Overheid mag informatie-monopolie niet uitbuiten

De overheid moet beter inspelen op ondernemend Nederland. Dat geldt niet in de laatste plaats voor de schat aan informatie waarover zij wettelijk beschikt. Maar wat zijn de spelregels voor een eerlijke verhouding tussen publieke taak en commercieel besef?

AMSTERDAM, 7 JULI. Wat is de overeenkomst tussen bijklussende hoogleraren en de Kamers van Koophandel? In beide gevallen rijzen er vragen over ongewenste belangenverstrengeling en concurrentievervalsing door publieke instellingen. Dit is althans de stelling van zes grote direct-marketing bedrijven naar aanleiding van de toekomstvisie die de Kamers van koophandel gisteren hebben gepresenteerd op uitnodiging van minister Andriessen van Economische zaken. Dit departement propageert commerciële exploitatie van de schat aan informatie die bij de overheid berust maar die maatschappelijk vaak onderbenut blijft. De kritiek van de direct-marketeers is dat dit in het geval van de Handelsregisters uitdraait op misbruik van een wettelijk monopolie ten koste van de private informatie-industrie.

Het gaat de direct-marketing groep vooral om de NV Databank, die door de Kamers van koophandel is opgericht voor de geautomatiseerde verwerking van gegevens uit de Handelsregisters. Alle bedrijven, stichtingen en verenigingen zijn wettelijk verplicht zich daar te melden. Dit is een belangrijke bron voor commerciële adressenleveranciers, die de basisgegevens controleren en aanvullen met informatie uit andere bronnen zoals enquêtes. Dergelijke “verrijkte” gegevens vormen hun product. De wet verplicht de Kamers van Koophandel tot het verstrekken van informatie aan een ieder die dat vraagt. De direct-marketing industrie is vooral genteresseerd in het “mutatie-abonnement”, een opgave van wijzigingen in de Handelsregisters.

NV Databank bestaat in zijn huidige vorm reeds sinds 1980, maar de laatste tijd is het karakter volgens de Groep van zes sterk veranderd. Databank heeft zich volgens hen ontwikkeld van een louter “facilitair bedrijf” voor de Kamers van Koophandel tot een regelrechte concurrent. De kritiek geldt in de eerste plaats de “doorleveringstoeslag”, het opslagpercentage dat Databank heft voor de de doorlevering van verrijkte handelsregistersgegevens aan andere bedrijven. De direct-marketing bedrijven zeggen dat daarvoor een grondslag ontbreekt in het Handelsregisterbesluit, dat de tarieven regelt. Zij protesteren in het bijzonder tegen de aangekondigde geleidelijke stijging van de opslag, van 20 tot 30 tot 50 naar 100 procent.

Databank berekent bovendien niet alle adressenhandelaars dezelfde prijs, terwijl het Handelsregisterbesluit uitgaat van uniforme tarieven. De groep van zes vindt het helemaal te ver gaan dat Databank in de toekomst auteursrechten wil heffen op de geleverde adressen. Dit bedrijf pleegt volgens hen bovendien oneigenlijke concurrentie door zelf de adressenmarkt op te gaan terwijl het zelf de gegevens zonder beperkingen en tegen gereduceerd tarief krijgt aangeleverd door de Kamers van Koophandel.

Directeur ir.J.G.M. van der Zande van Databank reageert desgevraagd laconiek op deze waslijst van bezwaren. Hij doet naar eigen zeggen niet anders dan de hand houden aan de leveringsvoorwaarden, die trouwens niet van vandaag of gisteren dateren. Wel is het zo dat Databank in het verleden de zaken niet op de spits heeft gedreven terwille van de lieve vrede. De tijden zijn echter veranderd. Om de afnemers niet te overvallen, is voorzien in een gefaseerde groei van de tarieven. Het is alleen maar logisch een aparte prijs te berekenen voor dienstverlening die boven de wettelijke plicht uitgaat, aldus Van der Zande. Als Databank zich daar strikt aan zou houden kregen de adressenleveranciers slechts de helft. De Kamers van Koophandel brengen bijvoorbeeld extra branche- en activiteitencoderingen aan ten behoeve van regionale enquêtes; daar mag men dan toch ook zelf mee de boer op gaan? Van der Zande noemt het volstrekt logisch in de tarieven te differentiëren. Het maakt immers verschil of een bedrijf adressen krijgt voor eenmalig eigen gebruik of ze commercieel exploiteert. De adressenleveranciers doen dat zelf ook; in hun onderlinge handel gelden zelfs veel hogere doorleveringstoeslagen.

De twee partijen zijn nog in gesprek maar de toon wordt grimmiger. Databank heeft reeds een miljoenenclaim doen uitgaan naar een bedrijf wegens herhaalde overtreding van een contractueel overeengekomen doorleveringsverbod. Databank heeft ook gewaarschuwd dat de levering van gegevens ophoudt wanneer de bestaande contracten aflopen zonder dat overeenstemming is bereikt. Als de levering wordt gestaakt lopen de direct-marketeers naar de rechter. Het is een principiële kwestie, zegt de woordvoerder van de Zes, ir.W.J.M. Lamers van Vierhand in Haarlem: wettelijke en commerciële taken dienen strikt gescheiden te blijven. Eigenlijk zou er een Databank 1 en een Databank 2 behoren te zijn; de een als facilitair bedrijf en de ander als vrije concurrent - maar dan zonder kruissubsidies.

Het belang van deze controverse blijft niet beperkt tot de Kamers van Koophandel. Ook het Kadaster en het Kentekenregister zijn bezig met (verdere) privatisering. Commercialisering van overheidsinformatie is een trend die onder het vorige kabinet is ingezet met warme steun van de EG. Op een conferentie in Luxemburg eiste de Europese informatie-industrie in maart een commercieel recht van toegang tot overheidsbestanden op. De EG is echter huiverig regels te stellen over de openbaarheid van bestuur, constateerde de Duitse expert dr. Herbert Burkert vorige maand op een studiedag van het Instituut voor informatierecht van de Universiteit van Amsterdam.

De EG staat echter ook op de bres voor vrije mededinging en vanuit dit gezichtspunt is de Europees-rechtelijke ruimte voor overheidsmonopolies op het gebied van informatie “zeer beperkt”, aldus Burkert. Hij noemde een recente rechtszaak in Frankrijk waarin het officiële Metereologisch bureau werd verplicht tegen een billijk tarief gegevens te leveren aan een particulier bedrijf dat concurrerende weerberichten voor het publiek verzorgt. De Publaw-groep van de EG, waartoe Burkert behoort, heeft met name gewaarschuwd tegen onnodige beperkingen op het doorleveren van overheidsgegevens. Wat dit betreft kan de databank van de Kamers van Koophandel nog een aardige test-case opleveren.

De fabriek heeft haar produktiviteit zo'n 25 procent weten te verhogen sinds de herinrichting, en al in het eerste jaar werd weer winst geboekt. Met haar integratie van mensen en technologie is het een modelfabriek geworden. Er willen zoveel Amerikaanse, Japanse en Europese bedrijven komen kijken dat er een maandelijkse rondleiding is ingesteld - waarvoor ook moet worden betaald.