"Blij met rust en af en toe een barbecuetje'

DEN HAAG, 22 JULI. De meeste kampeerders houden de moed erin. “Er is natuurlijk veel irritatie in die tentjes als het regent. Vertrekken ze ineens, dan is de smoes dat "de toiletten niet schoon zijn' of "er te veel herrie van de buren is'. Onzin natuurlijk, ze kunnen elkaar gewoon niet uitstaan.”

Hoewel de toiletten inderdaad flink rieken, ziet de beheerder van camping Ockenburgh in Den Haag, P. Berlijn, voornamelijk het boven op elkaar zitten als een probleem van regenachtige dagen. “Voor de rest vermaken de mensen zich wel. Wij houden de kinderen bezig. De ouders zijn blij met rust en af en toe een barbecuetje.”

De campinggasten lijken hem gelijk te geven. Een echtpaar dat zaterdag is gearriveerd, is er duidelijk over: “Het weer is knudde, maar we laten onze vakantie er niet van afhangen. We hoeven niets. We lezen, we komen voor de rust. Vorig jaar zagen we in Italië nog kampeerders met hun luchtbed de tent uitdrijven.”

Ockenburgh heeft van het water niet veel last. De zandgrond slurpt alles op. Hoewel tegen de regels, zijn kampeerders toch lustig geulen aan het graven, een nutteloze bezigheid. “Ach, we zijn niet zo streng”, zegt Berlijn. “Ze hebben alleen zichzelf er mee. Het zand komt op de tent die daardoor nat blijft.”

Voor de kinderen zijn de activiteiten door het slechte weer aangepast. In plaats van spelletjes op het strand blijven ze binnenshuis. Gisteren stond pannekoeken bakken op het menu, dat zeer in de smaak bij de kleuters viel. De kleine campinggasten storen zich weinig aan het weer. “Wij vermaken ons natuurlijk altijd”, zegt de brutaalste als hij zijn vette vingers aan zijn T-shirt afveegt.

Voor Ockenburgh - met een jaaromzet van 3,5 miljoen gulden - betekent de tot nu toe slechte zomer een flinke teruggang in het aantal gasten. Vorig jaar waren er 8.600 mensen op de camping, nu 6.500. “Héél erg slecht is het niet”, zegt Berlijn, “maar dit weer moet niet te lang aanhouden. Anders krijgen we de begroting niet rond. Er moeten er zeker duizend bij.” Volgens een woordvoerder van het Nederlands Bureau voor Toerisme (NBT) is de camping in Loosduinen geen exemplarisch voorbeeld van de landelijke situatie. “Meer dan voorgaande jaren gaan mensen op vakantie in eigen land. We schatten dat nu op 15,3 miljoen vakanties. Hoeveel personen dat zijn, weten we niet.” In Nederland wonen iets meer dan 15 miljoen mensen die volgens deze cijfers meermalen per jaar in eigen land op vakantie gaan. Het NBT ziet het aantal buitenlanders niet groeien, maar het aantal Belgen en Duitsers wel. “Door de economische teruggang komen er minder mensen uit Zuid-Europa en meer mensen uit de buurlanden.”