Foto's en films van herontdekte kunstenaar in Boymans-van Beuningen; Bas Jan Ader: diepzinnig als een kind

Tentoonstelling: Bas Jan Ader. T/m 29 aug. in Museum Boymans-van Beuningen, Rotterdam. Di t/m za 10-17u, zo 11-17u.

In 1970 verstuurde Bas Jan Ader vanuit zijn woonplaats in Californië een schokkende foto naar vrienden en bekenden. Ader huilt ingetogen, zijn ogen zijn gesloten, zijn linkerhand ondersteunt zijn hoofd. "I'm too sad to tell you', schreef Ader in de rechterbenedenhoek. Onder dezelfde titel maakte de kunstenaar een jaar later ook een twee minuten en vijf seconden durende stomme film. Daarop vecht hij tegen zijn tranen, maar hij verliest. Het is hartverscheurend.

Het bekijken van Aders foto en film is op de eerste plaats een kwelling. Waarom hij huilt is niet te achterhalen en je kunt hem niet troosten. Misschien is de enige manier de kwelling van het beeld te verminderen, je in de kunstenaar te proberen te verplaatsen, het beeld te vullen met eigen verdriet. Dan wordt de kwelling zoet. Maar als je nog eens naar film of foto kijkt, wint de nieuwsgierigheid het van de emotie: hoe ziet iemand die huilt er eigenlijk uit?

Ader heeft meer gebeurtenissen weergegeven die doorgaans als de uitkomst van een verhaal worden gepresenteerd, los, zonder enige context. Vooral de val is onderwerp geweest van enige foto's en films. Sommige door Ader uitgevoerde vallen hebben een komisch effect, zoals op het dertien seconden durende filmpje uit 1970 waarop Ader een Amsterdamse gracht in fietst. Gruwelijker is de installatie Light vulnerable objects threatened by eight cement bricks uit datzelfde jaar. Boven voorwerpen als eieren, gloeilampen en een taart hing Ader grijze bouwblokken aan touwen. Op een gegeven moment sneed hij de touwen door. De uitkomst laat zich raden. Zoals vaker bij Ader geeft de titel precies aan wat er in een installatie, een foto of een film gebeurt.

Bas Jan Ader heeft niet veel meer dan 35 kunstwerken gemaakt. “Ik weet van gesprekken die we vroeger in Californië voerden, dat je weinig moest weten van zomaar wat produceren om door herhaling tot duidelijkheid te geraken,” schreef zijn vriend Ger van Elk over hem. Ader verdween in 1975, op 33-jarige leeftijd, tijdens een solo-zeiltocht van Amerika naar Engeland, onderdeel van zijn project In search of the miraculous. Zijn werk was na zijn verdwijning slechts mondjesmaat op thematische tentoonstellingen te zien.

In 1988 werd Ader als conceptuele kunstenaar "herontdekt". Toen wijdde het Stedelijk Museum in Amsterdam een tentoonstelling aan hem en verscheen er een gedegen monografie door Paul Andriesse. In 1992 liet Andriesse een paar werken van Ader zien in zijn galerie in Amsterdam en gaf hij een boekje uit met teksten en foto"s van diens performance The Boy who Fell over Niagara Falls. Nu is er in Museum Boymans-van Beuningen een tentoonstelling van Aders werk te zien; uit eigen bezit, want een jaar geleden kocht dit museum van de erven Ader acht fotowerken en zeven films en kreeg de beschikking over het overige nagelaten originele filmmateriaal. Zelfs aangevuld met twee bruiklenen van de Rijksdienst Beeldende Kunst vult het werk net een zaaltje in het Boymans. Ader heeft niet veel gemaakt, maar alles wat hij maakte was goed: ontroerend precies en onbeschaamd romantisch. Hij durfde als een kind diepzinnig te zijn.

Aders meest vruchtbare jaren waren 1970 en 1971. Daarna gaf hij les op verschillende kunstacademies in Californië en raakte hij gefascineerd door speculeren, waarmee hij veel geld verloor. In 1973 maakte Ader in Los Angeles het eerste deel van In search of the miraculous, een fotoverslag van een nachtelijke tocht door de stad van Ader en een zaklantaarn. Op de foto's schreef Ader delen van de tekst van het lied Searchin' van de Coasters uit 1957. Op de laatste foto staat de kunstenaar op het strand. Het tweede deel van zijn tocht naar het wonderbaarlijke heeft Ader niet afgemaakt. De laatste ansichtkaart die hij verzond aan zijn galerie Art & Project toont een lege, door de zon tot schitteren gebrachte zee.