Aarzeling vertraagt groei

Met het stijgen van het waterpeil in de Mississippi neemt dezer dagen in de VS ook de vrees voor inflatie weer toe. Als de oogsten tegenvallen of zelfs verloren gaan, stijgen de graan- en sojaprijzen en dat kan de langzaam opkrabbelende Amerikaanse economie niet gebruiken. Omdat het herstel van de Amerikaanse economie langzaam gaat zijn de markten beducht voor aanwijzingen die het herstel verder zouden kunnen afremmen. Als het niet de vrees voor inflatie is, is het wel een laag bruto binnenlands produkt over het tweede kwartaal of een gering consumentenvertrouwen. Natuurlijk reageren de aandelen- en obligatiekoersen altijd op economisch nieuws maar de laatste tijd wordt aan cijfers vaak meer belang toegekend dan gerechtvaardigd is.

De inflatie is echter onder controle. Niettemin zal het herstel zich slechts langzaam blijven voortzetten. Zoals al uitentreure is vastgesteld, beleeft de VS zijn langzaamste herstel na een recessie sinds de tweede wereldoorlog. Ook dit jaar zal de economische groei de drie procent niet halen en blijft de banengroei tegenvallen. Sommige economen verwachten dat het aantal werkzoekenden, nu 7 procent van de beroepsbevolking, aan het eind van dit jaar 6,8 zal zijn.

De Amerikaanse economische groei, die het vorig jaar vooral van zijn export moest hebben, ziet aan de overkant van zowel de Stille als de Atlantische Oceaan landen in recessie. Hoewel Zuid-Amerika en delen van Azië groeimarkten zijn, kunnen die toch onmogelijk het gemis aan afzet in Japan en vooral Europa compenseren. Mede daardoor zijn de lage bestedingen binnenslands een grote teleurstelling.

De situatie nu is slechter dan pakweg vijf maanden geleden werd verwacht. In de euforie van de presidentsverkiezingen werd er nog gejuicht om Clintons belastingverhogingen voor de hoogste inkomens, die de banengroei zouden stimuleren op korte termijn en het begrotingstekort zouden terugdringen op lange termijn. Daar lijkt vooralsnog steeds minder van terecht te komen en het optreden van president Bill Clinton heeft het vertrouwen in zijn veronderstelde daadkracht geen goed gedaan.

Twee verschillende versies van Clintons begroting zijn respectievelijk het Huis van Afgevaardigden en de Senaat gepasseerd en op dit moment wordt gewerkt aan een voor alle partijen aanvaardbaar pakket. Het staat in elk geval vast dat Clintons belofte om alleen de rijken aan te pakken rekbaar is. Rijk ben je al met een inkomen van 115.000 dollar per jaar. De consument met een baan wacht dus nog even met de aanschaf van bijvoorbeeld een nieuwe auto omdat hij nog niet weet hoeveel hij er volgend jaar op achteruitgaat. De angst voor belastingen zit diep bij de Amerikanen. Elders in de stad of in het land merkt de werkloze dat het er niet gemakkelijker op wordt om een goede baan te vinden. Hij moet genoegen nemen met iets minder of zoekt verder.

Het bedrijfsleven wacht natuurlijk ook op de uitkomst van de Congrescommissie die een compromis over het begrotingsplan voorbereidt. Toch heeft de teleurstelling over wat Clinton het bedrijfsleven - met name de kleinere bedrijven - heeft beloofd al zijn weerslag. Clinton heeft niet nagelaten te benadrukken dat het economisch herstel uit de kleine bedrijven moet komen. De dinosaurussen van de Amerikaanse economie, zoals General Motors, IBM, Sears, zijn aan het bezuinigen en afslanken. Een eerder dit jaar uitgevoerde enquête door Dunn & Bradstreet onder vijfduizend Amerikaanse bedrijven becijferde dat die bedrijven bij elkaar 2,1 miljoen banen wilden creëren. Daarvan waren er 57 procent in bedrijven met minder dan 20 werknemers en nog eens 23 procent in bedrijven met 20 tot 99 werknemers.

Die kleine bedrijven hebben intussen hun belastingtarief zien stijgen, de investeringsaftrek zien halveren en daarnaast bestaat er ook nog grote onzekerheid over de werkgeversverplichtingen die een nieuwe ziektekostenwetgeving met zich meebrengt. Zelfs als ze zich hierdoor niet van de wijs laten brengen maar alleen besluiten om het aannemen van nieuw personeel een half jaar uit te stellen, is dat moordend voor de Amerikaanse economie.

Het verlaagde vertrouwen van de consument en de aarzeling van het bedrijfsleven om mensen aan te nemen, werken door in de economie. Niet voor niets laat de index van economische indicatoren, die beschouwd wordt als een economische barometer voor het komende halfjaar, nog steeds geen rooskleurige toekomst zien. Nu al vallen ook de eerste cijfers over verwachtingen voor de verkopen in het kerstseizoen tegen.

Het is merkbaar aan de regeringsschattingen van de economische groei voor dit jaar. De prognose van drie tot drieënhalf procent is vlak voor de G7-top van vorige week al naar beneden bijgesteld tot hoogstens drie procent groei. De af en toe uitgesproken vrees dat als de economie niet wat robuuster wordt hij volgend jaar alweer in een recessie afglijdt, geeft blijk van een al te sombere kijk maar in hun zwaarmoedigste momenten zullen ook Clinton, minister van financiën Lloyd Bentsen en Laura Tyson, voorzitter van de economische adviesraad, wel eens aan die mogelijkheid denken.