Cacao-akkoord na twee jaar praten

De producenten en verbruikers van cacao hebben na twee jaar van onderhandelen een nieuwe internationale cacao-overeenkomst gesloten.

Vertegenwoordigers van vijfenveertig landen slaagden er zaterdag in Genève in hun vijfde onderhandelingsronde, die twee weken heeft geduurd, met succes af te sluiten. De besprekingen stonden onder auspiciën van de Unctad, de conferentie van de Verenigde Naties over handel en ontwikkeling.

De nieuwe overeenkomst vervangt die van 1986, die eind september afloopt. Waarnemers verwachten dat het nieuwe akkoord voor de korte termijn weinig effect op de wereldcacaomarkt zal sorteren, omdat er geen richtprijzen en produktiehoeveelheden in zijn opgenomen.

Krachtens het nu nog geldende akkoord uit 1986 bestaat er een buffervoorraad waaruit kan worden geput als de cacaoprijs te hoog wordt en waarin cacao wordt opgeslagen als de prijs te ver daalt. Die voorraad, die nu 231.00 ton beslaat, zal worden opgeheven. Daarover wordt in september apart onderhandeld.

Het akkoord kan pas in werking treden als ten minste vijf exporterende landen die gezamenlijk goed zijn voor tachtig procent van de wereldcacao-export en verbruikende landen die zestig procent van het wereldverbruik voor hun rekening nemen hun handtekeningen hebben gezet.

De overeenkomst loopt vijf jaar en kan met twee jaar worden verlengd. Van groot belang is of Maleisië en Indonesië, twee grote cacaoproducenten (de grootste zijn Brazilië, Ivoorkust en Ghana), zullen meedoen. Dat geldt ook voor de VS, goed voor 27 procent van de wereldimport van cacao. De VS hadden het cacao-akkoord van 1986 ook al niet mee-ondertekend en hebben laten weten de nieuwe overeenkomst ook niet te zullen ondertekenen, tenzij die zuiver administratief is en niet is bedoeld om de cacaomarkt te benvloeden.