Brief over rapport van BVD; Dales: situatie op Antillen niet aanvaardbaar

DEN HAAG/ AMSTERDAM, 8 JULI. Op de Nederlandse Antillen is een situatie ontstaan die voor de regeringen van Nederland en de Antillen “niet aanvaarbaar” is.

Daarbij gaat het om “de druk tot het vertrek van Antillianen naar Nederland door het optreden van de politie, de situatie in het gevangeniswezen en het gedrag van de Sociale Dienst.”

Dit schrijft minister Dales (binnenlandse zaken) aan de Vaste commissie voor koninkrijkszaken in de Tweede Kamer, over het rapport dat de Binnenlandse Veiligheidsdienst (BVD) heeft ingesteld over het zenden van Antilliaanse criminele jongeren naar Nederland. “De rapportage van de BVD toont pregnant aan hoe ernstig de problemen door betrokkenen worden ervaren”, aldus minister Dales.

Eerste conclusie van het rapport - dat de regering niet openbaar wil maken - is dat er geen sprake is van actieve betrokkenheid van de Antilliaanse regering zelf “bij het wegsturen van criminelen naar Nederland”. Het BVD-onderzoek is ingesteld naar aanleiding van opmerkingen van de Amsterdamse hoofdcommissaris van politie E. Nordholt van begin dit jaar. Die zei over aanwijzingen te beschikken dat criminelen die op de Antillen waren gearresteerd, per vliegtuig naar Nederland zijn "geloosd'. Dat was gebleken uit onderzoek van de Amsterdamse Politie Inlichtingendienst. In een interview met het dagblad Trouw in februari zei Nordholt niet te kunnen aantonen dat achter het wegzenden van criminelen een beleid van de Antilliaanse overheid zat. Maar zijn opmerkingen werden wel zo opgevat door de Antilliaanse regering, in het bijzonder de minister van justitie, mr. S. Römer, die woedend reageerde.

Vanochtend verwees hoofdcommissaris Nordholt in een korte reactie naar zijn opmerkingen in Trouw, die hij staande houdt. “Die luidden kort samengevat dat wij aanwijzingen hadden dat Antilliaanse criminele jongeren onder druk naar Nederland komen. Voor wat betreft de opvattingen die ik toen heb verwoord, verwijs ik naar de tweede conclusie in de brief van minister Dales.” In die tweede conclusie wordt de onaanvaardbare situatie op de Antillen toegelicht met het optreden van de politie ter plaatse, de situatie in het gevangeniswezen en het gedrag van de Sociale Dienst.

De Vaste commissie voor Koninkrijkszaken in de Tweede Kamer zegt zich nu te beraden over de brief, maar pas na de vakantie, begin september, aan een debat over de Antilliaanse criminele jongeren toe te komen. Het Kamerlid mr. J.C. Wiebenga (VVD) noemde de brief van Dales vanochtend “onzorgvuldig, omdat ze meer vragen oproept dan ze beantwoordt”. De commissie moet nu beoordelen of de brief niettemin voldoende informatie biedt voor het voeren van een goed debat met de regering, of dat minister Dales toch eerst ten minste de materiële inhoud van het rapport moet openbaren (zonder persoonlijke en vertrouwelijke politiegegevens).

De minister weigert dat. Ze vreest dat openbaarmaking de relaties tussen Nederland en de Antillen zal schaden. Wiebenga is het daar niet mee eens. Hij meent dat de “raadselen” die nu door de brief van Dales worden opgeworpen “de betrekkingen met de Antillen veel negatiever benvloeden”.

Volgens Wiebenga is de “hoofdconclusie” van Dales' brief dat de Antilliaanse regering niet actief betrokken is bij het wegzenden van criminelen naar Nederland. Daarom denkt hij dat de brief “niet leuk” is voor Nordholt, maar voor de Antilliaanse regering is zij “nog minder prettig”, zegt hij.