Verraderlijke stilte voor de storm op de Boelwerf; Temse bereid tot harde strijd voor behoud scheepsbouw

TEMSE, 20 JULI. De bewegingloze kranen van de Boelwerf steken af tegen de hemel. Heel Temse lijkt verstild nu de ruim 1.200 werknemers voor drie weken met vakantie zijn; even verstild als het standbeeld dat de "Kaailopers' voorstelt: knoestige mannen in brons die staan aan de Wilford kaai langs de Schelde. Voor het 24.000 inwoners tellende Temse nabij Sint-Niklaas is de werf in “deze gordel van de stromende pracht”, zoals in de VVV-folder staat, van levensbelang. “Het hart van stad en regio”, zoals inwoners zeggen. Toen na april van dit jaar bijna 600 van de toen nog in totaal 1850 arbeidsplaatsen door het faillissement en de voortzetting in afgeslankte vorm verloren gingen, steeg de werkloosheid meteen met 21 procent.

De stilte blijkt verradelijk. De Boelwerf wordt immers opnieuw in haar voortbestaan bedreigd. De vakbonden dreigen andermaal met acties, waaronder een bezetting. “Wacht niet met acties, zeiden werknemers, ook al is het verlof, want straks kunnen we de werf niet meer op als de politie ons voor is”, verwoordt vakbondsleider René Stroobant van de socialistische ABVV wat hij onder zijn mensen heeft gehoord na 3 juli.

Op die dag, uitgerekend aan de vooravond van de bedrijfsvakantie, liet de (Belgische) EG-commissaris Van Miert (Concurrentiezaken) weten dat de steunoperatie van de Vlaamse regering aan de Boelwerf de zevende richtlijn voor steun aan de scheepsbouw met 600 miljoen Belgische franken (ongeveer 32 miljoen gulden)overschrijdt en dus niet door de beugel kan.

En daardoor lijkt het hele bouwwerk dat een aantal participanten in april oprichtte om de Boelwerf overeind te houden te wankelen. Die participanten zijn de Vlaamse overheid via de Gewestelijke Investerings Maatschappij voor Vlaanderen, de reders van de zeven in aanbouw zijnde schepen, de opdrachtgever van twee nieuwe schepen, de Nationale Maatschappij voor Krediet aan de Nijverheid en de Nederlandse Begemann-groep van de gebroeders Van den Nieuwenhuyzen. Al deze groepen hebben de EG-goedkeuring als voorwaarde aan het definitief doorgaan van de principe-afspraken gesteld . Begemann nam evenals de Gewestelijke Investerings Maatschappij van Vlaanderen voor 500 miljoen franc aandelen (51 procent). De reders van de zeven in aanbouw zijnde schepen stelde evenals de Vlaamse regering ook nog elk een krediet van 1,6 miljard franc beschikbaar voor het afbouwen van de zeven schepen. Begemann-directeur B. van Dijk: “Van Mierts oordeel is een voorlopig, vermoedelijk half augustus komt het definitieve, zo lang onthouden we ons van commentaar. Maar bij een blijvende afwijzing van de commissie komen we in een zeer moeilijke situatie”.

Dat de opdrachtgever van twee nieuwe orders, de familie Savarijs, die tot april eigenaresse was van de werf, heeft gedreigd de order terug te trekken, wordt algemeen gezien als een middel om de verantwoordelijke instanties onder druk te zetten. “Dat komt ons”, zegt een kaderlid van de werf, die met uitzondering niet met vakantie is, “eigenlijk wel goed uit.”

De vakbonden zijn bijzonder op hun qui vive. “We zullen ons”, zo staat er in een pamflet van 8 juli, “ook tijdens de verlofperiode beraden over eventuele verdere juridische en syndicale stappen die mogelijk nodig zouden kunnen zijn”. Er wordt in dat pamflet verder op gewezen dat de werfbezetting op 4 april werd opgeheven in het licht van de continuteit op lange termijn, zeker niet voor slechts de afbouw van zeven schepen. De vakverenigingen zijn hier heel duidelijk in: we zullen blijven strijden voor het behoud van de scheepsbouw in Vlaanderen; dit strategisch belang voor Vlaanderen mag in geen geval verloren gaan”. Stroobant is vanaf deze week woensdag weliswaar met vakantie in de Provence, maar is oproepbaar en zal binnen een dag weer terug zijn als het moet.

Zal Temse een reprise beleven van de bezetting, die duurde van 17 september vorig jaar tot 4 april dit jaar en daarmee de op een na langste sociale actie werd in het na-oorlogse België? De Temsenaren zijn er nog vol van. Het waren herosche maanden geweest. De Rijkswacht was voortdurend in de omgeving gebleven. De bezetters hadden slagwapens onder handbereik, maar tot werkelijke confrontaties was het niet gekomen. Zelfs was er vermoedelijk voor het eerst in de geschiedenis van de sociale acties aan de hoofdpoort een "strontkanon' in stelling gebracht. Het was gevuld met de inhoud van de bedrijfsbeerputten, aangemaakt met 2 kilo gist, voorzien van een compressor en had een bereik tot aan de Onze Lieve Vrouwekerk, zoals in die dagen voor de televisie was vertoond.

Stroobant: “Een nieuwe bezetting zit er dik in. We zullen de politiekers, zowel de Belgische als de Europese, de rekening presenteren mocht er weer roet in het eten komen en de participanten in de Boelwerf zich op basis daarvan alsnog bedenken”. Toen in april de oude Boelwerf failliet werd verklaard en Begemann in eendrachtige samenwerking met de Vlaamse overheid en de reders besloot met een nieuwe Boelwerf door te gaan, deden de werknemers die overgingen naar de nieuwe NV afstand van de "afdankingsvergoeding' waarop ze recht hadden. “Die vergoeding zullen we bij de curatoren terugeisen. Het gaat om in totaal 700 miljoen franc. Dat zou betekenen dat de werf moet worden verkocht. Of we laten beslag leggen op het onroerend goed dat in een aparte NV is ondergebracht. Als we willen kunnen we de hele Belgische metaalsector achter ons krijgen”, aldus Stroobant. De Boelwerf betrekt het staal bijna uitsluitend van Belgische, voornamelijk Waalse, staalfabrikanten. Het uitstralingseffect van sluiting van de werf, de grootste van de vijf nog overgebleven Belgische werven, moet qua arbeidsplaatsen in de toelevering daarom altijd met twee worden vermenigvuldigd, aldus Stroobant.

Volgens de vakbondsleider wordt er op dit moment gezocht naar een oplossing om alsnog het EG-fiat te krijgen. “Of men plooit zich naar de richtlijn of men omzeilt haar, dat is ons om het even als de werf maar blijft voortbestaan. Zo niet dan zullen ze er van lusten”.