Een goudeerlijk konijn

Wat vooraf ging: Gerrit, de poes van Jan, ging een nacht logeren in dierenhotel Kasteel Kroonjuweel. Toen Jan Gerrit ging ophalen, was hij onvindbaar. Op dat moment kwam de keizer van Gozo binnen die samen met zijn knecht, Knasper, zijn intrek neemt in het dierenhotel. Kort daarop blijkt ook de hotelreceptioniste spoorloos verdwenen.

In dierenhotel Kasteel Kroonjuweel rinkelde de bel. "Knasper, ga eens kijken wat er aan de hand is', zei de keizer van Gozo tegen zijn bediende. Nadat de bediende de opdracht had uitgevoerd, zei hij tegen de keizer: "Er is een wit konijn gearriveerd dat voor vannacht een tweepersoonskamer wil reserveren.'

"Een tweepersoonskamer voor één konijn reserveren? Daar kunnen we niet aan beginnen. Zeg maar dat hij een eenpersoonskamer kan krijgen en als het hem niet bevalt, hoepelt hij maar op', zei de keizer van Gozo.

"Het konijn is niet alleen, hij is in gezelschap van zijn secretaris', zei Knasper.

"Een konijn met een secretaris! Wat een opschepper! Dat konijn verbeeldt zich zeker dat hij even belangrijk als de keizer van Gozo is', zei de keizer van Gozo.

"Zijn secretaris zegt dat het een goudeerlijk konijn is. Hij heeft nog nooit iets gestolen', zei Knasper.

"Zijn secretaris kan moeilijk iets anders zeggen. Als hij de waarheid over zo'n konijn vertelt, wordt hij natuurlijk op staande voet door dat konijn ontslagen', zei de keizer van Gozo. De bel begon opnieuw te rinkelen.

"Het konijn begint ongeduldig te worden. Wat moet ik doen?', zei Knasper zenuwachtig.

"Los het zelf maar op met dat goudeerlijke, witte konijn', zei de keizer van Gozo op spottende toon tegen zijn bediende. Knasper trok zo'n ongelukkig gezicht dat ik medelijden met hem kreeg. "Knasper, zal ik naar de balie gaan om de zaak af te handelen?', vroeg ik. Knasper knikte.

Het konijn en zijn secretaris hadden plaats genomen op een bankje dat in de hal van het dierenhotel stond. Ik herkende de figuur die naast het konijn zat onmiddellijk: het was mijn broer Gerard! "Ik wist niet dat je in een dierenhotel werkte', zei Gerard lachend.

"Ik wist niet dat jij secretaris van een konijn was', zei ik. Ik vertelde Gerard hoe ik met mijn vriend Jan in dierenhotel Kasteel Kroonjuweel terecht was gekomen en hoe we kennisgemaakt hadden met de keizer van Gozo. "De keizer van Gozo? Daarover kan ik je het nodige vertellen', zei Gerard.

"Oh, ja? Ken je hem dan?' vroeg ik verbaasd.

"De keizer van Gozo heeft een paleis waarin ramen zitten waar niemand doorheen mag kijken. Toch moeten ze iedere dag gelapt worden. En, weet je waarmee? Met de tranen van de keizer van Gozo!', zei Gerard.

"Heb jij wel stiekem eens door die paleisramen gekeken?' vroeg ik aan mijn broer.

"Wat denk je?' zei Gerard.

"En wat zag je toen?' vroeg ik. Op dat moment stapte de keizer van Gozo de hal binnen. "Gerard, jongen, wat enig om jou weer eens te ontmoeten', riep hij stralend.

(wordt vervolgd)