Edelmetaalwereld roept vaak verkeerd beeld op

AMSTERDAM, 17 JULI. “Iedereen denkt altijd dat ondernemingen die werken met goud ook goud verdienen. Maar daar is jammer genoeg geen sprake van”, glimlacht Theo G. Keuter, algemeen directeur van het edelmetaalbedrijf Drijfhout. De winsten die te behalen zijn met het verhandelen en verwerken van metalen als goud, zilver, platina en palladium zijn volgens Keuter zelfs uitgesproken laag. “De geringe rendementen zijn bij alle edelmetaalbedrijven een structureel probleem”, aldus Keuter.

De lage marges worden voor een groot deel veroorzaakt door de jarenlange windstilte op de wereldmarkten voor zilver en goud. Na de hausse in deze edelmetalen eind jaren zeventig en begin jaren tachtig kozen de meeste beleggers er gedurende de daaropvolgende jaren voor om hun geld in aandelen of obligaties te stoppen - met desastreuze gevolgen voor de goud- en zilverprijzen. Bracht goud in 1980 nog ruim 39.000 gulden per kilo op, in 1992 was dat slechts bijna 20.000 gulden. Zilver daalde in deze periode van 1377 gulden per kilo in 1980 tot 276 gulden in 1991.

In die situatie lijkt nu wat goud betreft verandering te komen. Deze week noteerde het goud op de Londense markt boven de 395 dollar per troy ounce (de meest gehanteerde rekeneenheid voor goud en zilver, die neerkomt op 31,1 gram). Dat niveau was sinds het uitbreken van de Golfoorlog in 1990 niet meer gehaald - al is de prijs nog ver verwijderd van het niveau van 1980, toen goud een recordopbrengst van 850 dollar per troy ounce noteerde.

Bij Drijfhout, dat vorig jaar 2,4 miljoen gulden winst maakte op een omzet van 105 miljoen gulden, is men blij dat er eindelijk weer eens wat gebeurt op de markt. “Schommelingen trekken de aandacht. Of de prijs dan stijgt of daalt, maakt voor ons niet uit”, zegt Keuter. De onderneming handelt weliswaar in edelmetalen, zowel voor particulieren als voor bedrijven, maar Drijfhout speculeert zelf nooit op toekomstige prijsontwikkelingen. “Voor iedere verkochte kilo wordt er onmiddellijk één gekocht”, aldus Keuter.

Hoewel Drijfhout de grootste onderneming is op het gebied van edelmetalen in Nederland, is de naam van het bedrijf - dat in 1827 in het Friese plaatsje Balk als sieradenfabriek van start ging - maar bij weinigen bekend. Dat geldt ook voor het Franse moederbedrijf, de Comptoir Lyon Alemand Louyot-groep, waar Drijfhout sinds 1927 deel van uitmaakt. Toch behoort dit concern, dat vorige jaar uitkwam op een omzet van 4,3 miljard Franse Francs en een winst van 34 miljoen francs, wereldwijd tot de vijf grootste ondernemingen op het terrein van edelmetalen.

Drijfhout is zelf beëdigd essayeur (keurmeester) op de London Gold and Silver Market en de London Metal Exchange en beschikt als enige produktiebedrijf in de Benelux over de Good Delivery Status voor goud, zilver, platina en palladium. Dat betekent dat een stempel van Drijfhout op baren van deze edelmetalen garant staat voor zuiverheid. “Dat stempel maakt het internationaal verhandelbaar”, aldus Keuter.

Aan de onbekendheid van Drijfhout buiten de kleine kring moet een einde komen, vindt Keuter, die sinds mei 1992 bij Drijfhout de leiding in handen heeft. Hij brengt zijn nieuwe marketingbeleid als volgt onder woorden: “Waar we tot nu toe met hagel hebben geschoten, gaan we nu gericht schieten”. Het sponsorcontract dat Drijfhout deze week met de Amsterdamse voetbalclub Ajax heeft afgesloten, is één van de kogels die hopelijk de naam van de onderneming bij een groter publiek bekend zal maken.

Meer naamsbekendheid is nodig omdat de onderneming de komende jaren sterk wil groeien. Daarbij zal de nadruk volgens Keuter meer komen te liggen op specialisatie dan op diversificatie. Drijfhout houdt zich op dit moment met vrijwel alle aspecten van handel en verwerking van edelmetaal bezig, variërend van de produktie van halffabrikaten voor de sieraadindustrie, katalysatoren en tandtechnische produkten tot het aanhouden van edelmetaalrekeningen voor particuliere beleggers en voorraden voor bedrijven. “Er zijn misschien maar vijf bedrijven op de wereld die net zo'n breed pakket hebben als wij”, zegt Keuter trots. Daar zitten wel nadelen aan, bevestigt hij: “Je versnippert enorm veel van je kracht”.

Drijfhout heeft de afgelopen tien à vijftien jaar de klanten-kring sterk zien veranderen. Het belang van de markt voor traditionele toepassingen van edelmetaal (zoals de produktie van gouden en zilveren sieraden) is afgenomen, terwijl de vraag naar industriële toepassingen sterk is gestegen. Ook op die markt is de situatie echter zwaarder geworden. Edelmetalen zijn duur om in produkten te verwerken en “de industrie probeert daarom steeds vervangende materialen te vinden”, aldus Keuter.

De markt is harder geworden, zo blijkt uit de woorden van marketing-directeur W.B. Vervenne in een eigen publikatie van Drijfhout. De “sfeer van gezapigheid” die voorheen de edelmetaalwereld kenmerkte, is volgens hem verdwenen, evenals de machtspositie van waaruit edelmetaalondernemingen jarenlang konden opereren. “Je moet veel meer vechten om je produkt te verkopen”, aldus Vervenne.

Drijfhout-directeur Keuter ziet de toekomst zonnig in. Hij verwacht de komende jaren meer te kunnen exporteren - bijvoorbeeld naar de Aziatische landen waar de vraag naar sieraden veel hoger ligt dan in het westen - terwijl door een verdergaande samenwerking met de moeder- en zusterorganisaties de produktiefaciliteiten beter benut zullen kunnen worden. “Ik ben van mening dat er nog volop ruimte is binnen het bedrijf om te groeien”, zegt Keuter overtuigd.