DéHaWé werkt de hele tijd over

Grote Efficiency Operatie, Reorganisatie van de Rijksdienst, departementale herindeling. Den Haag moet efficiënter. In de serie Hoe werkt Den Haag, met portretten over een aantal ambtelijke diensten binnen de Haagse departementen vandaag de Directie Westelijk Halfrond van het ministerie van buitenlandse zaken.

DEN HAAG, 17 JULI. “DéWéHa”, zegt de secretaresse van de Directie Westelijk Halfrond als zij de telefoon opneemt. Binnen de afkortingenjungle van het ministerie van buitenlandse zaken is dat het synoniem voor de onder het Directoraat-Generaal Politieke Zaken (DGPZ) vallende "Directie' die zich bezighoudt met Noord-, Midden- en Zuid-Amerika en het Carabisch gebied. De andere drie directies zijn Europa, Afrika/Midden-Oosten en Azië.

Geen geringe directie, die de Nederlandse relaties met 39 landen in het gebied coördineert, waaronder niet alleen de enige nog resterende supermacht in de wereld, de Verenigde Staten, maar ook het vermoedelijk in de toekomst permanente lid van de Veiligheidsraad, Brazilië. Verder een van de spijkers in de ziel van de Nederlandse politiek, Suriname, en een van de laatste nog autoritair-communistisch geregeerde landen in de wereld, Cuba. Dat alles uiteraard met behulp van een vijftien zelfstandige en twee niet-zelfstandige ambassades ter plaatse, acht consulaten-generaal en een veelvoud aan honorair consuls.

In de reeksen bezuinigingsoperaties van de afgelopen dertien, veertien jaren is de directie inmiddels teruggebracht tot een omvang van negen beleidsambtenaren, tweeëneenhalve secretaresse en twee archiefmedewerkers. “Tegen het licht van ideeën over een slankere overheid is dat bepaald geen grote directie. Het is hier echt druk, er wordt de hele tijd overgewerkt”, zegt de chef van de directie, drs. R.J. van Houtum, sinds 1973 in de diplomatieke dienst, op standplaatsen Lima, New York, Lusaka en Parijs, tussendoor ook particulier secretaris van de minister voor ontwikkelingssamenwerking (Pronk).

Van Houtums directie probeert, zoals hij dat zegt, een totaalbeeld vast te houden van al de verschillende soorten relaties die Nederland met Noord- en Latijns Amerika heeft: politiek, maar ook economisch, cultureel en op ontwikkelingsgebied. In Latijns Amerika zijn de hoofdthema's de democratiseringsprocessen, mensenrechten, inrichting van deugdelijk bestuur en liberalisering van het economisch stelsel. Mensenrechten - een van de hoekstenen van het Nederlands buitenlands beleid - zijn nu bespreekbaar met de meeste regeringen van Latijns Amerika, sinds vrijwel alle militaire dictaturen zijn opgeruimd.

Alle informatie van de ambassades komt samen bij de Directie Westelijk Halfrond, die ook gesprekken voert met de in Den Haag geaccrediteerde diplomaten, bezoeken voorbereidt van ministers en staatshoofden uit Latijns Amerika en betrokken is bij reizen van Nederlandse ministers of de premier.

Van Houtum: “We houden de minister steeds op de hoogte wat er aan de hand is, zodat hij ook direct kan reageren als er ergens een staatsgreep is, ofzo. We hebben op het terrein van Latijns Amerika veel overleg met de EG-partners. Over dat gebied lopen de opvattingen weinig uiteen.” Van tijd tot tijd moeten er ook speeches of delen daarvan voor de minister worden geschreven. Minister Kooijmans en het ministerie krijgen jaarlijks een stroom brieven van mensen die hun verontrusting uitspreken over gebeurtenissen in Latijns Amerika. In beginsel worden die door DWH behandeld.

Cuba is in het geheel van de Nederlandse betrekkingen met het westelijk halfrond een bijzonder geval. “Wij onderhouden correcte relaties met het land, omdat we vinden dat de dialoog gaande moet blijven. Maar zolang er geen vooruitgang te zien is op het terrein van democratisering en met de mensenrechten kunnen die betrekkingen niet intensiever worden”, aldus Van Houtum. Nederland hoopt, vervolgt hij, dat zich bij de gewenste ontwikkeling in Cuba geen gewelddadige uitbarstingen voordoen.

Het leeuwedeel van de energie gaat op aan de voormalige kolonie Suriname. Van Houtums directie zit de interdepartmentale werkgroep Suriname voor, bereidt de politiek uiterst gevoelige besluiten voor ten aanzien van dit land. Gisteren nog werd in het kabinet een notitie over Suriname behandeld. Men werkt nauw samen met de Directie Latijns Amerika van Ontwikkelingssamenwerking, die in een ander deel van hetzelfde gebouw aan de Bezuidenhoutseweg zetelt.

Tenslotte Canada en de Verenigde Staten. Ten aanzien van het eerste land kan Van Houtum zich geen thema voor de geest halen, waarover problemen zouden bestaan. En wat de VS betreft zijn de banden zo intensief dat de Directie Westelijk Halfrond daar slechts een deel van voor zijn rekening neemt. Militaire en veiligheidsaspecten vallen er buiten, bijvoorbeeld, die zijn voor de Directie Atlantische Veiligheid, terwijl de betreffende ministeries zich bezighouden met meningsverschillen over zoiets als het drugsbeleid of euthanasie.

Een gevoelig punt in de relatie met de Verenigde Staten is de doodstraf. Nederland bepleit regelmatig clementie op humanitaire gronden, tracht zowel de president als de gouverneurs van deelstaten tot gratieverlening te bewegen. Ook daarover schrijven zeer veel Nederlanders brieven naar Den Haag. Een ander punt van meningsverschil betreft de Amerikaanse economische boycot van Cuba, die Washington onlangs ook van toepassing heeft verklaard op dochterondernemingen van Amerikaanse firma's elders in de wereld. Van Houtum: “Daar verzetten wij ons tegen, Amerikaanse wetten gelden niet buiten hun eigen territorium. Als u mij naar problemen vraagt, is dit afgezien van het punt van de doodstraf het enige dat ik kan bedenken. En de twaalf EG-landen zijn het daarover nog helemaal met elkaar eens ook.”

In De Schie zitten, afgezien van acht gedetineerden op de extra beveiligde afdeling, alleen mensen die in voorarrest verblijven. Dat betekent tegenwoordig dat een eenvoudige junk die een autoradio gapt er niet terecht komt. “Je moet het behoorlijk bont maken om hier te zitten. Onze populatie vormt zich pas na een zeer negatieve selectie. De junk komt hier doorgaans alleen nog maar als hij bij zijn tasjesroof een oude vrouw gewelddadig heeft belaagd. Een heleboel mensen worden buiten dit circuit afgehandeld. Vorig jaar is het aantal alternatieve sancties in Rotterdam verdubbeld”, zegt gevangenisdirecteur J.C.N. Duindam.