WAO nog lang niet van politieke agenda

DEN HAAG, 7 JULI. Staatssecretaris Wallage loodste gisteren de nieuwe WAO-wet met verve door de tegenstribbelende Eerste Kamer, maar de betekenis van de zege is beperkt. De nieuwe WAO-wet is in het Staatsblad gepubliceerd, maar blijft volgens veel senatoren ondeugdelijk, ook volgens de regeringsfracties.

PvdA-fractiewoordvoerder Van de Zandschulp zei zelfs in zijn stemverklaring dat het kabinet “in een rustige stabiele situatie moet worden gevraagd het huiswerk over te doen”. Maar na de regeling voor de chronisch zieken legde de PvdA-fractie (minus de dissidente senator M. van de Meer) zich neer bij het regeringsvoorstel, omdat het alternatief, de val van het kabinet, afschrikwekkend was. “Die situatie doet zich echter niet voor. De economie stagneert, de werkloosheid stijgt snel. De coalitieverhoudingen zijn nerveus. Wij kunnen ons niet onttrekken aan die maatschappelijke en politieke omgevingsfactoren, hoe wij ook stemmen”. Kortom: de senaat blijft het een slechte wet vinden, maar de meerderheid zwicht voor de politieke en economische gevolgen van een afwijzing.

De geschiedenis van de nieuwe WAO is echter nog niet ten einde. Er moeten nog nadere besluiten worden genomen over het nieuwe criterium voor arbeidsongeschiktheid en er moet ook nog een noodwet door de Kamers voor de chronisch zieken. Tot 1 oktober kunnen chronisch zieke werknemers die niet onder een collectieve regeling vallen zich aanmelden voor het door het Verbond van Verzekeraars op te richten Waarborgfonds. Wallage wees erop dat de regeling “permanent” is, omdat de aangemelde chronisch zieke werknemer aanspraak op het Waarborgfonds kan blijven maken, maar dat “de toestroom tijdelijk is”.

Toch lijkt de premie voor de chronisch zieke uit te komen op ongeveer vier maal de normale premie, tot schrik van de Eerste Kamer. Wallage verdedigde de beperkte regeling voor chronisch zieken met het argument dat in de overgangsperiode “niemand tussen wal en schip mag vallen”. Hij noemde de regeling een “bruggetje” die hij echter smal wil houden omdat er anders weer “hele regimenten” overheenlopen. Toch gaf hij gisteren na afloop van het debat toe dat er ook bij hem als sociaal-democraat een zekere Umwertung aller Werte was. Wallage pleitte voor een regeling door de markt zelf, terwijl de marktpartijen - de verzekeraars - juist een wettelijke ondersteuning eisen.

De nogal paradoxale standpunten van de staatssecretaris en verzekeraars wijzen erop dat er een volledige omslag gaande is in het denken over sociale zekerheid. De groeipijn is het sterkst zichtbaar bij de PvdA, die in de afgelopen twee jaar van het WAO-debat een partijvoorzitter en een staatssecretaris heeft verloren, terwijl de partijleider een speciaal partijcongres in de Nijmeegse Vereeniging nodig had om het vertrouwen van de achterban te behouden. De WAO is nu door de Staten-Generaal, maar de PvdA hangt nog steeds een electorale halvering boven het hoofd.

Wallage ging gisteren dan ook uitgebreid in op het Umdenken over de sociale zekerheid. Het was hem gebleken, zei hij, dat een politieke regeling in Den Haag “beperkte betekenis” heeft als de samenleving zich fel verzet. Hij wees daarbij op de “hink-stap-sprongsgewijze” totstandkoming van de WAO-wet, op de “schokeffecten” en de noodzaak van een “draagvlakverbreding”. In het raderwerk van de Nederlandse overlegmachine is het kabinet een onderdeel dat afhankelijk is van sociale partners, van burgers en hun organisaties en van de publieke opinie. “De mensen moeten zijn voorbereid op zulke diep ingrijpende maatregelen”, aldus Wallage, die daarbij en passant even wees op de grootste omissie van zijn eigen partij in het algemeen en van zijn voorganger in het bijzonder. De politiek is er maar beperkt in geslaagd de WAO-boodschap over te brengen, zo Wallage zelf. “Er is geen sprake van euforie, zelfs niet van een pseudo-euforie”.

Het nieuwe denken over sociale zekerheid brengt ook een nieuw denken over de rol van de overheid. De collectiviteit regelt niet meer alles voor iedereen, sociale zekerheid is niet een zelfbedieningswinkel zonder kassa. Diverse keren wees Wallage op het “publieke en private domein”, op de “scheiding van de verantwoordelijkheden”. De overheid biedt een “basisvoorziening” en treedt daarna terug. De burgers en de markt moeten de rest zelf aanvullen. In die zin was de wettelijke verplichte regeling voor de chronisch zieken een afwijking van de "rolverdeling' die het kabinet voor ogen stond. Het is een concessie die Wallage, een maand nadat hij staatssecretaris van sociale zaken werd, in het politieke spel moest doen om de gehele wet niet op één onderdeel te laten struikelen.

Een andere benadering van de sociale zekerheid is volgens Wallage nodig om te voorkomen dat “de zaak uit de rails” loopt in “een kantelende welvaartsstaat”. Het is, zo zegt hij, noodzakelijk dat de regering in het Umdenken “de kop neemt en ook besluiten durft te nemen”. De ingreep in de WAO is daarmee een voorbode op meer dat volgt op andere onderdelen van de sociale zekerheid, waarbij de Bijstandswet en de Algemene Weduwen- en Wezenwet (AWW) de volgende patiënten zijn.

De nieuwe WAO betekent niet het einde van de WAO-problematiek. Wallage gaf dat gisteren toe. “Ik wil niet het beeld scheppen dat we de eerste tien jaar van de WAO af zijn.” Het is immers nog de vraag of deze wet, die op aandrang van diverse zijden regelmatig is veranderd, ook het gewenste effect zal hebben. De officiële naam van de nieuwe WAO-wet luidt Wet Terugdringing Beroep Arbeidsongeschiktheidsregeling (TBA). De duur en de hoogte van de uitkeringen worden lager, het criterium voor arbeidsongeschiktheid wordt versoepeld en daarmee worden gedeeltelijk arbeidsongeschikten sneller gedwongen ander werk te aanvaarden. Maar de prognoses daarover worden betwijfeld. Zeker bij oplopende werkloosheid is de integratie van gedeeltelijk arbeidsongeschikten moeilijk. Als terugdringing niet lukt, zal ook het neerwaartse effect op de collectieve lastendruk niet plaatshebben. “We moeten het volume-effect nauwkeurig volgen”, gaf Wallage gisteren toe na zijn geslaagde optreden in de Senaat. Voorlopig heeft het kabinet het slepende WAO-dossier overleefd.

In het laatste kwartaal van '89 kwam voor het Brabantse bedrijf de kentering. De Britse markt begon in een angstig tempo ineen te storten. Geen enkele marktanalist had het voorspeld. Daf bezuinigde wel maar verzuimde de produktie voldoende af te remmen. Een groot probleem, dat ook door externe adviseurs in de laatste levensfase van het oude Daf messcherp werd blootgelegd, was de gebrekkige manier waarop het management informatie over de gang van zaken in het bedrijf moest verzamelen. Ook Dafs curatoren hadden de grootste moeite om snel inzicht te krijgen in de financiën. Ze moesten twee maanden wachten om de resultaten over de surséance-maand februari te krijgen.