Parel van China?

'Where you from?' Ik zit op de stenen traptreden van het Sun-Yat Sen Memorial in Guangzhou (Kanton). Een goed geklede oudere heer stelt me de vraag die ik al heel wat keren eerder gehoord heb. En verder: wat we van China vinden? Dan steekt hij van wal. In redelijk verstaanbaar Engels maakt hij duidelijk dat het allemaal veel te snel gaat. De jongeren willen alleen nog maar plezier maken, ze verliezen het respect voor hun ouders, voor hun cultuur. Ze willen McDonalds en Gucci en ze luisteren naar Karaoke "nonsense noise'.

Zo'n klaagzang van oudere mensen over de jeugd van tegenwoordig is niet nieuw. Maar in dit geval lijkt de man er niet ver naast te zitten. In een verbijsterend tempo wordt de Chinese maatschappij omgebouwd van een autoritaire planeconomie tot wat ze een socialistische markteconomie noemen. We hebben er in het Westen al vaak en veel over gelezen; ook over de vrees van veel "China watchers' dat deze zeepbel spoedig uit elkaar moet klappen.

Hongkong is de springplank van waaruit de jungle-variant van het Westers kapitalistisch model zich een weg baant in wat officieel nog de Peoples Republic of China (PRC) heet. Het gemiddeld inkomen per inwoner hier is ongeveer vijf keer dat van geheel China (2.200 Amerikaanse dollars) en ruwweg vier keer zo hoog als dat in de aangrenzende provincie Guangdong.

Het officiële Wereldbankcijfer voor China was tot voor kort 370 dollar (1990). Nader onderzoek heeft aangetoond dat dit niet juist kan zijn. Ook de waarneming van de Chinese levensstandaard "op straat' maakt duidelijk dat China geen 'low-income economy' is. Het cijfer is vooral zo laag omdat de Chinese yuan zo zwak staat ten opzichte van de dollar. Herberekening waarbij met de koopkracht van de munt rekening is gehouden, geeft een jaarcijfer voor China van ongeveer 2.200 dollar per inwoner voor 1990.

Guandong ligt sinds de start van de economische hervormingen een stapje voor op de rest van China. De provincie heeft de leiding wat betreft openheid, groeisnelheid, ontwikkeling van de infrastructuur, groei van de export en het gebruik van buitenlands vermogen. Al twaalf jaar ligt hier de produktiegroei drie procentpunten boven het al zeer hoge (9%) Chinese gemiddelde.

Binnen de provincie Guangdong ligt de Pearl River Delta voorop. En de motor van deze rivierdelta is de direct naast Hongkong gelegen stad Shenzhen. Als deze stad model staat voor wat er op het ogenblik in China aan de hand is, begrijpen we wat die oudere heer bedoelt. Wie na een uurtje airco-treinen vanuit Hongkong hier aankomt, weet niet wat hij ziet. De stad is in ruim tien jaar tijd gegroeid van 30.000 inwoners tot zo'n 2,5 miljoen. Vanuit heel China spoeden jonge mensen zich naar Shenzhen om daar een toekomst op te bouwen. De gemiddelde leeftijd is er 27 jaar.

Van de oude bebouwing is weinig meer te zien. Honderden kantoorgebouwen en grote hotels, die in Amsterdam Zuid-Oost of langs de Maas niet zouden misstaan. De onroerend goedprijzen benaderen die van Hongkong: zo'n 7.000 gulden per m2.

Tientallen bouwputten; de straten opengebroken, soms een verschrikkelijke stank van verrotting; een drukke, haast onontwarbare verkeerskluwen, niet agressief maar wel doordrukkend. Veel wrakkige taxi's en heel veel fietsen. Zakenlieden die het gemaakt hebben in een Mercedes 300 of liefst 500 SEL. Niet altijd zijn ze op een nette manier aan hun geld gekomen. Shenzhen heeft een reputatie op het gebied van omkoping, smokkel, prostitutie en criminaliteit. In het draaiend dakrestaurant van het vijfsterren Shangri-La hotel kun je voor 40 gulden van een lopend buffet genieten. Bij McDonalds kost de Big-Mac niet veel meer dan een gulden. Kleine neringdoenden bieden etenswaren en "massages' aan, plakken banden, verkopen T-shirts of pakjes papieren zakdoeken. Kortom een ontwikkelingsland waar plotseling de kapitalistische gekte heeft toegeslagen.

Shenzhen is een Special Economic Zone (SEZ), wat wil zeggen dat ondernemers er allerlei voorkeursbehandelingen genieten. De stad heeft sinds kort van het Nationaal Congres toestemming om op economisch gebied zelf wetten af te kondigen. Zo heeft men de procedures om een onderneming op te zetten drastisch verkort: binnen twee weken is de registratie rond. De winstbelasting bedraagt 15%; voor bepaalde produkten geldt de eerste twee winstgevende jaren een nultarief. En wie nieuwe technologie het land binnenbrengt, kan op een nog prettiger belastingklimaat rekenen.

De oorspronkelijke bedoeling van de SEZ's komt overigens niet helemaal uit de verf. De opzet was dat daar met buitenlands technisch vernuft produkten voor de export zouden worden geproduceerd, waarmee buitenlandse valuta konden worden verdiend. Steeds vaker wordt de produktie niet geëxporteerd, maar het hongerige ontwakende Chinese binnenland ingezogen.

In het voorjaar van '92 is de 89-jarige Deng Xiaoping - de man die dit kapitalisme met een rood randje heeft mogelijk gemaakt - in Shenzhen geweest. Hij spoorde de mensen aan op de ingeslagen weg voort te gaan. Een aansporing die niet aan dovemansoren gericht was. Van '91 op '92 groeiden de investeringen in vaste kapitaalgoederen met 78%, de industriële produktie met 40%, de exportwaarde met 48%. Tot eind '92 zijn er 10.000 projecten met buitenlands vermogen goedgekeurd, ter waarde van een kleine 10 miljard dollar, waarbij 34 landen betrokken zijn. De helft daarvan is intussen gerealiseerd. In 1991 meldden zich bij de effectenbeurs van Shenzhen 6 nieuwe ondernemingen, het jaar daarna 18. In de eerste zes maanden van 1993 zijn het er 34.

Het wordt intussen elke dag duidelijker dat de Chinese economie samenleving oververhit raakt. Niet alleen economisch maar ook sociaal. De feiten bevestigen het gemopper van de sombere oude man. De gouverneur van de Centrale Bank is naar huis gestuurd, omdat hij de kredietverlening onvoldoende in de hand had. Verdere renteverhoging, kredietbeperking en de eerste bezuinigingsprogramma's zijn intussen afgekondigd.