Lakmoesproef

Plays International, Volume 8, no. 11. Prijs ƒ 12,50.

Al jarenlang stelt de in Nederland woonachtige regisseur en acteur Adrian Brine de lezers van het Engelse maandblad Plays International op de hoogte van het wel en wee van het Nederlandse toneel. Omdat het Nederlandstalige theater ook Vlaanderen omvat, heeft hij voor zichzelf een pseudoniem gecreëerd: Pierre Lepoutre. Zijn rubriek heet afwisselend "Adrian Brine in Holland' en "Pierre Lepoutre in Brussels'.

Plays International is met geen Nederlands toneelmagazine te vergelijken. Van Nederland Toneel verschilt het omdat het volstrekt onafhankelijk is van de gezelschappen, dus geen heimelijk reclamebulletin. En het heeft een breder bereik dan het zich in een beperkte wereld afspelende Toneel Theatraal. Bovendien zijn de artikelen scherp en met Schwung geschreven.

Adrian Brine schetst vaak een knap beeld van de perikelen in het Nederlandse toneel, dat de lezers aan de overkant moet verbazen, misschien wel doet hoofdschudden of in lachen uitbarsten. Critici komen er slecht vanaf, zeker in het juni-nummer. Brine stelt dat de Nederlandse criticus zich blind staart op het begrip visie - het toverwoord van de recensent.

Als voorbeeld haalt hij de regie aan van Medea door Ursel Herrmann bij het Zuidelijk Toneel. De voorstelling was een succes, maar de recensenten wezen het af. Mevrouw Herrmann had geen visie. Enkele seizoenen geleden deed Gerardjan Rijnders de Medea zodanig dat het slot aan het begin zat en heel de handeling als een flash-back gold. Adrian Brine: “Visie is een soort van lakmoes-proef waarmee de recensenten een voorstelling beoordelen. (-) Mevrouw Herrmann, geen gretig lezeres van de Nederlandse criticus, was zich niet bewust van dit spel. Ze werd gevraagd Medea te regisseren en wat ze deed was de Medea regisseren. Het publiek was verrukt. Maar de pers, gerriteerd omdat ze haar truffels te diep had verstopt voor de speurhonden, kondigde aan dat er helemaal geen truffels waren.”

Brine heeft gelijk. Zijn bewijsvoering is op zo vanzelfsprekende wijze overtuigend, dat je benieuwd bent hoe dit verhaal door Engelse regisseurs en toneelspelers wordt gelezen. Inderdaad hoofdschuddend? Nog een mooie one-liner: “X directs King Lear is not news but X directs King Lear like Hellzapoppin, is.” Als de Nederlandse regisseur Othello een krijtwit gezicht geeft, heet dat een persoonlijk stempel op een voorstelling drukken.

Het is een onuitroeibaar probleem in het Nederlandse theater dat de regisseur een toneelstuk niet kan lezen zoals het er staat, gewoon Aap-Noot-Mies, de vinger op het leesplankje, een zwarte Othello is een zwarte Othello. Zo is het Adrian Brine opgevallen dat de naam van de dramaturg op de affiches even groot staat geschreven als die van de schrijver of hoofdrolspeler. Vele critici volgen de regisseurs en hun dramaturgen in dit zogenaamde "regisseurstoneel' of "dramaturgentoneel'. Het is inderdaad verbijsterend dat een regisseur als Ursel Herrmann, die met haar man Karl-Ernst schitterende opera's op haar naam heeft staan, dit onthaal in de pers kreeg. Adrian Brine legt de Engelsen uit wat eigenlijk de Nederlanders moeten weten.