Koltanowski sprong over drie borden

In het boek Alekhine in Europe and Asia, dat ik vorige week besprak, wordt een evenement beschreven dat mij een helse marteling lijkt: een alternerende blindsimultaan. Een gewone alternerende simultaan komt wel vaker voor. Twee meesters spelen samen. De eerste doet aan alle borden de openingszet. Dan neemt zijn collega het over en doet overal de tweede zet. Het derde rondje is weer voor nummer één, enzovoort.

Het is lastig, want de stijl van de twee meesters is meestal verschillend. De een doet Pe2-g3, om op koningsaanval te spelen. Zijn collega is een positionele speler die zijn heil op de damevleugel zoekt. Hij doet in zijn volgende rondje dus Pg3-e2, zonder te beseffen dat de gezamenlijke krachtsinspanning van de simultaangevers er dus op neer komt dat ze twee keer een beurt hebben overgeslagen. Soms zijn de simultaangevers verkleed als Sinterklaas en Zwarte Piet, als om te benadrukken dat onder deze omstandigheden geen topprestaties verwacht kunnen worden.

De alternerende blindsimultaan vond plaats op 19 februari 1934 in Antwerpen. Aljechin speelde samen met de Belgische kampioen George Koltanowski. Er waren maar zes borden, maar de tegenstand was sterk. Aan alle borden zaten teams van vier prominente spelers van verschillende Antwerpse schaakclubs, die samen overlegden. De uitslag was 4-2 voor Aljechin en Koltanowski. Aljechin deed de oneven zetten, Koltanowski de even.

Koltanowski was een waardig partner voor Aljechin. Uit de partijen blijkt geen opvallend kwaliteitsverschil tussen even en oneven zetten. Het was een formidabele krachtsprestatie. Je eigen zetten onthouden is niet zo moeilijk, omdat ze onthouden worden in een context van plannen en overwegingen. De zetten van de partner komen soms min of meer uit de lucht vallen. ""Wat deed die gek ook al weer op zet twintig?'' Dat maakt de reconstructie van de partij moeilijk. Voor zover ik weet is dit evenement in Antwerpen de enige alternerende blindsimultaan uit de geschiedenis gebleven. Aljechin en Koltanowski waren waarschijnlijk de beste blindspelers aller tijden.

George Koltanowski, die in 1903 in Antwerpen geboren werd, is een beroepschaker zoals ze nu niet meer gemaakt worden. Meer een schaak-entertainer dan een toernooispeler. Als gewoon schaker heeft hij wel successen behaald. Hij was een paar keer kampioen van België en in 1952 speelde hij in het Olympiadeteam van de Verenigde Staten, het land waarnaar hij in 1938 was geëmigreerd. Zijn beste toernooien waren Barcelona 1934 (1-3 met Lilienthal en Tartakower) en Barcelona 1935 (1-2 met Flohr).

Maar met gewoon schaken kon in die tijd alleen de wereldtop zijn brood verdienen. Koltanowski ontwikkelde een eigen specialisme: de blindsimultaan. Het onthouden van de partijen kostte hem geen moeite, misschien omdat hij als kind twee jaar ziek in bed had gelegen en zich toen had vermaakt met allerlei geheugenoefeningen. Volgens de recordspecialisten van Guinness staat het wereldrecord blindsimultaan nog steeds op zijn naam. In Edinburgh 1937 speelde hij 34 partijen in 13,5 uur. Hij won er 24 en maakte er tien remise. Latere dubieuze claims van Najdorf en de Hongaar Flesch worden door de strenge controleurs van Guinness niet erkend.

Misschien heeft geen schaker zoveel partijen gespeeld als Koltanowski. Vele tienduizenden simultaanpartijen, eerst in Europa, later in Noord- en Zuid-Amerika. Waarschijnlijk duizenden blindpartijen. Lezingen, dagelijks verschijnende schaakrubrieken, organisatie en wedstrijdleiding van toernooien. Zo kon hij wel van schaken rondkomen, maar het moet hard werken zijn geweest.

Een aardige man. In 1971 was ik in San Francisco, waar hij woont. Ik kende hem alleen van naam en belde hem op om weer eens Nederlands te kunnen praten. Hij ontving me vriendelijk, vroeg me of ik wat geld wilde verdienen, organiseerde meteen een simultaanséance voor me en drukte me op het hart dat ik de volgende keer mijn komst wat eerder moest aankondigen, dan zou hij meer voor me kunnen doen.

Soms verwijderde hij zich in zijn voorstellingen wel erg ver van het echte schaken. In zijn boek In the Dark, een verslag van zijn blindvoorstellingen, staat een foto die in 1981 genomen werd. Koltanowski demonstreert de Drievoudige Paarderondgang. Dat is werkelijk niet mis. Het is bekend dat een paard van een willekeurig veld in 64 zetten naar dat veld kan worden teruggevoerd, waarbij alle velden één keer worden aangedaan. Koltanowski zette drie demonstratieborden naast elkaar, zodat het paard ook van het ene bord naar het andere kon springen. Hij vroeg het publiek om telefoonnummers te noemen, of de naam van een stad. Dan werden op de velden van de drie borden 192 kaartjes gehangen met stedenamen of telefoonnummers. Koltanowski keek er een paar minuten naar en prentte ze in zijn geheugen. Dan mocht een toeschouwer een willekeurig uitgangsveld aanwijzen en vervolgens noemde Koltanowski, zonder de borden te zien, de 192 stappen van de Drievoudige Paarderondgang, waarbij hij de velden dus niet in algebrasche notatie aangaf, maar de 192 corresponderende telefoonnummers of stedenamen opnoemde, uit het hoofd. Indrukwekkend. Toch zal die foto niet iedereen vrolijk stemmen. Is het niet bar dat de schaakprofessional op 77-jarige leeftijd onder zo'n zwaar juk moet gaan? Koltanowski dacht er anders over. Zijn boek kan gelezen worden als een lofzang op een inspannend maar heerlijk leven dat hij als rondreizend schaakartiest heeft geleid.

Het lijkt misschien alsof ik een necrologie schrijf, maar dat is niet zo. Er is gelukkig geen enkele actuele aanleiding voor dit stukje over Koltanowski. Hij schrijft nog steeds zijn schaakrubriek in de San Francisco Chronicle en hoopt over twee maanden in goede welstand en gezondheid zijn negentigste verjaardag te vieren. Toen hij 82 was kondigde hij aan dat hij het volgend jaar zes partijen tegelijk blind zou spelen om een nieuw record te vestigen: het wereldrecord blindspelen voor 83-jarigen. En zo ieder jaar een nieuw record, tot het eind van zijn leven. Ik weet niet of hij het volgehouden heeft, maar het zou echt iets voor hem zijn.

Zie diagram 1

Dit is uit een blindsimultaan aan tien borden, Antwerpen 1929. Wit Koltanowski - zwart Dunkelblum. Onder opoffering van een stuk begint wit een elegante damejacht waar ook ziende spelers trots op zouden zijn. 23. Ta1-d1! Dd7xg4+ 24. Kg1-f1 Niet naar h1, want dan zou zwart op de 25ste zet de witte toren met schaak slaan. 24...Dg4xg5 25. Td1-d5! Dg5-h4 26. Td5-h5 Dh4-f6 27. Th5-f5 Zwart gaf op.

Zie diagram 2

Wit Koltanowski - zwart Duke, Londen 1936, blindsimultaan aan acht borden. Geen geringe prestatie om hier het geometrische motief te "zien', waardoor straks twee torens door een loper gevorkt zullen worden. 26. Td2xd4 e5xd4 27. Dd1xd4 De7-e5 28. Ph5xg7+ Zwarts tweede toren wordt naar de diagonaal a1-h8 gedwongen. 28...Tg8xg7 29. Lh4xf6 Wit wint een stuk. Er volgde 29...Tg7xg2+ 30. Kg1xg2 Tc3-c2+ 31. Kg2-f3 De5xh2 32. Ld5xc6+ Tc2xc6 33. Dd4-g1 en zwart gaf op.