Vliegende keeper in Duitse politiek moet eigenlijk met pensioen

BONN, 15 JULI. Ernst-Gottfried Mahrenholz is een bekende Duitse rechter. Hij is 64, lid van de SPD en voorzitter van de tweede senaat van het Constitutionele hof in Karlsruhe, het hoogste Duitse rechtscollege. De afgelopen twee jaar was hij de man die namens "Karlsruhe' de arresten bekendmaakte en toelichtte waarom politici in Bonn in grote nood hadden gevraagd.

Arresten bijvoorbeeld over de grondwettelijke (on)toelaatbaarheid van een parlementair aanvaarde nieuwe abortuswet voor het verenigde Duitsland. Of over Duitse militaire deelneming aan VN-acties buiten het NAVO-gebied, zoals in de Adriatische Zee, in AWACS-waarnemingsvliegtuigen van de NAVO boven het gewezen Joegoslavië of in Somalië. Een rechter als "vliegende keeper' dus voor de verdeelde politici in Bonn, een rechter met een mediaprofiel derhalve ook.

Mahrenholz zou nu met pensioen willen. Meer nog, eigenlijk móet hij zelfs met pensioen. Maar hij kan niet, want hij is ongewild hoofdpersoon geworden in een taai gevecht tussen de twee grootste partijen in de Bondsdag, de CDU/CSU en de SDP. Want die zijn het vierkant oneens over zijn opvolging en hebben elkaar daarover in de houdgreep genomen.

Eerst iets over de "techniek' van de zaak. Het Hof in Karlsruhe, dat in zijn veertigjarig bestaan 80.000, veelal constitutionele, klachten van politici en burgers heeft behandeld, bestaat uit twee kamers (senaten) van elk acht leden. Een gewone wet uit 1951 bepaalt dat zijn rechters minimaal 40 jaar oud moeten zijn en maximaal twaalf jaar (of tot hun 68ste jaar) kunnen aanblijven. De zestien rechters worden voor de helft door de Bondsdag, voor de andere helft door de Bondsraad aangewezen. Hoewel dat wettelijk nooit zo is vastgelegd geschiedt die aanwijzing in de Bondsdag in feite met een meerderheid van tweederden binnen een twaalfkoppige groep kiesmannen (CDU/CSU 6, SPD 5, FDP 1). De grote partijen zijn dus verplicht tot overeenstemming over "hun' kandidaten.

Alle rechters in Karlsruhe moeten met een bepaald minimumcijfer hun juridische examens hebben gedaan. Als eis geldt ook dat in beide senaten steeds ten minste drie rechters moeten zitten die afkomstig zijn uit een van de vijf Duitse gerechtshoven. De facto worden de overige tien rechtersplaatsen paritair, en bij toerbeurt, verdeeld tussen CDU/CSU en SPD.

De SPD heeft daarom volgens dit al tientallen jaren bestaande convenant van de grote partijen nu het recht om voor partijgenoot Mahrenholz een kandidaat voor te dragen. Zij had eerst informeel de vroegere minister van justitie Jürgen Schmude en de Berlijnse wethouder Jutta Limbach voorgesteld, en daarvoor al steun van de CDU/CSU gekregen. Maar zij kwam daarvan terug ten gunste van een van de ondervoorzitters van haar Bondsdagfractie: de 48-jarige juriste Hertha Däubler-Gmelin, die tot voor kort ook vice-voorzitter van de partij was en nu net deel is gaan uitmaken van het voorlopige alternatieve "schaduwkabinet' rondom de nieuwe SPD-chef Rudolf Scharping.

Tegen haar als geprononceerd partijpolitica heeft de CDU/CSU voor de opvolging van Mahrenholz onoverkomelijke bezwaren. In de praktijk betekent dat, dat zij geen groen licht krijgt van Wolfgang Schäuble, fractieleider van de CDU/CSU. Dat werd niet beter toen zij vorige week niet alleen openlijk het hoofd eiste van de Duitse procureur-generaal Alexander von Stahl (55, FDP), wegens diens “catastrofale” informatiebeleid na de arrestatie van twee RAF-verdachten op het station van het Mecklenburgse plaatsje Bad Kleinen, maar ook direct haar partijgenoot Wilfried Penner als opvolger aanbeval.

Immers: het Bondsdaglid Penner is de man die drie jaar geleden door Stahl werd gepasseerd en die hem sinds "Bad Kleinen' fiks had gekritiseerd. De CDU/CSU-fractie liet daarop horen dat Hertha Däubler zich “weer gediskwalificeerd” had voor een benoeming in Karlsruhe. Ook Stahls FDP kwam in het geweer: zij eiste dat mevrouw Däubler, die ooit als kandidaat-rechter werd afgewezen in Baden-Württemberg omdat haar doctoraal-cijfers niet hoog genoeg waren geweest, uit Scharpings SPD-schaduwkabinet zou verdwijnen. Die bezwaren klemmen temeer omdat de coalitiepartijen aannemen dat de SPD Hertha Däubler later kandidaat wil stellen voor de opvolging van Roman Herzog, die sinds 1987 president van het hof in Karlsruhe is en in 1995 met pensioen gaat. (Herzog, die politiek dicht bij de CDU staat, wordt ook wel genoemd als kandidaat voor de opvolging, in mei 1994, van bondspresident Richard von Weizsäcker.)

Kortom: terwijl een groot deel van de Duitse kiezers op flinke afstand van "de politiek' is geraakt en de Politikverdrossenheit zelfs een groot thema in Duitsland is, zijn de grote partijen op de gevaarlijke scheidslijn tussen de wetgevende en de rechterlijke macht in een patsituatie beland. De CDU/CSU of de SPD moet dadelijk pijnlijk door de bocht. Dadelijk? Zonder bevrijdende ingreep "van boven' moet de pensioengerechtigde Ernst-Gottfried Mahrenholz in Karlsruhe blijven zitten. De “vliegende keeper van de politiek” is nu ook de gevangene van de politiek en de tevens onvrijwillige ster in een juridisch-parlementaire tragikomedie.