Literatuur is de Schone Slaapster

Lire 214/215. (Betapress) 146 blz.ƒ14,25

De vermaarde presentator van het helaas opgeheven Franse literaire programma "Apostrophes', Bernard Pivot, legt nu ook het bijltje neer bij het literatuurblad Lire. Achttien jaar lang was hij hoofdredacteur. In het zomernummer legt hij uit wat hem dwarszit: er wordt geen ruzie meer gemaakt in de Franse letteren. De Grote Matheid heeft toegeslagen en geestversterkende polemieken tussen kringen en stromingen bestaan niet meer. De literaire tijdschriften dragen ook al geen gepassioneerd verdedigd programma meer uit, klaagt de man van Frankrijks minst uitgesproken, dienende tijdschrift.

Met een passende verwijzing naar Villon, "Mais où sont les grandes querelles littéraires d'antan”, vraagt Pivot zich af of de literaire matheid past binnen een bredere, algemene apathie. De televisie heeft het helemaal overgenomen van het boek, verzucht hij bitter. Sommige schrijvers verschijnen weliswaar vaak op de buis, echter nét om over boeken of de literatuur te praten maar om hun mening te geven over een of ander actueel aspect van de samenleving. In geen enkel ander land zijn schrijvers zo nadrukkelijk aanwezig bij het "lezen' van de maatschappij en de actualiteit, zegt Pivot (ook in Nederland begint het verschijnsel zich uit te breiden: wat vindt Marcel Möring van het asielzoekersbeleid?), “maar lezen auteurs elkáár nog wel? Wenden ze zich niet gemakshalve af van enige onenigheid, laat staan dat ze de aanval zoeken?” Het publiek zoekt niet meer zoals vroeger in de literatuur naar "onderwerpen om over na te denken, emoties, des couleurs de vie, de antwoorden op belangwekkende vragen'. Het lijkt er al met al verdacht veel op dat Pivot zijn eigen grote en genteresseerde televisiepubliek pijnlijk mist.

Toevallig wordt elders in dit nummer onze eigen Pivot - Adriaan van Dis - kort genterviewd bij de Franse vertaling van zowel Het beloofde land als In Afrika (Actes Sud). Hij krijgt een introductie waar je meteen heimwee van krijgt: “Adriaan Van Dis, 45 ans, responsable pendant neuf ans d'une émission littéraire à la télévision hollandaise, porteur de valises pour l'African National Congress pendant quelques mois, romancier, nouvelliste, dramaturge...”. “Het feit dat ik geboren ben in een gedeeltelijk Indonesische familie, het kleine wit-roze varkentje van het huis was, heeft me vroeg doen doorzien wat vooroordelen zijn.” Van Dis zegt nu minder behoefte aan reizen te hebben dan vroeger, omdat hij nu scherper ziet dat kolonialistische en racistische gevoelens ook dicht bij huis, in Amsterdam te vinden zijn - “il y a là des terrains psychologiques fabuleux pour un écrivain. Je ne veux plus fuir.”