Tegenstrijdigheden

HET NEDERLANDSE drugsbeleid heeft met het Nederlandse omroepbestel gemeen dat het vrijwel niet aan buitenlanders valt uit te leggen. Het drugsbeleid boekt tenminste nog aardige resultaten, maar deze kunnen niet verhullen dat de Nederlandse aanpak vol zit met innerlijke tegenstrijdigheden. Dat geldt zelfs voor de soft drugs. Koffieshops worden gedoogd (eigen gebruik is vrij) maar handel blijft verboden, terwijl iedereen weet dat de shops ook moeten worden bevoorraad.

Het heenzenden wegens cellengebrek door de justitie in Haarlem van kleine hasj-koeriers die op Schiphol worden betrapt, vormt de jongste illustratie. Op zichzelf zit er een rationele afweging achter. Cellen zijn tegenwoordig schaars. Het heenzenden van kleine drugskoeriers sluit aan bij het bestaande gedoogbeleid. De handel vormt immers zoals dat heet geen hoge opsporingsprioriteit zolang hij althans binnen zekere grenzen blijft.

Internationale drugskoeriers, hoe klein ook, gaan letterlijk over de grenzen heen en dat geeft het heenzenden een speciaal accent. Nederland hoeft de gevoeligheden van andere landen niet te delen om ze toch niet openlijk te willen bruskeren. Al was het alleen omdat het internationale krediet dat in de drugskwestie slechts moeizaam wordt opgebouwd, broos is. Wat dit betreft kon de stellingname van het Haarlemse parket niet slechter treffen, al komt zij minister Hirsch Ballin (justitie) wellicht niet ongelegen nu deze in het begrotingsoverleg voor de zware taak staat tweeduizend cellen extra uit het vuur te slepen. De samenloop zal net zoals bij eerdere spectaculaire heenzendbeslissingen van het Openbaar Ministerie wel toeval zijn. Maar veel meer van dit soort concidenties kan de geloofwaardigheid van de staande magistratuur echter niet velen.

EEN CYNICUS ZAL zeggen dat het vooral openhartigheid over de grenswaarde van vijfentwintig kilo hasj is die de justitie in Haarlem parten speelt. Dat is ook het probleem bij de aanpak van belasting- of bijstandsfraude. Strafrechtelijke vervolging heeft pas plaats bij schade ter grootte van een bepaald bedrag, maar dat betekent natuurlijk niet dat geknoei tot het drempelbedrag dan maar wordt toegestaan. Er zijn trouwens wel degelijk andere (administratieve) sancties. Ook in het geval van de kleine drugskoeriers is het niet zo dat er helemaal niets gebeurt. Hun buit zijn ze in elk geval kwijt en een verstekvonnis maakt dat ze zich wel tweemaal zullen bedenken nog eens terug te komen.

Na koffieshops en nederwiettelers zet deze affaire het politieke draagvlak voor het drugsbeleid opnieuw onder druk. Pragmatisch als het is moet dit beleid het juist hebben van een zekere politieke "luwte', zoals dat in april werd genoemd tijdens een Kamerdebat over de verslavingsproblematiek. Het is nu overigens niet zozeer het drugs(gedoog)beleid zelf dat inzet vormt van politiek meningsverschil als wel het cellentekort, in het bijzonder de kwestie van twee-op-een-cel. Dus toch begrotingsoverleg.