Tennis op Belgisch gravel en Duits lava

DEN HAAG, 16 JULI. Zand, lava en gravel moeten de Hollandse regen verwerken. “De baan kan al dat water wel aan, daar blijven geen plassen op staan”, zegt Geert Kroesen, van het bedrijf Kroesen Sports dat de tennisbaan op het Malieveld aanlegde voor de Davis-Cupwedstrijd van Nederland tegen Zweden. “Alleen voor de tennissers is het minder leuk. Maar als het droog is, is ook de baan snel droog.”

Kroesen heeft vanaf vorige week dinsdag dag en nacht met minimaal vier man gewerkt aan het klaarstomen van een gravelbaan. De klus liep anderhalve dag vertraging op - en het stadion verschoof negen meter ten opzichte van de oorspronkelijke plannen - omdat de tent van de Pasar Malam te lang bleef staan. “Het is een record om zo snel een baan voor wereldtoppers aan te leggen”, zegt Kroesen. “Dat kan met de juiste materialen en de goede mensen.”

De laag van drie centimeter Belgisch gravel (gemalen rode baksteen) rust op een laag van veertien centimeter lava uit het Duitse Eiffelgebergte. Daaronder zit nog eens een halve meter zand. Het is het gewone "huismerk' gravel, zoals de wens was van de tennisbond. Als er geen regen was gevallen, had Kroesen zelf met water moeten sproeien om de verschillende lagen in te dikken. De overvloed aan regenwater maakte het gravel wat ruller, maar er waren voortdurend drie walsen beschikbaar om de juiste hoeveelheid druk te kunnen uitoefenen. Van 450 kilo tot 1500 kilo. “Dat doe je op gevoel. Als het te nat is, moet juist niet te zwaar rollen, omdat dan de wals het gravel zou losmaken.”

Na afloop wordt de baan weer helemaal afgebroken. Organisator Jacques Kloppert wil een deel van het gravel in potjes als souvernir verkopen aan de toeschouwers, de rest wordt hergebruikt. De lava zal ergens in een parkeerplaats verdwijnen.

In het stadion is plaats voor ruim 11.500 toeschouwers. Er zijn voor iedere dag nog enige honderden kaarten beschikbaar. En kaartje kost 55 gulden per dag. De recette voor de organisator bedraagt ruim anderhalf miljoen gulden. De tennissers mogen onderling het prijzengeld verdelen dat de Internationale Tennisfederatie beschikbaar stelt: ongeveer 400.000 gulden voor de verliezer van de kwartfinale, minimaal 650.000 gulden als het team tot de halve finale doordringt.