Hels onthaal in een bizar hotel

De voorstelling "Hotel 'Elswout' door theatergroep 't Frus is nog t/m 22 aug, wo t/m zo, te zien. Landgoed Elswout, Elswoutslaan 20a, Overveen. Aanv 21u. De expositie in het landhuis is t/m dezelfde datum, van 14-17u, te zien. Kaartverkoop via de VVV en aan de kassa van het hotel (van 14-17u). Inl 023-247694.

In kamer 9, 10 en 11 is het niet pluis. De hotelgast die bij de receptie beneden een van deze kamers heeft toegewezen gekregen, kan zich voorbereiden op een woelige nacht. Achterin nummer 10, een zwaar verduisterde ruimte die beeldend kunstenaars Berends en Dodenaard hebben ingericht, licht tegen paars blacklight een bed-achtige constructie op. Bedoeld om op te slapen is het geval niet: de bodem ontbreekt en bovendien slaat bij nadering een in de hoek opgestelde hellehond aan. "Don't touch, asshole!' blèrt het beest.

Ook in de kamer van Martin Winters is het slecht toeven als gast. Winters heeft de ruimte met een vlammenwerper behandeld. Een matras ligt verbrand en opengereten op een bed van glasscherven. Vensters zijn besmeurd met ondoorzichtige, bruine smurrie. Een aangebrande gewatteerde deken hangt als stilleven aan de muur. Een grauwe onderjurk druipt boven een badkuip. Kapot getrapte portretten en heel veel achtergelaten en verloren handschoenen: dat zijn de ingrediënten waarmee Winters zijn visie op het hotelleven tot uitdrukking brengt.

Hotelgeluk: je vindt het niet in de kamers, de gangen, trappehuizen en bordessen van "Hotel h'Elswout', zoals het laat negentiende-eeuwse landgoed Elswout bij Overveen deze zomer heet. De Amsterdamse toneelgroep 't Frus - bekend om zijn voorstellingen op locatie - nam het intitiatief om het leegstaande herenhuis deze zomer als decor voor hun achtste "ruimteproject' te gebruiken. Beeldend kunstenaars werden uitgenodigd om het voormalige schoolgebouw, dat in de jaren zestig foeilelijk is gerenoveerd, in te richten als een bizar hotel. Zeven maanden lang beschilderde men schrootjes met zoete roosjes, bedekte men kurken plafondtegels met draperieën en verborg men het tl-licht achter dempers. Onslijtbaar vinyl verdween onder tapijten en schelpenzand. 's Middags is het "kunsthotel' te bezichtigen. 's Avonds heeft in en om het gebouw een voorstelling plaats. De klok van het poortgebouw slaat negen uur. De zon zakt weg achter statige beuken. Eenden en ganzen klimmen uit romantisch slingerende vijvers de wal op en maken zich klaar voor de nacht. In het sprookjesachtige bos van Elswout verstommen de vogels en beginnen mollen en muizen te ritselen. Het publiek dat op de voorstelling "Hotel h'Elswout' is afgekomen, wordt vanavond hotelgast. Koffers worden op een handkar geladen en met z'n zestigen gaat het onder strenge beleiding van een butler hotelwaarts. Wie bij het inchecken zijn naam mompelt, zijn kamernummer vergeet of tijdens de door alle ruimtes van het landhuis zwervende voorstelling van de groep afdwaalt, krijgt ongenadig op zijn mieter van het hotelpersoneel.

Tijdens de rondleiding, in scène gezet alsof je op zoek bent naar je hotelkamer, maken de gasten kennis met het lief en vooral het leed van de familie Borski, een rijke bankiersfamilie die in de negentiende eeuw werkelijk op Elswout heeft gewoond. De verhoudingen tussen de gezinsleden onderling zijn slecht. Dochter Cato voelt zich getiranniseerd door haar ouders en gaat er met de butler vandoor. Mevrouw Borski neemt haar licht seniele echtgenoot met wie zij 27 jaar getrouwd is niet au sérieux en smeedt snode plannen om het voltallige personeel te ontslaan. Dit personeel van kamermeisjes en bedienden trekt al zingend en dansend zijn eigen plan: grijpt de macht en zet de Borski's het huis uit. De hotelgasten hebben dan gedwongen bezit genomen van het huis en van de feestelijk gedekte bruidstafels in de eetzaal. Hotel h'Elswout is geboren.

Dit is in een notedop het verhaal dat regisseuse Femmy van Pelt ons voorzet. En dat dit verhaal niet helemaal logisch of begrijpelijk in elkaar steekt, doet er eigenlijk niet toe. Het gaat om het surrealistische effect dat de vermenging van werkelijkheid met fictie, van heden en verleden oplevert. Opgedreven van de "bibliotheek' van Pa, naar het "boudoir' van dochter Cato of het bordes buiten het huis, krijgen de gasten in willekeurige volgorde vermakelijke, bedreigende, dromerige en treurige scènes te zien. Het agressieve ballet op het ritme van klappen, gestamp, gekraak en gehijg vormt een mooi rustpunt tussen het gesjouw van kamer naar kamer. En ook het tafereel met de verwarde heer Borski, die blootsvoets op een keukenstoel tussen de waterlelies in de vijver met zijn Russische obligaties schuitjevaart, is fraai. Op de achtergrond een verstild uitzicht op bos, weilanden met prieeltjes en loom grazende koeien.

Pas na elven stopt de voorstelling. Tegen die tijd denkt meneer Borski dat hij kan vliegen en is zijn vrouw in zwaarmoedig gepeins verzonken. Iedereen kan binnen in de bar nog wat drinken, maar leuker is het om over de bospaden rond het landgoed te wandelen, nu de nacht definitief is gevallen.