Van Amelsvoort tegen Europese bronbelasting

DEN HAAG, 14 JULI. Staatssecretaris Van Amelsvoort (financiën) verzet zich tegen de toenemende druk van met name België en Duitsland om een Europese bronbelasting op rente-inkomsten te gaan heffen. Dat schrijft Van Amelsvoort in een vertrouwelijke brief aan de Tweede Kamer.

Bij een bronbelasting wordt belasting geheven op het moment van uitkering van loon, rente en dividend. In Nederland geldt een ander systeem en worden rente-inkomsten bij het loon opgeteld en afgerekend tegen een belastingtarief van respectievelijk 38,55; 50; of 60 procent. Als de rente- en dividendinkomsten minder zijn dan duizend gulden hoeft geen belasting te worden betaald; voor gehuwden geldt een belastingvrij bedrag van tweeduizend gulden. Volgens Van Amelsvoort wordt het Nederlandse systeem “zeer ingewikkeld” wanneer er een systeem van bronbelasting en rentevrijstelling zou komen.

Maar het grootste bezwaar van Van Amelsvoort tegen de invoering van een uniforme bronbelasting op rente-inkomsten is dat het tarief waarschijnlijk veel lager zal komen te liggen dan de huidige tarieven (38,55; 50; of 60 procent). De staatssecretaris van financiën heeft de Kamer vertrouwelijk ingelicht omdat België heeft aangekondigd de bronbelasting hoog op de Europese politieke agenda te willen plaatsen; België is op dit moment voorzitter van de EG.

Zes van de twaalf lidstaten kennen een bronbelasting waarbij de rente-inkomsten dus niet bij het belastbaar inkomen hoeven te worden opgeteld. Duitsland had aanvankelijk grote bezwaren tegen een uniforme bronbelasting, maar is onlangs over de bezwaren heen gestapt. Duitsland heeft ook een compromisvoorstel gedaan om Nederland, Denemarken en Luxemburg - de grootste tegenstanders - over de streep te trekken.

Nederland kent namelijk een systeem van renter-enseignering waardoor financiële instellingen wettelijk verplicht zijn om de fiscus inzicht te geven van de rente-inkomsten van hun cliënten. In het compromisvoorstel van Duitsland mogen landen een dergelijk systeem behouden, maar moet wel bronbelasting worden geheven bij buitenlandse ingezetenen van een ander EG-lidstaat.

Van Amelsvoort - en ook Denemarken en Luxemburg - vrezen dat een uniforme bronbelasting leidt tot minder inkomsten voor de Staat. EG-commissaris Scrivener denkt aan een bronbelasting van ongeveer tien procent.

Volgens president Duisenberg van De Nederlandsche Bank valt in het kader van de harmonisatie van belastingtarieven niet te ontkomen aan de invoering van een bronbelasting.