Primorije wil het Hongkong van de toekomst zijn

Primorsky Krai of Primorije - hoofdstad Vladivostok - riep zich gisteren uit tot republiek binnen de Russische federatie, een stap die werd ingegeven door de weigering van Moskou het gebied autonomie te verlenen. Primorije wil vooral directere, economische betrekkingen met de dynamische economieën van Oost-Azië.

VLADIVOSTOK, 9 JULI. De inwoners van Vladivostok vergelijken hun stad graag met San Francisco wegens het heuvelachtige karakter, maar de enige overeenkomst is dat een diamant en een kiezel allebei stenen zijn.

Niet één gebouw verkeert meer in goede staat. Gevelornamenten zijn verbrokkeld, pasteltinten verflodderd en balkonhekken verroest. Vladivostok moest in de ogen van de Russische regering een poort naar Oost-Azië à la Hongkong worden. Maar het bleef, zoals Rafik Alijev, een Azeri die werkte als adviseur van de vroegere premier Jegor Gajdar onlangs schreef, “de kont van Rusland”.

Om het verval tegen te gaan had de internationaal georiënteerde gouverneur Vladimir Koeznetsov - inmiddels afgetreden - in samenspraak met UNIDO (United Nations Industrial Development Organisation) een plan laten uitwerken om van Primorije een economische vrijhaven te maken, met de drie grote steden Vladivostok (700.000 inwoners), Nachodka (180.000) en Oessoerisk (165.000) als spil. De radicaal-reformistische regering van Gajdar verwierp het plan.

Moskou wilde Vladivostok, vooral na het verlies van de Oost- en Zwarte Zeehavens aan de nieuwe onafhankelijke staten, onder rechtstreeks bestuur houden. “Het idee van regionalisering en speciale autonomie heeft tot de desintegratie van de Sovjet-Unie geleid en zou nu volgens de centralisten tot de desintegratie van de Russische Federatie leiden”, aldus dr. Michail Sjinkovski, voormalig propaganda-chef van de locale communistische partij en nu decaan van de School voor de Journalistiek aan de Universiteit van Vladivostok.

Het resultaat is dat alle tien administratieve gebieden van het Russische Verre Oosten - samen 25 procent van het grondgebied van de voormalige Sovjet-Unie, maar met slechts drie procent van de bevolking - sterkere banden met Moskou hebben dan met elkaar.

Door deze bureaucratische verlamming en de onderontwikkelde infrastructuur is de regio ernstig belemmerd in het aangaan van efficiëntere economische betrekkingen met de dynamische Oostaziatische buurlanden Japan, Zuid-Korea en China.

Pag 8: "Ons wacht een partizanenoorlog tegen het gele gevaar'

Valeri Lozovoj, commissaris voor internationale handel en buitenlandse zaken van de territoriale regering van Primorije zocht de afgelopen weken nog naar een compromis met Moskou, maar het kwam er niet van. “Moskou heeft wetgeving om Primorije gezag over zijn eigen bodemschatten te laten uitoefenen afgewezen”, zegt hij in het "Witte Huis' aan de Svetlanskaja-straat - tot voor kort nog Leninstraat geheten.

Lozovoj heeft uitzicht op de Gouden Hoorn, de onwelriekende natuurlijke haven waarin roestende marine-schepen van de voormalige Sovjet-Stille Oceaan-vloot zij aan zij met koopvaardijschepen liggen. Het havenplein wordt gedomineerd door een reusachtig monument, gewijd aan "de strijders' die na de mislukte Westerse interventie in de Russische burgeroorlog, in 1922, de Sovjet-macht in het Verre Oosten vestigden.

Vladivostok vertoont alle sporen van een periode van ongekende bloei rondom de eeuwwisseling toen de Transsiberische en Chinese Oostelijke spoorlijnen gereedkwamen. Zaken-avonturiers uit de hele wereld vestigden zich er, zoals de Nederlander De Vries, naar wie een kaap in de baai is genoemd. De hoofdstraat is een kilometerslange aaneenschakeling van vroeger elegante patriciershuizen, winkels en kantoorgebouwen in alle Europese bouwstijlen. Eens was dit een noordelijk Hongkong, nu is het volstrekt vergane glorie.

Het verval begon met de vestiging van de "progressieve ideologie', die alle buitenlandse invloed verwijderde. Vladivostok werd een geheime vlootbasis die tot 1 januari 1992 hermetisch gesloten bleef voor buitenlanders.

Grootschalige economische betrekkingen met Japan zijn nooit op gang gekomen wegens de onopgeloste kwestie van de vier zuidelijke Koerilen-eilanden, die Stalin aan het eind van de Tweede Wereldooorlog bezette. Japanse investeringen zijn er nauwelijks. Japan koopt vis, hout en mineralen en levert uitrusting voor mineralen-exploratie, maar het Japanse aandeel in de buitenlandse handel van Primorije is 20 procent, vooral tweedehands Japanse auto's. De Zuidkoreanen zijn iets actiever als investeerders, maar hun handel is slechts 0,3 procent van het totaal van Primorije, terwijl die met Nederland 3,4 procent is.

China neemt 70,2 procent van de buitenlandse handel van ruim 700 miljoen dollar voor zijn rekening en dat is een bron van diepe bezorgdheid. “De handel is sterk in ons nadeel. Wij leveren strategische goederen zoals mineralen, hout, cement en kunstmest en wij krijgen bergen goedkoop textiel en voedingsmiddelen en ander klein grut van de Chinezen” zegt commissaris Lozovoj.

Er werken momenteel 6.000 Chinezen op contract in Vladivostok, in de landbouw, bouw en dienstensector. Vorig jaar kwamen er meer dan 100.000 Chinezen naar Primorije, velen illegaal. “Wij moeten een programma opstellen om dit grensverkeer en deze handel onder controle te krijgen. Mongolië en Kazakhstan hebben ons al gewaarschuwd dat als we die negatieve handel uit de hand laten lopen we overspoeld zullen worden. Er zijn geen invoerrechten, geen kwaliteitscontroles. Chinese namaak-wodka heeft al doden gekost”, aldus Lozovoj. Hij is ook zeer bezorgd over de misdaad. De Russische mafia voert een strijd op leven en dood met Chinese kongsies. Er worden honderdduizenden, zoniet miljoenen dollars op de man de grens over gedragen en dat leidt tot veelvuldige roofmoorden.

Hij zegt dat Chinese bendes ook onder elkaar moorden. Lozovoj erkent dat het een ongelijke strijd is. In de drie noordoostelijke Chinese provincies wonen bijna 100 miljoen mensen, met Binnen-Mongolië erbij 123 miljoen. In Primorije wonen slechts 2,26 miljoen Russen en in het hele Russische Verre Oosten zeven miljoen. Gemiddeld 10.000 Russen per jaar keren terug naar Europees Rusland. “Als de Chinese toevloed doorgaat krijgen we een situatie zoals onder Dzjenghis Khan. Als we niet snel tot effectieve actie komen is het over 20 jaar niet duidelijk meer waar China en waar Rusland ligt”, zo vervolgt Lozovoj.

Zijn bezorgdheid over het "Gele Gevaar' wordt in veel explicietere termen verwoord door sinologen en historici. Vladivostok werd aan het begin van de laatste golf van tsaristische expansie in 1860 gesticht om letterlijk te "heersen (vladi) over het Oosten (vostok)'. Het gebied had toen weliswaar geen Chinese bevolking en werd bewoond door paleo-Aziatische stammen maar het behoorde wel tot de domeinen van de Mandsjoe-Chinese keizers.

Chinese historische atlassen geven het gebied als Chinees aan onder de titel: "Gebieden die tsaristisch Rusland door middel van ongelijke verdragen van China heeft geroofd'. De Chinese communisten hebben de aanspraken na 1949 niet expliciet hernieuwd, maar Anna Chamatova, een leidende sinologe aan de Universiteit van Vladivostok is ervan overtuigd dat dat een kwestie van tijd is. Ze kan dit niet staven met nieuwe concrete Chinese aanwijzingen, maar het is haar rotsvaste Russische overtuiging. Valerie Podsoesjnie, lector aan de afdeling Internationale Betrekkingen vreest een Chinese inlijving in 20 tot 30 jaar. Historicus Aleksej Boejakov is een ware kruisvaarder tegen de Chinese opmars. Hij ziet een systematisch Chinees plan voor Chinees expansionisme in drie fasen:

handel: aanvankelijk ruilhandel, nu import van grondstoffen in ruil voor export van goedkope Chinese goederen van lage kwaliteit;

export van arbeid in de bouw- en landbouwsectoren;

demografische penetratie, opzetten van nieuwe industrieën en dominantie van de economie.

Boejakov zegt dat de Chinezen zo actief zijn in het herstel van oude historische panden omdat ze vastbesloten zijn er in de toekomst hun intrek in te nemen. Gesprekken met Chinezen op de bouwterreinen bevestigen zo'n uitgekookt Chinees meesterplan niet, maar leveren wel nieuwe gezichtspuntenk op.

In een van de deprimerende straten van het centrum is een groep van tientallen Chinezen bezig met de restauratie van het fin-de-siècle Versailles Hotel. Het is een Russisch-Japanse joint venture en de Japanse partner heeft de Chinezen gehuurd omdat zij goedkoop zijn en zeven dagen in de week werken. Opzichter Liao, wiens grootvader voor de oorlog in Vladivostok woonde, zegt dat ze uit Dalian komen, vroeger als Russische verdragshaven "Port Arthur' genaamd. “Russen hebben geen zin in dit werk en ze kunnen het ook niet. Ze verkopen liever wodka op een straathoek. Die mensen zijn goed in het geld uitgeven, maar hoe ze geld moeten verdienen, dat weten ze niet,” zegt Liao.

Boejakov bevestigt dat de pre-revolutionaire bloei van Vladivostok inderdaad voor een belangrijk deel aan de Chinezen te danken is geweest. In 1907 had de stad 65.000 inwoners, waarvan de helft Chinezen. In 1937, na de Japanse uitroeping van het scherts-keizerrijk Mandsjoekwo gelastte Stalin de deportatie van alle Chinezen. Er werden er 31.000 met verlies van al hun eigendommen uitgewezen, 2.500 gearresteerd en 800 geëxecuteerd.

Boejakov en ook Lozovoj geven toe dat hier een potentieel juridisch en politiek probleem ligt als er zelfs maar enkele individuele eigendomsaanspraken hernieuwd worden. Boejakov zegt dat hij al zijn intellectuele energie besteedt aan het creëren van een negatief beeld van de Chinezen en andere Aziaten, onder andere door middel van artikelen in het blad "Moederland'. “We moeten ons bewustzijn van het vooruitzicht van een Chinese overname versterken. We willen geen Russisch Nagorny-Karabach in een Chinese zee worden. We moeten ons voorbereiden op een partizanenoorlog.”

Sjinkovski, de dekaan van de School voor de Journalistiek illustreert de dramatiek met zijn favoriete uitspraak: “Als je een optimist bent studeer je Engels, als je een pessimist bent studeer je Chinees, als je een realist bent leer je hoe je een kalasjnikov moet hanteren”.