Made; Onder-deken "deformeert' schuttersgilde

In Brabant en Limburg bloeien nog altijd de schuttersgilden, een vorm van folklore die zijn wortels heeft in de middeleeuwen. Noord-Brabant alleen al telt 198 van die verenigingen met samen bijna 8.000 gildebroeders. Schieten op de "schutboom', vendelzwaaien en tromgeroffel, het hoort er allemaal bij. Maar vrouwen moeten zich nog koest houden.

MADE / ROOSENDAAL, 14 JULI. Het 34 man en één vrouw sterke St. Ambrosius Bijenhoudersgilde van Made en omgeving voelt zich ernstig achtergesteld. Al jaren onderneemt het bestuur pogingen aansluiting te vinden bij de kring "Baronie en Markiezaat' van de Noordbrabantse Federatie van Schuttersgilden, maar toetreding is van die kant keer op keer geweigerd. En waarom? “Omdat we ook vrouwen in ons gilde opnemen, als volwaardig lid met dezelfde rechten als mannen”, verklaart Huub Oome, woordvoerder van St. Ambrosius, tevens kapitein van de schutterij die deel uitmaakt van de club.

Voorlopig gaat het om één vrouw, Els Heukels uit Terheijden, die intussen tot onder-deken (vice-voorzitter) van het gilde wist op te klimmen. Maar het kunnen er gemakkelijk meer worden. “Bovendien”, aldus Oome, “weigeren wij de eed van trouw op het kerkelijk, zeg rooms-katholiek, gezag af te leggen. Dat kun je van een aantal van onze leden ook niet eisen, omdat ze protestants of onkerkelijk zijn. Hier in de Brabantse westhoek leven katholieken en protestanten nu eenmaal vrolijk door elkaar. Moslims zijn trouwens ook welkom. Maar dat is voor het kringbestuur wèl een reden om ons buiten de deur te houden.”

Nog onlangs mochten Oome en de zijnen ervaren wat deze uitsluiting voor consequenties heeft. In het nabijgelegen Etten-Leur voltrok zich het jaarlijkse Landjuweel, een soort festival van alle Brabantse schuttersgilden. Ook St. Ambrosius uit Made werd door de plaatselijke (en bevriende) afdeling uitgenodigd met drie man aan de "plechtige mis, koffietafel en erewijn' deel te nemen, maar dan uitdrukkelijk in burgerkostuum, dus niet in de gebruikelijke gilde-uitmonstering. “U weet dat we anders een hoop gedonder krijgen”, stond er in de bewuste brief.

“Daar zijn we dus niet op ingegaan”, meldt Oome, die het "gedonder' toeschrijft aan een halsstarrig kringbestuur, dat hij vergelijkt met “de Romeinse curie die je in een keurslijf wil drukken”. “Geen vrouwen, dat is toch niet van deze tijd? Wij richten ons allereerst op de bijenteelt en menen dat vrouwen net zo goed kunnen imkeren als mannen. Als ze de proeve van bekwaamheid maar met goed gevolg afleggen, is het goed. En dan kunnen ze vanzelf ook bij de schutterij komen.”

Oome toont brieven uit 1988 en 1990, waarin het kringbestuur toetreding van St. Ambrosius tot de federatie verwerpt. Een van de argumenten is inderdaad dat het Madese gilde ook vrouwen als lid toelaat. Letterlijk staat er: “Vrouwen in het gilde opnemen, met dezelfde rechten als mannen, zou zo'n gilde deformeren; het zou het gilde niet meer zijn.” Aangevoerd wordt ook dat de statuten van Ambrosius niet reppen van enige verbondenheid met de rooms-katholieke kerk.

“Ach, dat van die vrouwen weegt niet eens zo zwaar, al zijn we vanouds een mannengemeenschap”, licht kringvoorzitter H.J.M. van Rijckevorsel, woonachtig in Roosendaal, de bezwaren toe. “Ons hoofdmotief, en ook dát staat in de brieven, is dat St. Ambrosius zich primair met de bijenteelt bezighoudt en dus geen schuttersgilde, maar een ambachtsgilde is. En wat die eed van trouw aan het kerkelijk gezag betreft, dat is een traditie van honderden jaren die we niet gaarne loslaten. We zijn tenslotte een katholieke instelling en willen dat ook blijven.”

Hij maakt gewag van protestanten bij andere Brabantse gilden die zich aan de rooms-katholieke inslag van deze folklore niet storen en ook rustig de heilige mis ter opening van een gildefeest bijwonen. Van Rijckevorsel: “Als je daar geen zin in hebt, even goede vrienden, maar dan moet je niet boos worden, zoals die van Made en omstreken doen. Wie zich aanmeldt bij een vereniging, moet zich nu eenmaal onderwerpen aan de regels van zo'n club.”

Maar toch nog even de vrouw als lid. Zij zou het gilde deformeren, dat is niet mis. Van Rijckevorsel: “Maar dan wijs ik tegelijk op een andere passage in de brief aan St. Ambrosius. Daar staat: "Wellicht biedt de toekomst openingen waardoor deze aangelegenheid opnieuw ter sprake kan komen'. Ik wil maar zeggen: we zijn weer een paar jaar verder en de zaak is in ontwikkeling. Als ze in Made aan alle andere voorwaarden voldoen, lijkt het me toe dat ze ook mét vrouwen tot onze kring kunnen toetreden. Al ben ik niet degene die het voor het zeggen heeft. Daarover beslissen de gezamenlijke gilden van de kring.”