Rotterdam neemt geen autochtone agenten meer aan

ROTTERDAM, 13 JULI. De Rotterdamse politie neemt wegens haar voorkeursbeleid voor allochtonen en vrouwen de komende tijd geen sollicitaties meer in behandeling van autochtone mannen.

“De wachttijden voor de opleiding zijn voor "blanke' mannen momenteel bijna twee jaar lang. We stoppen de werving en selectie daarom tijdelijk”, zegt een woordvoerder van de politie. Het korps van de regio Rotterdam/Rijnmond streeft ernaar dat het personeelsbestand een afspiegeling van de plaatselijke bevolking vormt. Sinds drie jaar heeft het Rotterdamse korps een voorkeursbeleid voor allochtonen en vrouwen. Door het succes van de werving onder die groepen zijn er voor autochtone mannen steeds minder plaatsen in de opleiding. De opleiding zelf is al naar Rotterdam verplaatst, “want voor allochtonen is Lochem minder aantrekkelijk”, aldus de woordvoerder.

Een woorvoerder van de Nederlandse Politiebond (NPB) zegt bij monde van woorvoerster C. Bonekamp “achter het voorkeursbeleid voor allochtonen te staan”. “Het is mooi dat ze zich in Rotterdam nu kennelijk ook massaal aanmelden. Maar de integratie moet op de opleidingsschool beginnen. We moeten vermijden dat je in de Randstad klassen krijgt met bijna alleen allochtonen en vrouwen. Spreiding over opleidingsscholen in het land verdient daarom de voorkeur”, aldus Bonenkamp.

De Rotterdamse regiopolitie had vorig jaar 313 allochtonen in dienst op een personeelsbestand van 3.500 werknemers, een percentage van 8,9. De gemeente Rotterdam had in hetzelfde jaar 7,9 procent allochtone ambtenaren in dienst. In 1989, toen de gemeente het aantal allochtone werknemers begon te registreren, telde de gemeente vijf procent allochtone ambtenaren. Volgens C. van Rijn, hoofd beleid van personeel en opleiding Rotterdam, is het streefgetal 15 tot 17 procent allochtone ambtenaren. Sinds drie jaar moeten gemeentelijke diensten jaarlijks het aantal allochtone werknemers en de plannen voor het komend jaar in het jaarverslag opnemen.

Ook het Amsterdamse politiekorps kampt met een lange wachtlijst voor autochtone mannen, maar vooral boven de 24 jaar. Het korps maakt onderscheid tussen agenten boven de 24 en "goedkope' agenten onder de 24, die tijdens de opleiding een "zakgeldregeling' krijgen van 850 gulden. “Ons beleid is gericht op een instroom van een derde vrouwen, een derde allochtonen en een derde mannen. Onder de 24 jaar heeft het voor "blanke' mannen nog zin om te solliciteren, boven de 24 komen ze onderaan een zeer lange wachtlijst”, zegt een woordvoerder van de Amsterdamse politie. Dit jaar kan de Amsterdamse politie 105 mensen op de opleiding plaatsen, de jaren daarop 120 mensen.

Utrecht heeft bij de werving geen vaste contigenten voor vrouwen en allochtonen: “bij gelijke geschiktheid hebben we geen voorkeur”, aldus een politiewoordvoerder. Wel is er sinds vorig jaar het speciale wervingsprogramma Tempo: Turken en Marokkanen bij de Politie. “Ons streven is vijf procent allochtonen en 25 procent vrouwen.”

De Haagse politie streeft naar tien procent allochtonen en 25 procent vrouwen. Momenteel heeft het korps twee procent allochtone werknemers en 25 procent vrouwen. Ook werft men actief onder homoseksuelen en lesbiennes. “We hebben zestig blanke jongens op de wachtlijst staan. Per kwartaal sturen we twintig mensen naar de politieschool. De vaste verdeling is tien vrouwen, zes allochtonen en vier blanke mannen”, zegt de woordvoerster van de Haagse politie.