Zusje

Na het overlijden van haar vader, vertelde Lisette, begon ze ook over haar zusje te dromen. Ze waren een tweeling geweest. Ze woonden op de boerderij en er was een afstapje tussen de voorkeuken en de achterkeuken. Ze speelden met de hond, haar zusje struikelde. Hun moeder zag het gebeuren, maar het kindje was al dood.

Dat was een maand voor hun tweede verjaardag. Op die leeftijd heb je natuurlijk nog geen besef van dood. Ze moet het gevoel hebben gehad dat iets wezenlijks van haar werd afgepakt.

Er zijn twee foto's bewaard gebleven en haar moeder geeft antwoord op vragen. Van zichzelf weet ze niets uit die tijd. Maar nu opeens die droom.

Ze zijn samen op een grasveld waar de was hangt te wapperen. Aldoor alleen maar dat. En waar je dan benieuwd naar bent: of zo'n droom niet toch op een herinnering berust. Want dat zou prachtig zijn.

Eén keer droomde ze dat ze in Zimbabwe was. Ze zat in Harare op een terrasje en iedereen kwam afscheid nemen. Ze begreep er niets van. Ze was niet van plan om weg te gaan. Ze bleef dus zitten, bestelde nog een kop koffie. Toen kwamen nog meer mensen afscheid nemen.

Ze slaapt gewoonlijk op haar zij. Laatst had ze zich op haar rug gedraaid. Ze dacht: nu moet je oppassen, nou ben je bezig dood te gaan.