Goed boek

Nu de ene helft van Nederland met vakantie is, kan de andere helft rustig in de tuin zitten en een boek lezen. Lezen is net als het leven zelf: er gebeurt allerlei narigheid, maar dat hoeft je niet te weerhouden van een goeie sigaar.

Ik ga dus verder met Primo Levi, tik de as van een kleine Olifant en stoor mij enigszins aan het gerucht van een merel in het paadje achter de schuur.

Daar is klaarblijkelijk een kat herkend. Daarom ben je een kat, zegt Sartre, omdat de anderen je als kat herkennen. En dat valt te billijken: in het geloof van merels is een kat iets verschrikkelijks, Het Boze op pantoffeltjes. Maar minder snerpend alsjeblieft!

Hierdoorheen speelt het zangetje van een tjiftjaf, hardnekkig als de slinger van een klok. In een boom bij de verlaten openbare school. Op 16 maart is hij begonnen. Sindsdien haast elke dag, haast elk moment.

Ik heb eens een tjiftjaf in mijn hand gehad en het was vrijwel niets. Dat vrijwel niets zo onverzettelijk kan zijn.

En nu moet je even opletten. Nu is op Primo Levi's tekst een glazig groen insektje neergestreken. Wrijven helpt natuurlijk niet - dat zou alleen maar vlekken geven. Maar blazen helpt al evenmin. Dat zet zich schrap voor windkracht tien.

De merel zeurt, de tjiftjaf zingt, de wereld wacht. Groen beest, vlieg op!