Woede-aanval Tony Rominger treft ploegmaat

MARSEILLE, 17 JULI. Federico Echave zorgde gisteren voor de enige opwinding tijdens de twaalfde Tour-etappe. De Spanjaard was er bijna de oorzaak van dat zijn Zwitserse ploegmaat Rominger op een grotere achterstand op leider Indurain werd gezet. Echave daalde op ongeveer twee kilometer voor de aankomst als een wildeman, raakte in een bocht bijna de macht over zijn stuur kwijt en toucheerde met zijn achterwiel het voorwiel van zijn kopman. Die tuimelde op het asfalt. Juist voor de achter hem rijdende Indurain. De jarige Maestro ontweek behendig zijn stuiterende rivaal en versnelde meteen. Zonder resultaat. Rominger was weer snel op de been en liep geen tijdverlies op en de lichamelijke schade viel ook mee: slechts schaafwonden aan de heup, knie en enkel.

Twintig minuten nadat Fabio Roscioli triomferend over de streep was gegaan, vloekte de anders zo ingetogen en beschaafde Rominger zijn Spaanse ploegmakker stijf. Tegen verslaggevers verklaarde hij even later zijn woede-uitbarsting. “Dat er niets ernstigs is gebeurd, was een geluk bij een ongeluk. Echave kan niet dalen, hij nam de bocht verkeerd, waardoor ik in de problemen kwam. Ik heb al pech genoeg gehad in deze Tour. Dit was een grove blunder”, aldus Rominger die een dag eerder in het spoor trad van Joop Zoetemelk.

Door de ritzeges in Serre Chevalier en Isola 2000 schaarde hij zich bij de renners die de dubbel in de Alpen verwezenlijkten. Zoetemelk was de laatste. De Tourwinnaar van 1980 zegevierde in 1976 op L'Alpe d'Huez en één dag later in Montgenèvre. De prachtigste dubbel staat op naam van Fausto Coppi. De Italiaan triomfeerde in 1952 tijdens de allereerste etappe naar L'Alpe d'Huez en een etmaal later won hij in Sestrières.