VNO en NCW uiten kritiek op belastingvoorstellen

AMSTERDAM, 16 JULI. De belastingmaatregelen van staatssecretaris Van Amelsvoort verslechteren de fiscale concurrentiepositie van Nederland. Dit staat in een verklaring die VNO samen met de Nederlandse Christelijke Werkgevers (NCW) heeft opgesteld in een reactie op de belastingvoorstellen. “In plaats van Nederland aantrekkelijker te maken voor potentiële investeerders geeft de bewindsman prioriteit aan wetgeving met het omgekeerde effect. Dit terwijl het fiscale vestigingsklimaat in Nederland dringend moet worden verbeterd”, aldus VNO en NCW.

Van Amelsvoort wil de relatieve voorsprong van Nederland op fiscaal gebied verkleinen. Hij stelt voor de winsten van concernonderdelen die gevestigd zijn in belastingparadijzen, niet langer vrij te stellen. Verder wil hij de rente-aftrek beperken.

Grote Nederlandse ondernemingen die het slachtoffer dreigen te worden van de vandaag gepubliceerde belastingvoorstellen van staatssecretaris Van Amelsvoort (Financiën) wilden vanmorgen nog niet reageren. Ze willen de voorstellen eerst bestuderen. Belastingadviseur mr. D.A. Hofland van belastingadvieskantoor Loyens & Volkmaars verwacht dat de voorstellen grote gevolgen kunnen hebben voor bepaalde groepen bedrijven.

Shell wil wachten met commentaar tot de belastingwijzigingen officieel openbaar zijn gemaakt. Philips vindt de omschrijving van de voorstellen nog “te weinig feitelijk” om commentaar te kunnen geven. Akzo wilde vanmorgen geen commentaar geven op de belastingvoorstellen. Het bedrijf verwijst voor een reactie naar VNO.

Mr. D.A. Hofland van belastingadvieskantoor Loyens & Volkmaars verwacht dat het wetsvoorstel in deze vorm consequenties heeft voor Nederlandse en buitenlandse multinationals die een holding in Nederland hebben in combinatie met een zogeheten coördinatiecentrum in België of financieringsmaatschappij in tax havens zoals de Antillen en Ierland. “Als dit wetsvoorstel ongewijzigd wordt aangenomen, zullen deze ondernemingen overwegen of deze constructie nog wel zinvol is. Ze kunnen de dochtermaatschappijen opdoeken of zelfs overwegen de Nederlandse houdstermaatschappij inclusief het hoofdkantoor te verplaatsen.” Nederlandse bedrijven die een coördinatiecentrum in België hebben zijn onder andere BT KNP, Unilever, Nedlloyd, Shell, Van Leer, Akzo, DSM, Unigro, Volvocar, Riva en Borsumij Wehry.

Bijzondere Financiële Instellingen (BFI's), waaronder ook in Nederland gevestigde holdings, zijn volgens Hofland een andere groep bedrijven die mogelijk wordt getroffen door het wetsvoorstel. Nederland telt volgens De Nederlandsche Bank bijna 7.000 van deze BFI's die gebruik maken van het hier geldende belastingfaciliteiten (deelnemingsvrijstelling) en jaarlijks circa 28 miljard gulden aan transacties afsluiten. Deze BFI's betalen jaarlijks circa een half miljard belasting aan de Nederlandse Staat. Bovendien is aan deze BFI's hoogwaardige werkgelegenheid verbonden.

Hofland vindt het opmerkelijk dat staatssecretaris Van Amelsvoort nu met dit wetsvoorstel komt. “Deze maatregelen verslechteren het Nederlandse belastingklimaat, terwijl Van Amelsvoort heeft gezegd dat hij vindt dat het Nederlandse belastingklimaat goed is, maar op enkele punten nog kan worden verbeterd. Internationaal zal dit voorstel hard aankomen. Ondernemingen zullen zich afvragen of Nederland voornemens is haar positie als lokatie voor holdings en financieringsmaatschappijen geheel op te geven. Ook het nieuwe Nederlands-Amerikaanse belastingverdrag wijst in die richting.”