Rietwood, tehuis voor vormgevers onder de filmstudenten j..LE: ijdens de vorige editie van de Nederlandse Filmdagen werden voor het eerst nadrukkelijk ook andere eindexamenfilms onder de aandacht gebracht dan die van de Nederlandse Film- en Televisie...

Dit jaar studeren twee Rietveld-leerlingen af aan de afdeling Voorheen Audio Visueel (VAV). Tezamen met oud-leerlingen en studenten uit een eerdere fase vormen zij de Rietwood Studio, de weidse benaming van een kleine, maar actieve nieuwe produktiekern van films en videoprodukties die je als "experimenteel' of "avantgardistisch' zou kunnen betitelen. Onlangs presenteerden zij in het Amsterdamse Kriterion-theater hun nieuwe oogst, waarvan een deel officieel geproduceerd werd door de stichting ARK Films, een groep rond de vorig jaar afgestudeerde Mark de Cloe, Guido van Gennep, Harco Haagsma en Marco Vermaas.

Over de eindexamenfilms van de NFTVA wordt al jaren geklaagd, omdat de makers zo weinig oorspronkelijks te melden zouden hebben. Hetzelfde verwijt kan men richten aan het adres van de Rietveld-studenten, maar die beschikken wel over een voordeel: zij zijn opgeleid in een traditie van vormgeving en weten waarschijnlijk daardoor de leegte beter te verpakken.

Over de toekomst van de ene eindexamenkandidaat van dit jaar, Quirijn Kuchlein, hoeft bij voorbeeld niemand zich zorgen te maken. Zijn korte film Mission Arcadia is letterlijk een luchtkasteel, dat zichzelf verkoopt. Er is niets anders te zien dan overdrijvende wolken, begeleid door pathetische muzak. De clou is de aan het eind verschijnende titelkaart, met de vraag: “Wat ging er door u heen?”, gevolgd door de uitnodiging de gedachten, waar de film aanleiding toe gaf, op een antwoordvel te schrijven en aan de filmer op te sturen.

Slechts iets minder zelfwerkzaamheid vereist Over enkele ogenblikken van de eveneens afstuderende Wineke van Muiswinkel. Die titel moet de toeschouwer op het spoor zetten: de handvol personages, in zwart-wit gefilmd in een huiskamer, gedragen zich alsof ze in een trein zitten, deinend en schommelend op het ritme van een denkbeeldige beweging. Ook dit is een concept-film, gebaseerd op slechts een enkel, tamelijk mager idee.

De echte revelatie van Rietwood is dit keer een vierdejaarsfilm van Ruth Louz, getiteld Iron Waltz. Louz heeft aan ideeën geen gebrek, getuige haar in warme pasteltinten gefilmde variaties op een thema. De beweging van een strijkbout over de plank wordt op talloze manieren geparafraseerd in een idioom, dat nog het meest aan dat van een ouderwetse MGM-musical herinnert. De menselijke figuren in het binnenste van de strijkbout zouden niet misstaan bij Busby Berkeley, de platgewalste dansers lijken weggestapt uit een cartoon met Tom & Jerry. Iron Waltz, uiteraard geproduceerd voor een schijntje, is de meest inventieve Nederlandse studentenfilm sinds Paul Ruvens De tranen van Maria Machita en is een persoonlijker, minder academisch werkstuk dan bij Rietwood gebruikelijk lijkt.

De vaardigheden van De Cloe vertonen wel progressie, getuige zijn in de tweede fase Autonome Kunsten vervaardigde film Balconière. Ook de documentaire Fodor longa, res brevis van Van Gennep en Haagsma is een knappe onderneming, die met gecontroleerde stijlmiddelen een impresssie geeft van de afscheidsbijeenkomst in het Amsterdamse Stedelijk Museum Fodor. Maar beide films lijden aan een overmatige neiging tot artisticiteit, waar Iron Waltz vederlicht het rijk van de spontane filmkunst betreedt.

Alle genoemde films uit de Rietwood Studio zullen te zien zijn tijdens de Nederlandse Filmdagen te Utrecht, 22 tot en met 30 september.