtenaren herziet. Naast betalingsbalanssteun helpt Nederland Suriname met kleine projecten tot een totaal van enkele tientallen miljoenen guldens. Suriname heeft sinds de onafhankelijkheid nog recht op 1,3 miljard gulden.

Den Haag heeft Paramaribo aangeraden de Wereldbank en het Internationale Monetaire Fonds te benaderen om een nieuw aanpassingsprogramma op te stellen en te vragen of deze instellingen het "monitorschap' op zich te nemen. Het Nederlandse kabinet heeft er behoefte aan dat een internationale instelling de economische herstructurering begeleidt. In bilaterale gesprekken is er op gewezen dat Paramaribo er verstandig aan doet die hulp van buitenaf te zoeken, zo zeggen ambtenaren die bij die onderhandelingen betrokken waren.

De Surinaamse regering is nogal huiverig voor de internationale monetaire instellingen. Volgens haar zouden IMF en Wereldbank te weinig oog hebben voor de sociale gevolgen van de economische saneringen. Een broze democratie als de Surinaamse zou dergelijke spanningen niet overleven, zo was de redenering. Inmiddels zouden Wereldbank en het IMF, ook volgens Ontwikkelingssamenwerking, meer oog hebben gekregen voor de sociale gevolgen van aanpassingsprogramma's.

Een bedrag van 150 miljoen gulden bestemd “om de ongewenste sociale effecten van het aanpassingsprogramma zo goed mogelijk op te vangen”, is nog niet overgemaakt omdat de uitvoering en inhoud van een steeds weer bijgesteld aanpassingsprogramma Den Haag niet bevalt.