WAPENEMBARGO

De discussie over de vraag of het wapenembargo tegen Bosnië moet worden opgeheven kenmerkt zich door een verwarring, die ook redacteur Raymond van den Bogaard in haar greep heeft (NRC Handelsblad, 2 juli).

Degenen, die het wapenembargo willen handhaven, doen dat uit angst voor escalatie. Deze angst wordt doorgaans omstandig gemotiveerd, wat natuurlijk nooit ècht lukt. Gevoelens zijn immers niet te rationaliseren.

Degenen, die het wapenembargo willen opheffen, wijzen op het recht op zelfverdediging en de plicht mensen in nood te helpen.

Kortom: een strijd tussen angstgevoelens enerzijds en rechten en plichten anderzijds. Dàt is de verwarring: het niet onderkennen dat het dáárom gaat.

Gevoelens en rechten horen niet in dezelfde categorie thuis. Je kunt niet van een bepaalde hoeveelheid recht een portie angst aftrekken en dan constateren dat de angst groter is. Ik vind dat onzindelijk gedacht. Die vergelijking is eenvoudig niet te maken.

Het recht op zelfverdediging is van een andere - hogere - orde dan een angst voor escalatie. Die angst voor escalatie deel ik wel, maar dat mag niet de doorslag geven. Ik was op 6 juni 1944 allemachtig blij met de escalatie die door de invasie optrad.