Jarryd beschouwt duo Eltingh-Koevermans als slimmigheid; Dubbelaars zijn heuse partners

DEN HAAG, 16 JULI. De opstelling van Eltingh en Koevermans in het dubbelspel is een slimmigheidje van de Nederlanders, denkt Anders Jarryd. De veteraan (32 jaar) van het Zweedse Davis-Cupteam speelt morgenmiddag samen met Henrik Holm de derde tenniswedstrijd tussen Nederland en Zweden. “Ze zullen de opstelling nog wel veranderen. Ik verwacht Haarhuis”, zei Jarryd gisteren na de loting in het Kurhaus in Den Haag.

“Haarhuis en Eltingh hebben dit seizoen heel goed gespeeld. En in Hamburg verloor ik met mijn vaste partner John Fitzgerald in de kwartfinale van Haarhuis en Koevermans, waarna ze dat toernooi wonnen”, vertelde Jarryd. Morgen wordt alleen het dubbelspel afgewerkt en - als het vandaag te veel regent - eventueel een restant van het enkelspel.

Nederland is door de afwezigheid van Edberg - zijn vrouw schonk eergisteren het leven aan een dochter, Emilie - favoriet in het duel in de kwartfinale van het Davis-Cuptoernooi. En Jarryd schikt zich graag in de rol van underdog. Met een strak gezicht zegt hij dat de Zweden met 4-1 gaan verliezen. De dubbel noemt hij een "open' wedstrijd. Het is geen verrassing dat Holm en Jarryd samen optreden. Zij wonnen vorige week het toernooi in Baastad (de woonplaats van Jarryd) en zegevierden in februari in het Rotterdamse Ahoy'. Jarryd hoort al een decennium tot de vijf sterkste dubbelaars ter wereld. Voornamelijk met Edberg en de Australiër Fitzgerald schreef hij al zes grand-slamtitels op zijn naam, in totaal won hij 53 toernooien.

“Ik vind het even leuk om de single als de double te spelen”, zegt Jarryd. “Maar dubbel past beter bij mijn speltype, met mijn return en mijn volley's. Bovendien blijkt het goed te werken als ik iemand naast me heb, waar ik de spanning tijdens een wedstrijd mee kan delen.” Jarryd was een paar jaar geleden nog zo nerveus tijdens Davis-Cupwedstrijden dat hij het liefst met iemand op de kamer sliep, die hij ook diep in de nacht kon lastigvallen. Coach Jon-Anders Sjögren offerde zich op. Die zenuwen is Jarryd inmiddels kwijt. Hij heeft een eenpersoonskamer in Den Haag. “Tijdens een wedstrijd ben je voortdurend aan het discussiëren”, legt Jarryd uit. “Als het slecht gaat praat je over wat er moet veranderen? Je maakt afspraken waar de service heen gaat.”

Om goed te spelen in het dubbel, moet je ook buiten de baan goed met je partner op kunnen schieten, zegt Jarryd, die bijvoorbeeld tijdens toernooien vaak met zijn partner 's avonds uit eten gaat. Jacco Eltingh is het daar volledig mee eens. Als hij de keus krijgt om met een buitenlandse topper of met een Nederlander te dubbelen, kiest hij altijd voor de laatste. “Je moet veel van elkaar kunnen verdragen. Het kan best klikken tussen twee felle spelers die niet voor elkaar onder willen doen. Maar daar zijn wij niet het het type voor”, zegt hij over zijn teamgenoten. Eltingh ontkent dat zijn dubbel met Koevermans een schijnbeweging is. “Dit is een serieuze opstelling. Mark en ik gaan er vanuit dat we spelen. We hebben eerder deze week ook al zo getraind. Of de coach nog wijzigt, zal van de score afhangen.”

Paul Haarhuis vormde lange tijd een ingespeeld duo met Koevermans, tot hij vorig jaar van partner wisselde en Eltingh aan zijn zijde opdook. Het tweetal bleek in het begin van het seizoen zo succesvol dat het al vrijwel zeker is van een plaats in de Masters, de lucratieve afsluiting met de acht beste dubbels ter wereld. Koevermans en Eltingh hebben in het verleden slechts twee toernooien samen afgewerkt. Ze wonnen Athene 1991. Twee weken geleden op Wimbledon, waar Haarhuis de voorkeur gaf aan vakantie boven het dubbelspel, zochten ze elkaar weer eens op. “Daar ging het droevig, maar dat was gras”, zegt Eltingh. “We kunnen allemaal met elkaar dubbelen en ik speel graag met Paul. Maar je zag dat Paul in Barcelona tegen Spanje na zijn partij op vrijdag de volgende dag heel moe was en niet zo goed speelde. Een dag later weer wel.”

Het Nederlandse dubbel heeft - anders dan bij de Zweden, waar Jarryd de ervaren man is - geen leider. “De beslissingen worden gedeeld”, zegt Eltingh. “Degene die serveert geeft aan waar de bal komt. Alleen als één van de twee niet in vorm is, neemt de ander de leiding. Dan vraagt de mindere speler: "waar wil je de service hebben'.”

Tegen Jarryd/Holm zullen de Nederlanders afwijken van hun gebruikelijke patronen. “Jarryd heeft zo'n goede return dat je moet proberen te ontregelen. Je moet veel variatie aanbrengen. Niet alleen met je service - hard en zacht - maar ook met de opstelling van de man aan het net. Die zal blijven staan, schijnbewegingen maken en ook - vaker dan in gewone partijen - oversteken naar de helft van de baan waar de service vandaan komt.”

Jarryd is de gevaarlijkste, maar ook van de lange Holm (nummer zevetien van de wereld in het enkelspel) gaat dreiging uit. “Hij heeft een waanzinnige service, echte mokerslagen”, zegt Eltingh. “Zijn returns zijn minder en hij is niet zo goed op lage ballen, maar alles wat hoog komt volleert hij weg.”