Grafiekbiënnale overlaadt de bezoeker met middelmaat

MAASTRICHT, 24 JULI. "Vierduizend kunstwerken, maar nauwelijks bezoekers'. Zo vatte het dagblad De Limburger vorige week in een kop het probleem samen waarmee de Eerste Internationale Grafiek Biënnale in Maastricht kampt.

Eerste Internationale Grafiek Biënnale, MECC Maastricht. T/m 8 aug, dagelijks van 10-18u.

Het faillissement zou daardoor dreigen voor het bedrijf ArtLease van beursorganisator Ad Nuyten (53) uit Vollenhove, dat voor een belangrijk deel garant staat voor de 1,5 miljoen gulden die de grafiekbeurs heeft gekost. Tot nu toe zijn ongeveer 5.000 mensen komen kijken in de beurshal van het MECC, terwijl voor de hele beurs van 25 juni tot 8 augustus op 50.000 gerekend is. Toch is Nuyten inmiddels weer optimistischer: “Nee, failliet ga ik niet. Het begint langzaam te lopen, er komen meer mensen. En zij die komen, kopen meer grafiek dan verwacht.” 10 procent van de verwachte bezoekers heeft al voor 30 procent (140.000 gulden) van de verwachte omzet (vier ton) gezorgd. De verbeterde opkomst is te danken aan het slechtere weer, denkt hij. Bovendien krijgt de beurs inmiddels meer publiciteit, onder meer in België en op de tv in Nederland.

Dat misschien het gigantische aanbod van kunstwerken de mensen afschrikt - ongeveer 3500 bladen grafiek van 2500 kunstenaars uit tachtig landen, te zien over een wandlengte van 2,5 kilometer in een MECC-hal van 10.000 vierkante meter - en dat het gros van de werken wellicht van middelmatige kwaliteit is, daarvan wil hij niets weten. “De mensen kunnen hier zelf kiezen wat ze mooi vinden. We hebben centraal in de hal een jurykeuze gepresenteerd, en daaromheen de overige inzendingen, gegroepeerd naar land van herkomst. Ik heb veel meer werk toegestuurd gekregen dan ik verwacht had, en ik wilde het publiek dat allemaal niet onthouden.”

Nuyten, die als assuradeur verbonden is aan een adviesbureau in Vollenhove, interesseert zich voor met name ex-librissen en grafiek van klein formaat. Hij bezocht daarom al jarenlang - “ook vóór de ommezwaai” - grafiekbiënnales in het oostblok, zoals in Krakau (Polen) en Varna (Bulgarije). Hij zette ArtLease op, een firma die grafiek verhuurt aan bedrijven. Ook wil hij dit najaar in Vollenhove een museum beginnen voor ex-librissen en kleingrafiek.

Langzaam groeide bij hem het idee om, net als in Oost-Europa (en Engeland en Noorwegen) in Nederland een internationale grafiekbiënnale op te zetten, “naar het model van die in Krakau”. Zijn organisatie schreef in totaal 7500 kunstenaars aan meer dan tachtig landen, van China tot de Verenigde Staten, van Bahrein tot Albanië. Ruim tweeduizend kokers met grafiek werd hem toegestuurd.

De Eerste Internationale Grafiek Biënnale in Maastricht biedt zodoende een breed overzicht van wat er in doorsnee grafiek-ateliers over de hele wereld gemaakt wordt. Werk van topkunstenaars uit het moderne museum- en galeriecircuit is er niet bij. Dat zou tot verrassende ontdekkingen kunnen leiden, maar dat is bij deze tentoonstelling niet echt het geval. De meeste grafici op de Internationale Grafiekbiënnale in Maastricht lijken zich meer te bekommeren om technische bekwaamheid dan om het maken van boeiende beelden. Dat betekent enerzijds veel meer of minder geslaagde pogingen om licht surrealistische beelden te maken, en anderzijds een groot aantal abstracte kleur- en vormspelletjes die niet altijd even krachtig zijn.

Dat neemt niet weg dat het toch aardig is om hedendaags werk te zien uit zoveel landen, waar je zelden grafiek uit ziet. Met name het werk van hedendaagse Chinese grafici valt op. Het is in de context van het werk van de westerse en Oosteuropese grafici, waarover een waas van bruine en blauwe inkt lijkt te hangen, zelfs verfrissend. In Nederland is niet eerder zo'n groot aanbod van hedendaagse grafici uit de Volksrepubliek China te zien geweest. Er is een aantal houtdrukken in de traditionele Chinese stijl, illustratieve kleurige linosnedes met folkloristische onderwerpen en pogingen om meer bij de westerse beeldtaal aan te sluiten.

De minste indruk maakte de keuze van de "internationale jury', waarin ook bekende Nederlandse grafici als Fons Klement zitting hadden (en van wie, net als van Ru van Rossem, ook werk te zien is). In tegenstelling tot wat de ondertitel van de biënnale suggereert, "Het Nieuwe Zien', valt er helemaal niets nieuws te zien bij de prijswinnaars: geen nieuwe ontwikkeling, geen nieuwe trend in de grafiek. Nu hoeft dat ook niet - “The one thing that the public dislikes is novelty”, schreef Oscar Wilde - maar dan is het onverstandig de suggestie te wekken. De ondertitel Global Graphics was voldoende geweest.

Mocht er een volgende grafiekbiënnale in Maastricht komen, dan zou een artistiek interessantere keuze voor zo'n kleine centrale tentoonstelling naast het grote beursaanbod een pré zijn. De lage prijzen (voor een paar honderd gulden zijn al prenten te koop) zouden wel gehandhaafd moeten blijven.