Duisenberg zeer tevreden over Frans-Duitse monetaire samenwerking; Verbale verdediging van franc werd gevolgd door concrete maatregelen

STRAATSBURG, 14 JULI. Wim Duisenberg, president van De Nederlandsche Bank en voorzitter van het Comité van presidenten van de centrale banken van de EG-lidstaten, is zeer te spreken over de manier waarop Frankrijk en andere landen de recente aanvallen op de franc hebben gepareerd. Werd in het verleden nog al eens monetair beleid gevoerd door louter verbaal geweld, deze keer werd een krachtige verklaring van de Franse premier Balladur gevolgd door concrete maatregelen die hun uitwerking niet hebben gemist. De spanning rond de Franse franc is daardoor in elk geval voorlopig geluwd.

Bankpresident Duisenberg zei dit gisteravond in Straatsburg, na afloop van zijn optreden in het Europese Parlement waarbij hij onder andere vragen beantwoordde over het jaarverslag van het Comité van bankpresidenten. Om de franc te beschermen greep niet alleen de centrale bank van Frankrijk in, maar intervenieerde onder andere ook de Duitse Bundesbank. “Een waar teken van samenwerking”, aldus Duisenberg.

In de nasleep van de "september-crisis' die vorig jaar uitbrak binnen het Europese monetaire stelsel (EMS) hebben de bankpresidenten de ministers van financiën van de EG-lidstaten voorgehouden geen wisselkoersbeleid te voeren door hoge ambtenaren alleen maar verklaringen te laten afleggen. Die les is kennelijk begrepen. Vrijdag verklaarde premier Balladur dat de autoriteiten vastbesloten waren om de stabiliteit van de Franse munt te handhaven, met gebruikmaking van alle noodzakelijke middelen. En geruchten als zou de franc het EMS moeten verlaten, noemde hij “absurd en volslagen onzinnig”.

Maar bij die verbale verdediging bleef het niet. Dezelfde dag nog steeg de korte rente in Frankrijk van 7,75 procent naar 9,5 procent. “In termen van mijn vak is dat een hele hoge stijging”, aldus Duisenberg. De ingreep illustreerde de bereidheid van de Franse regering om haar woorden kracht bij te zetten en om voor de eigen economie uiterst pijnlijke maatregelen te nemen. Daarmee won de Franse verdediging aan geloofwaardigheid en kon de koers van de Franse franc weer enigszins tot rust komen.

Dat is evenwel nog geen garantie dat de spanningen rond de franc nu voorgoed uit de wereld zijn. “Speculaties kan men niet voorkomen”, stelt Duisenberg eenvoudig. Ook al staat de economie van een land er fundamenteel goed voor - zoals het geval is met Frankrijk “dat er is sommige opzichten zelfs beter voorstaat dan Duitsland” - dan nog zijn speculaties tegen een munt niet uitgesloten. Duisenberg verwijst daarbij naar een uitspraak van George Soros, de Britse speculant die miljarden heeft verdiend aan de crises op de wisselmarkten en die heeft beweerd dat hij zijn winkel pas hoeft te sluiten als er één Europese munt is. En “het zal nog wel even duren” voordat het zover is, aldus Duisenberg.

Het optreden van de bankpresident in het Europese Parlement is niet zonder betekenis. Bij vorige gelegenheden moest de voorzitter van het Comité van bankpresidenten zich nog beperken tot het houden van een toespraak en mocht hij formeel geen vragen van Europarlementariërs beantwoorden, omdat het Comité als zodanig geen deel uitmaakt van de institutionele verhoudingen binnen de EG. Pas als het Verdrag van Maastricht is geratificeerd zal de nog te benoemen president van een nog op te richten Europees monetair instituut (EMI) regelmatig in het parlement verschijnen om verantwoording af te leggen. Maar tegen de zin in van parlementsvoorzitter Klepsch bood de meerderheid in het parlement Duisenberg gisteren de kans om al vooruit te lopen om de totstandkoming van het EMI (dat de voorloper wordt van de Europese centrale bank).

Duisenberg zei gisteren dat de huidige economische moeilijkheden absoluut geen aanleiding voor de lidstaten mogen zijn om de in het Verdrag van Maastricht vastgelegde criteria voor de Europese monetaire unie (EMU) los te laten. “Het gaat om heel waarachtige criteria die niet zomaar uit de lucht zijn komen vallen”, aldus Duisenberg. Zonder respect voor die criteria blijven de verschillen tussen de lidstaten te groot om duurzame monetaire samenwerking in de EG mogelijk te maken.

Vasthouden aan de voorwaarden betekent volgens hem wel dat het niet realistisch is om te verwachten dat een meerderheid van de EG-lidstaten al per 1 januari 1997 kan beginnen aan de EMU. Zelfs 1999 - de tweede datum die in het Verdrag van Maastricht wordt genoemd voor de start van de EMU - zal “moeilijk uitvallen”, voorspelt Duisenberg. Zeker nu blijkt dat de tekorten van de overheden in de EG niet dalen richting de "Maastricht-norm' van 3 procent, maar juist zullen stijgen tot een voor EG-begrippen recordniveau van gemiddeld boven de 6 procent. Ook de schuldratio gaat weer omhoog en zal dit jaar uitkomen op gemiddeld 67 procent, eveneens een triest record voor de EG.

De bankpresidenten maken zich grote zorgen over die ontwikkeling en juist daarom hebben ze maandag voor het eerst in de geschiedenis gebruik gemaakt van het recht om de ministers van financiën ongevraagd van advies te dienen. In een verklaring die Duisenberg persoonlijk kwam afgeven in Brussel, waar de ministers van financiën vergaderden, stellen de bankpresidenten met nadruk dat de lidstaten alles op alles moeten blijven zetten om hun overheidstekorten te verminderen. "Geloofwaardigheid', "vastbeslotenheid' en "onomkeerbaarheid' zijn daarbij de kernwoorden. Alleen als op de kapitaalmarkten de indruk ontstaat dat de ministers werkelijk ernst maken met het herstel van het fiscale evenwicht in hun landen, ontstaan er vooruitzichten op lagere reële rente en betere economische groei, aldus de boodschap van de bankpresidenten. “Ik hoop dat het zal helpen”, aldus Duisenberg over die waarschuwing.

Duisenberg legde gisteren aan de parlementariërs uit dat ongeveer tweederde van de oplopende overheidstekorten te wijten is aan structurele factoren. Dat betekent dat een eventueel economisch herstel niet automatisch verlichting zal brengen, zoals onder andere de Britse minister van financiën Clarke beweert. Ook EG-commissaris Christophersen heeft verklaard dat tegenvallende inkomsten als gevolg van de terugvallende conjunctuur de voornaamste oorzaken zijn van het oplopen van de overheidstekorten. Maar, aldus Duisenberg, Christophersen heeft bij zijn berekeningen over de tekorten de rentebetalingen op de begroting “buiten de haakjes” geplaatst. Zo rekenen bankpresidenten niet. Want de rentebetalingen (die aanzwellen naarmate de overheidsschuld toeneemt, zoals nu gebeurt) moeten wel degelijk worden opgebracht en het geeft dus een vertekend beeld als men ze niet meerekent.

De boodschap dat het in evenwicht brengen van de overheidsbegroting de hoogste prioriteit moet hebben, geldt volgens Duisenberg ook voor Nederland. Vergeleken met de andere lidstaten doet Nederland het goed, maar naar Duisenbergs oordeel “nog niet goed genoeg”. In Nederland is het financieringstekort de afgelopen jaren afgenomen, maar die gunstige ontwikkeling dreigt nu te stagneren op een niveau van circa 3,5 procent. Minister Kok heeft al aangekondigd dat hij in de komende begroting tegenvallers aan de uitgavenkant wel wil compenseren met extra bezuinigingen, maar belastingtegenvallers niet. Het gaat om 2 miljard gulden. Duisenberg laat het achterste van zijn tong niet zien als hem wordt gevraagd naar een oordeel over dat voornemen. “Ik weet nog niet in hoeverre die belastingtegenvaller structureel of conjunctureel is. Ik heb de neiging om te zeggen: naarmate die meer structureel is, moet men meer compenseren”.

Duisenberg zei ook dat het feit dat het Verdrag van Maastricht nog steeds niet is geratificeerd problemen kan opleveren voor de EMI, die op 1 januari van start moet gaan. Om psychologische redenen vindt Duisenberg het belangrijk dat wordt vastgehouden aan 1 januari 1994. Maar omdat ook nog geen zetel en geen president is gekozen, zal “de benodigde infrastructuur” niet op tijd aanwezig zijn. Daarom hebben de bankpresidenten, die gisterochtend vergaderden in Bazel, besloten dat hun Comité ook na 1 januari tijdelijk de honneurs van het EMI zal waarnemen.