Boudewijn Büch

Boudewijn Büch: Het ijspaleis. Uitg. Atlas, 167 blz. Prijs ƒ 29,90.

De zoekste plek op aarde: met minder neemt eilandist Boudewijn Büch geen genoegen. Vandaar dat hij van Het ijspaleis, het derde deel in zijn reeks over de nesofilie, de eilandenliefde, ongeveer de helft besteedt aan het uitpluizen van de geschiedenis van het Antarctische Bouvet-eiland, "het koudste, weerbarstigste en misschien wel eenzaamste eiland ter aarde'.

De Fransman Jean-Baptiste-Charles Bouvet de Lozier is in de geschiedenis bijna even zoek geraakt als het door hem op 1 januari 1739 ontdekte, maar verkeerd op de kaart geplaatste eiland. Met eindeloos gesnuffel in archieven en bibliotheken heeft Büch hem voor zo ver mogelijk uit de vergetelheid teruggehaald. Zijn eiland was een eigen leven gaan leiden als het mythische "Zuidland' dat Franse reizigers al twee eeuwen in zijn ban hield. Als we Büch mogen geloven - er is niemand die op dit esoterische vakgebied zijn beweringen kan controleren - zijn geldverslindende expedities uitgerust om Bouvets ijspaleis terug te vinden. Ene Yves-Joseph de Kerguelen de Trémarac, die het had doen voorkomen alsof hij het paradijselijke Zuidland had gevonden, werd voor dit bedrog tot twintig jaar kerkerstraf veroordeeld.

De andere twee hoofdstukken zijn gewijd aan spook- en twisteilanden. Een vermakelijk voorbeeld van dat eerste is het Japanse Okinotori Shima, dat in 1985 na een tyfoon onder de zeespiegel dreigde te verdwijnen en dat met zeventien schepen vol gewapend beton van de ondergang moest worden gered om Japans aanspraak op 400.000 vierkante kilometer visgrond te handhaven. Even politiek geladen was het 26 jaar durende grensconflict tussen de Verenigde Staten en Nederland/Nederlands-Indië over een miniem eilandje geheten Meangis, of Meanguis, of Myangees, of Miangas, of Palmas, of Palmeras. (Na een slepend proces is de soevereiniteit van Indonesië nu erkend).

Om dit alles, en nog veel meer aan de weet te komen was Büch naar eigen zeggen genoodzaakt Noors te leren lezen, alle beschikbare Poolbibliografieën door te ploeteren, de Antarctische afdelingen van een tiental grote bibliotheken te bezoeken en te corresponderen met minstens een dozijn Antarctische en Arctische instituten. Niet voor niets heeft Büch het over "de poëzie van de bibliografie'. Ondanks Büchs parlante schrijfstijl lijdt de leesbaarheid onder de vracht aan namen, data, titels en verwijzingen. De lezer raakt of helemaal, òf helemaal niet, in de ban van deze papieren zoektocht naar onnutte kennis. “Wat wil de eilandist?” vraagt Büch tenslotte retorisch. Het antwoord is een citaat van, uiteraard, Goethe: “Dahin! Dahin geht unser Weg (-), lass uns ziehn”.

Boudewijn Büch: Het ijspaleis. Uitg. Atlas, 167 blz. Prijs ƒ 29,90.