Basketbal om te studeren, netbal om de wereld te zien

ROTTERDAM, 27 JULI. De Spaanse profsporter toont zijn trots na de laatste wedstrijd. Zijn sport krijgt in Den Haag op de World Games tot zijn ergernis evenveel aandacht als touwtrekken. Santi Carda speelt rolhockey, in Spanje net zo populair als baketbal. “Wij vechten voor een plaats op de echte Olympische Spelen”, zegt Carda. “Ook op de Spelen zijn de verschillen groot, maar hier is het verschil in ontwikkeling van de sporten wel heel erg groot.”

De World Games zijn voor Carda geen hoogtepunt in zijn carrière. Vorig jaar was rolhockey demonstratiesport in Barcelona, half september volgt het wereldkampioenschap. Hij won met zijn Catalaanse club Igualada de Europa Cup en is gewend iedere week voor duizenden toeschouwers te spelen. In Den Haag kwamen het afgelopen weekeinde nog duizend man kijken naar touwtrekken, maar zaten gisteren slechts honderdvijftig mensen in de Houtrusthal op de tribune bij Spanje-Italië en Nederland-Duitsland en nauwelijks meer mensen bij het gelijktijdig afgewerkte korfbal tussen Nederland en de Verenigde Staten. Gistermiddag werd het casting gevolgd door drie toeschouwers en één cameraploeg. De enige evenementen waar de publieke belangstelling het predikaat topsport eer aan doet, zijn de klassieker Nederland en België (korfbal), vanavond, en het bodybuilding, komend weekeinde.

De Nederlandse rolhockeyer Paul de Wit, die met twee fraaie doelpunten een belangrijk aandeel had in de 6-2 overwinning op Duitsland, laat de geringe belangstelling koud. Die was nog altijd het drievoudige van de aandacht voor een Nederlandse competitie-wedstrijd. De Wit (24 jaar) speelde zijn hele jeugd naast rolhockey ook het bekendere ijshockey. Hij haalde daarmee de nationale jeugdselectie en zijn toenmalige teamgenoten speelden dit jaar mee aan de B-wereldkampioenschappen in Eindhoven. “Maar ik vindt rolhockey leuker. Met een bal kan je meer doen dan met een puck. De tactiek op het veld is verrassender, met meer positiewisselingen. Het nadeel is dat je meer blessures oploopt omdat je nauwelijks bescherming draagt.”

In de andere zaal heeft de Canadese Andrea Jackson voor het eerst van haar leven een korfbalwedstrijd gezien, een variant op het netbal dat zij beoefent. “Het lijkt op elkaar, maar ik zou wel moeten leren schieten om mee te kunnen doen. Bij netbal schieten maar twee speelsters van het team.”

Ook de 25-jarige Jackson heeft een keuze uit twee sporten, die nogal verschillen in populariteit. Met basketbal verdiende ze een beurs aan een Anerikaanse universiteit. Als het seizoen is afgelopen begint de training voor netbal, een sport die zich vanuit Engeland over de landen van het Gemenebest heeft verspreid. Met het Canadese team bezocht ze bijvoorbeeld Australië, Jamaica en nu Nederland. Om het Canadese basketbalteam te halen, zou ze zelf haar reiskosten van de west- naar de oostkust moeten betalen om aan een trainingskamen mee te kunnen doen. Dankzij basketbal studeert ze, dankzij netbal reist ze. De belangstelling van het publiek is deze week ondergeschikt aan het plezier dat ze in haar sport heeft. “We hebben onze eigen World Games - de wereldkampioenschappen - waar wel veel mensen komen kijken.”