"Islamitisch Verzet' verrassend succesvol

Negen jaar geleden besefte de Israelische legerleiding dat Libanon een hopeloos moeras was, waaruit men zich zo snel mogelijk moest terugtrekken om er niet nog verder in te worden weggezogen. Daarmee kwam een eind aan de droom om een pax Israelica in Libanon te vestigen en met dat bevriende land binnen afzienbare tijd vrede te sluiten. Het Israelische leger trok zich dus terug en hield alleen alleen de zuidelijke grensstrook bezet. Deze "veiligheidszone' was bedoeld om te verhinderen dat de dorpen en steden in noord-Israel opnieuw met raketten zouden worden gebombardeerd.

Maar nu blijkt de veiligheidszone helemaal niet die veiligheid te bieden die de Israelische legerautoriteiten ervan hadden verwacht. De aanvallen en aanslagen vanuit zuid-Libanon op de veiligheidszone en op Israel zelf zijn het afgelopen jaar dramatisch toegenomen: zowel in kwaliteit, als in kwantiteit. En de Israelische strafacties bleken niet langer erg afschrikwekkend te zijn: het aantal slachtoffers onder de Israelische militairen en hun bondgenoten van het Zuidlibanese Leger (SLA) nam toe en het aantal slachtoffers onder hun belagers nam af. De verhouding werd 1:2.

Die geleidelijke machtsverandering werd veroorzaakt door wijzigingen in de structuur van de radicaal-shi'itische beweging Hezbollah en de sterk opgevoerde militaire steun door Iran. Sinds enkele maanden is Hezbollah niet langer uitsluitend verantwoordelijk voor de strijd tegen de Israelische bezetters. Die strijd wordt nu vooral gevoerd door "Islamitisch Verzet', voorheen de militaire arm van Hezbollah, maar thans een aparte en ultra-geheime club, bestaande uit enkele honderden mannen die in Iran een gedegen militaire opleiding hebben gekregen.

Zij hebben uit Iran, maar via Syrië, nieuwe wapens ontvangen: de Sagger-3 anti-tank-raketten, de SAM-7-luchtafweer-raketten, 60 mm-, 81 mm- en 120 mm mobiele mortieren, alsmede diverse soorten Stalin-orgels met hun katjoesja-raketten. Daarmee zijn zij in staat de tank- en artillerie-aanvallen van Israel en het SLA te beantwoorden. Bovendien hebben zij thans de beschikking over allerlei luchtdoelraketten, wellicht zelfs de door de VS aan de Afghaanse mujaheedin geleverde Stingerraketten die van de schouder worden afgeschoten. Als gevolg daaarvan kan de Israelische luchtmacht niet langer op lage hoogte bombarderen. Zelfs het Israelische overwicht op het gebied van zware wapens dreigt nu ongedaan te worden gemaakt. De VN-militairen van het Unifil hebben namelijk geconstateerd dat "Islamitisch Verzet', naast Franse en Amerikaanse anti-tank-raketten, ook Nederlandse nachtapparatuur in gebruik hebben.

"Islamitisch Verzet' kon, dankzij die veel betere bewapening en betere opleiding, zijn operaties aanzienlijk opvoeren. Het paste niet langer de oude guerrilla-taktieken toe van een schot hier en een bom daar, maar sloeg toe met goed gecoördineerde infanterie-aanvallen van verschillende groepen. Ook zijn bomaanslagen zijn een stuk gemoderniseerd. De bommen worden nu op vele kilometers afstand radiografisch tot ontploffing gebracht. En zijn communicatiemogelijkheden zijn uitmuntend. Militaire deskundigen zijn zelfs van mening dat "Islamitisch Verzet' op dat gebied nummer twee in de regio is, direct na Israel.

Het besluit om 'Islamitisch Verzet' onafhankelijk van Hezbollah te laten opereren was het gevolg van de successen van de Israelische geheime dienst Hezbollah te infiltreren. Dat kwam mede door de groeiende interne tegenstellingen binnen Hezbollah, dat - precies zoals haar Iraanse betaalmeesters - verdeeld raakte in elkaar fel bestrijdende facties.

Die verdeeldheid, die er altijd al was, nam toe nadat de organisatie besloten had een politieke partij te worden, en als zodanig deel te nemen aan de Libanese parlementsverkiezingen. De "nationaal-Libanese' stroming, die met de Libanese maatschappelijke realiteiten rekening wil houden en dus niet onmiddellijk streeft naar de invoering van de shari'a, de islamitische wetgeving, is in conflict met de "Iraanse stroming', die de idealen van de Islamitische Revolutie nauwgezet aanhangt. Maar de "Iraanse stroming' is op haar beurt weer diep verdeeld: sommige sjeiks volgen de aanwijzingen van de Iraanse president Rafsanjani, anderen de ideeën van Rafsanjani's ideologische tegenstander Ali Akhbar Mokhtashami, vroeger minister van binnenlandse zaken van Iran en daarvoor ambassadeur in Damascus. Hij onderhoudt nog steeds zeer nauwe contacten met diverse mensen in Hezbollah, wat geen wonder is omdat hij, op bevel van imam Khomeiny, de beweging hielp opzetten.

De successen van "Islamitisch Verzet' blijken aanstekelijk te werken. De Hezbollah-aanhang in zuid-Libanon is de laatste tijd toegenomen. Vaak zijn de apothekers, de artsen, de onderwijzers en de geestelijken in de dorpen de plaatselijke Hezbollah-leiders. Zij bepalen in deze nog steeds zeer traditionele en doodarme samenleving hoe de sociale zorg van Hezbollah verspreid wordt en zij hebben daardoor veel macht en aanzien gekregen. Maar zij zorgen er ook voor dat de katjoesja-raketten en de andere wapens op ezeltjes of in personenauto's naar de dorpen worden gebracht, waar enthousiaste leden van Hezbollah ze in hun achtertuinen vaak niet zo erg gericht afschieten. Hun ongecoördineerde acties maken het beeld buitengewoon gecompliceerd: zowel voor Israel, als voor "Islamitisch Verzet'. Onlangs mislukten zelfs een paar goed opgezette aanvalsacties van "Islamitisch Verzet', omdat de Hezbollah-aanhang die van niets wist, zich in de strijd mengde.

Maar "Islamitisch Verzet' kan over het geheel genomen niet anders dan tevreden zijn over de groeiende strijdlust tegen Israel, die nu ook - volgens Israelische deskundigen - de sterk gedemotiveerde Palestijnse en Arabisch-nationalistische strijdgroepen in zuid-Libanon nieuwe moed heeft ingeblazen. Zo probeert het Volksfront voor de Bevrijding van Palestina (PFLP) van dr George Habbash en het Democratisch Front voor de Bevrijding van Palestina (DFLP) van Nayyef Hawatmeh, die toch bepaald geen voorstanders zijn van een islamitische Goddsstaat, werkafspraken met Hezbollah te maken. Ahmed Jabril, die, werkzaam voor de Syrische geheime dienst, het Volksfront voor de Bevrijding van Palestina-Algemeen Commando aanvoert en als zodanig al een hele reeks terroristisch acties op zijn naam heeft, was al enige tijd geleden via Iran met Hezbollah een samenwerkingsverband aangegaan.

De door Iran aangemoedigde en door Syrië getolereerde aanvallen van Hezbollah en "Islamitisch Verzet' van de afgelopen maanden hadden twee doelen: een Israelische wraakactie uit te lokken en het vredesproces te saboteren. Het eerste doel is bereikt: premier Rabin van Israel kon het zich op grond van binnenlandse overwegingen niet langer veroorloven passief te blijven bij het groeiende aantal Israelische slachtoffers. Hij stond onder steeds grotere druk van zijn generale staf en de dorpen en steden in noord-Israel om actie te ondernemen. Hij heeft thans - om de fouten van zijn voorganger op defensie, Ariel Sharon, in 1982 niet te herhalen - een ingebouwde rem op de operatie gezet. Als de aanvallen van Hezbollah en "Islamitisch Verzet' stoppen, komt er geen Israelische landactie en worden de bombardementen gestaakt.

Dat betekent dat de Syrische president Hafez al-Assad nu voor de keuze wordt gesteld: een (voorlopig) eind te gelasten aan de operaties van "Islamitisch Verzet' of een (voorlopig) eind te maken aan het vredesproces met Israel. Alle tekenen wijzen erop dat Assad niet voor de laatste optie kiest, omdat hij - onder de huidige machtsverhoudingen in het Midden-Oosten - niet met de Amerikanen kan of wil breken. Het vredesproces is immers voor Assad de enige mogelijkheid om aansluiting te zoeken bij het Westen. De verwachting is dan ook dat wat thans op een oorlog in Libanon lijkt, in feite niets anders is dan één van de talloze bloedige incidenten, waaraan het Midden-Oosten zo rijk is.