"Maastricht': Major danst op de kop van een speldeknop; Voor de "gewone Brit' is Maastricht "een vreemde ziekte', "een Fransman' of "een Scandinavische tennisser'

LONDEN,19 JULI. Ratificeert hij wel of ratificeert hij niet? Negeert de Britse premier de wil van het parlement als dat de sociale paragraaf wil of geeft hij de pijp aan Maarten?

De opwinding in politiek Londen in de aanloop tot de laatste krachtmeting tussen voor- en tegenstanders van het Verdrag van Maastricht is tastbaar. Maar het zondagsblad The Observer stuurde een verslaggever uit op het equivalent van lijn zeven: de Clapham Omnibus. Hij moest de man-in-de-bus naar de betekenis van Maastricht vragen. De antwoorden: Maastricht is een Scandinavische tennisspeler, Maastricht is de premier van België, Maastricht is een seksueel overdraagbare ziekte als Aids en - dit was de bijdrage van de buschauffeur - Maastricht is de naam van een Fransman, naar wie een verdrag is genoemd “en dat is sowieso al slecht nieuws”.

Weinig Britten hebben nog een idee waar het nu al vijftien maanden durende gekrakeel over wel-Maastricht, niet-Maastricht over gaat. De Conservatieve dissidenten en hun partijleider spelen stratego, dat is duidelijk. Maar noch de inzet, noch de regels van het spel vermogen nog langer te boeien. Keer op keer hebben de rebellen gebluft dat zij de regering voor het blok zouden zetten. Keer op keer hebben zij, als puntje bij paaltje kwam, verloren. Omdat uiteindelijk niet voldoende partijgenoten met hen mee durfden stemmen of omdat een motie door de regering zo handig geformuleerd werd dat de oppositie verdeeld raakte. Maar omdat de regering in het Lagerhuis slechts een meerderheid van achttien zetels heeft, kunnen de Eurosceptici de druk elke keer maximaal opschroeven. Dat staat ook deze donderdag weer te gebeuren.

John Major beschreef gisteren de procedurele argumenten en tegenargumenten waarin de strijd om Maastricht nu verzeild is, als “dansen op de kop van een speldeknop”. Ooit heeft de premier zich laten ontvallen dat hij het Verdrag van Maastricht nooit zal ratificeren, als daardoor voor Groot-Brittannië zou gaan gelden wat voor de elf overige partners geldt: aanvaarding van de sociale paragraaf. Labour en Liberals willen die sociale paragraaf, maar Major vindt al die sociale minimumvoorwaarden belastend voor het bedrijfsleven en “een handvest voor werkeloosheid”. De Eurosceptici in Major's achterban vinden dat ook, maar overwegen met Labour en de Liberalen mee te stemmen, in de verwachting dat ze het Major daarmee onmogelijk maken het verdrag te ratificeren. In hun redenering is daarmee het hele “Maastricht” van tafel.

Major liet gisteren in een laatste groot televisie-interview vóór de stemming op donderdag en vóór een tussentijdse verkiezing in Christchurch op 29 juli, duidelijk doorschemeren dat hij zich van een nederlaag in het Lagerhuis niets zal aantrekken. Na wisselend juridisch advies lijkt hij er nu van overtuigd dat een verlies voor de regering over de sociale paragraaf technisch genegeerd kan worden. De boodschap van de premier is: er wordt - hoe dan ook - geratificeerd. En, voegde Major daar aan toe, een nederlaag over de sociale paragraaf zou voor hem geen aanleiding zijn om op te stappen als partijleider en premier. Alle speculaties over verdergaande schade aan zijn reputatie van onpopulairste premier ooit deed hij af als “geklets in de ruimte”.

Politiek gezien is dat spelen van hoog spel. Nu al protesteren de oppositie-leiders, John Smith en Paddy Ashdown, dat de regerende partij zich aan minachting van het parlement schuldig zal maken als ze die tactiek doorzet. De waarschuwing is, dat de kiezers een dergelijke manoeuvre niet zullen vergeten. Nu al staat vrijwel vast dat de Tories ook een nederlaag wacht in de tussentijdse verkiezing voor de parlementszetel van Christchurch. Een meerderheid van ruim 23.000 stemmen in april 1992 gaat nu vrijwel zeker naar de Liberalen van Paddy Ashdown. Dan slinkt het overwicht van de Tories in Westminster nog verder en dan hebben de ontevredenen met het beleid van John Major een nog grotere greep op de gebeurtenissen. Beide ontwikkelingen voorspellen niet veel goeds voor de politieke carrière van de premier. Zoals een vooraanstaande Liberaal vorige week zei: “Er is één ding waarin de Conservatieven goed zijn: zodra ze in de gaten krijgen dat hun leider ze naar een nederlaag leidt, zijn ze ten volle bereid die een mes in de rug te steken.”

Ondertussen kunnen de partners in “Maastricht” er nog steeds niet op rekenen dat de Britse regering nu inderdaad snel ratificeert. Zoals in Duitsland tegenstanders van het verdrag hun toevlucht hebben gezocht bij het Constitutionele Hof teneinde van uitstel afstel te krijgen, zo hebben opstandige Hogerhuisleden het niet laten zitten bij hun nederlaag van vorige week. Lord Rees-Mogg, voormalig hoofdredacteur van The Times, probeert vandaag het High Court zover te krijgen, dat hij mag procederen tegen de regering. Rees-Mogg voert aan dat niet alle implicaties van het Verdrag van Maastricht aan het parlement in Westminster zijn voorgelegd. De regering zou daarom haar bevoegdheden overschrijden, indien ze de wet tot ratificatie ter tekening aan koningin Elizabeth voorlegt. Indien het High Court die redenering valide acht, kan een proces beginnen dat ratificatie tot zeker de herfst van dit jaar ophoudt. Dat wilde zelfs John Major gisteren wel toegeven. Maar, afgezien daarvan, zei hij: “We winnen de stemming op donderdag, dat weet ik zeker en ik ga me niet verdiepen in allerlei "stel dats' en "ja maars'. Als je de aard van de sociale paragraaf in ogenschouw neemt dan geloof ik niet dat Conservatieve Lagerhuisleden, overwegend wat die paragraaf kan aanrichten, iets anders zullen doen dan hun stem uitbrengen vóór de regering.”