Brigadier vervolgd na dood Köksal

ROTTERDAM, 21 JULI. Een 58-jarige brigadier van de Venlose politie die op de avond van 6 januari betrokken was bij de arrestatie van Husseyin Köksal (32) zal worden vervolgd wegens mishandeling. In april al werd de man voorwaardelijk ontslagen wegens "disproportioneel geweld' bij deze arrestatie.

Twee andere agenten werden eind januari disciplinair gestraft, maar hun zal geen dood door schuld of "het in hulpeloze toestand achterlaten van een slachtoffer' ten laste worden gelegd, zo heeft hoofdofficier van justitie in Roermond mr. W.J.B. Zeyl gisteren bekend gemaakt. Het gerechtelijk vooronderzoek tegen in totaal zes ambtenaren van de gemeentepolitie en een burgerbeambte van Venlo is daarmee afgesloten.

Köksal reed die avond slingerend in een auto en belandde uiteindelijk tegen een paaltje. De door een taxichauffeur te hulp geroepen politie arresteerde Köksal hardhandig en voerde hem geboeid af naar een politiecel, waar hij twaalf uur doorbracht zonder medische hulp. Nadat uiteindelijk een arts hem had gezien, werd hij naar een ziekenhuis in Venray overgebracht. Op 8 januari overleed hij daar, naar later bleek aan de gevolgen van een hersenbloeding.

Volgens het Laboratorium voor Gerechtelijke Pathologie bleek bij de aanhouding geweld te zijn gepleegd tegen Köksal. Verder rapporteerde patholoog-anatoom M. Voortman dat bij het slachtoffer sprake was van "een langer bestaande, ziekelijke verwijding van de hersenslagader', maar dat de hersenbloeding mogelijk "was geprovoceerd'. Duidelijk was in elk geval dat Köksal niet had gedronken, zoals de zes bij de aanhouding betrokken agenten hadden verondersteld.

Justitie in Roermond heeft nu besloten niet over te gaan tot vervolging van de andere politiemannen op grond van een later verricht onderzoek door een Groningse neuroloog en en een neurochirurg. Zij hebben vastgesteld dat tijdige medische hulp "mogelijk doch waarschijnlijk niet' had gebaat.

Hun rapport wordt vooralsnog geheim gehouden, omdat het is gevoegd bij de stukken voor het proces dat nu mogelijk wordt aangespannen door de advocaat van Köksals familie, mr. G. Knoops. Het gaat om een artikel 12-procedure (Wetboek van Strafvordering), een klacht tegen justitie wegens het niet overgaan tot vervolging van de andere betrokken agenten.

Pag.3: Turken in Venlo zijn ontevreden

Uit de gang van zaken is duidelijk geworden dat de agenten zich niet hebben gehouden aan de van eind 1987 daterende richtlijnen "inzake de behandeling van zich onder de zorg van de politie bevindende personen'. Op grond daarvan direct na opsluiting een arts moeten worden gebeld.

De Turkse gemeenschap in Venlo noemt het vervolg van de zaak Köksal "volstrekt onvoldoende'. “We hebben”, aldus de gemeenschap in een verklaring, “nog altijd het gevoel dat de politie anders zou hebben gehandeld als het niet om een Turkse arrestant was gegaan.”

De Nederlandse regering moet het "Comité ter voorkoming van marteling en onmenselijk gedrag jegens gedetineerden' nog uitvoerig rapporteren over de affaire Köksal. Dit comité van de Raad van Europa bracht vorig jaar september een bezoek aan Nederland om gevangenissen, politie-bureaus en huizen van bewaring te onderzoeken. Daarnaast sprak de commissie met een groot aantal deskundigen. Begin juni heeft de commissie rapport uitgebracht aan de Nederlandse ambassade in Straatsburg. Het rapport werd vorige week vrijgegeven. Eén van de zaken, waarover het comité opheldering heeft gevraagd is de met name genoemde zaak Köksal, die plaatshad toen het rapport al werd opgesteld. De Turkse consul-generaal in Nederland, Ali Üstün, die begin januari nauw betrokken was bij de gebeurtenissen in Venlo, is wegens vakantie niet bereikbaar voor commentaar.