Ministers denken na over debat Bosnië

DEN HAAG, 27 JULI. Minister Kooijmans (buitenlandse zaken) besluit vanavond of hij terugkomt van vakantie voor een debat over de toestand in Bosnië, donderdagochtend in de Tweede Kamer.

Minister Ter Beek (defensie) is van mening dat hij niet bij het debat aanwezig hoeft te zijn omdat de Tweede Kamer al voldoende genformeerd zou zijn en ook haar fiat al heeft gegeven aan een nieuwe gevechtstaak voor Nederlandse F-16's: het vanuit de lucht beschermen van VN-personeel dat in Bosnië veilige zones inricht voor Bosnische moslims. De Tweede Kamer heeft alleen minister Pronk uitgenodigd, die deze week ook premier Lubbers vervangt.

Adviseurs van minister Kooijmans op Buitenlandse Zaken hebben aangedrongen op zijn terugkeer omdat tijdens het overleg in de Tweede Kamer ook een aantal aspecten van de Nederlandse buitenlandse politiek aan de orde kan komen. Zij zouden niet graag zien dat minister zonder portefeuille Pronk dat voor zijn rekening neemt.

Minister Pronk (ontwikkelingssamenwerking) zei gisteren dat hij weliswaar voorstander is van de aanwezigheid van Kooijmans en Ter Beek bij het ingelaste debat maar dat hij ook mans genoeg is om de vragen van de parlementariërs zelf te beantwoorden. Volgens Pronk lopen de scheidslijnen tussen buitenlandse, defensie- en ontwikkelingspolitiek in een zaak als Bosnië nu eenmaal door elkaar heen.

Als Kooijmans terugkeert, dan zal ook Ter Beek aanwezig zijn bij een debat van de commissies buitenland, defensie en ontwikkelingssamenwerking. Met dit overleg neemt de Kamer een voorschot op de voorstellen van de commissie-Deetman die pleit voor één commissie internationale zaken, waarin ook over humanitaire hulpverlening, noodhulp en VN-acties zal worden overlegd.