Scheiden doet verbreiden

Soms liggen zaken zo voor de hand dat men ze over het hoofd ziet. Ook de Amsterdamse beurzen hebben er last van. Misschien zijn ze te druk met overleven, aanpassen van de handel en het afschudden van buitenlandse concurrenten. Nog even en de vloer is vervangen door computers en trossen beeldschermen in binnen en buitenland; de schermenhandel.

De karakteristieke handelsvloer, hèt bekendste symbool van een beurs, moet daarna natuurlijk ingericht worden als museum waar een gepensioneerde commissaris voor de notering en een kluwen gepassioneerde handelaren op vaste tijden een kletterende show opvoeren voor de tienduizenden bezoekers die jaarlijks Beursplein 5 en Rokin 65 bezoeken. Die mensen vallen anders in slaap bij een computer. Ook nieuwe beursfondsen moeten zich kunnen blijven presenteren met een lollige introductie. Dáár zal men bij de beurs toch wel aan denken?

Er is nog iets. Wanneer de fysieke beurs vervangen dient te worden door een geavanceerd electronisch systeem, waarom maak je dat dan nog zelf? Tien jaar geleden lag dat voor de hand, maar in deze tijd van wereldwijde zelden falende netwerken die de klok rond beschikbaar zijn, ga je toch niet zelf een wiel uitvinden? Een bedrijfsvreemde infrastructuur aanleggen als andere (niet-beurs)instellingen, die er hun beroep van maken of veel verder zijn, dat beter, goedkoper en sneller doen.

Oók de Effectenbeurs en de Optiebeurs kunnen overwegen zich terug te trekken op kernactiviteiten: reglementeren en controleren van de handel (en misbruiken van voorkennis) en bevorderen van effectenbezit onder brede lagen van de bevolking. Dat wil niet zeggen: mensen in beleggingsfondsen jagen en net doen of dat óók beleggen is.

Er zijn natuurlijk tal van redenen te bedenken om zo'n vitaal onderdeel niet uit handen te geven: privacy, continuteit van de exploitant, zeggenschap en invloed op het aanbrengen van wijzigingen in het systeem. Allemaal waar, maar er staat iets tegenover: je bent van de zorgen af. En een goede klant vindt bij zijn leverancier/net-exploitant altijd een willig oor en een snelle hand. De beurzen hebben ook geen eigen telefoonnet in Nederland en elders.

Welk risico lopen de beurzen? Mogelijk dit. Als alles klaar en tot ieders tevredenheid werkt (dus nooit, gebruikers blijven klagen) zit je wellicht in een trend dat beurzen aangesloten zijn op één (onpartijdig) netwerk en werken volgens standaard uniforme procedures. Voor handelaren en klanten, die richting geven aan de handel, een ideale opzet. Een eigen systeem is dan ouderwets.

Wanneer die prognose uitkomt, zijn beide beurzen nu in de weer om problemen uit het verleden op te lossen en zien ze heden en nabije toekomst over het hoofd. Dat is niet ongebruikelijk in de automatisering wanneer de besluitvorming traag verloopt en kolen, geiten en tenen gespaard worden door dure compromissen in te bouwen.

En tot slot dit. De beurzen in Amsterdam bevinden zich in een belangrijke overgangsfase, gedwongen door externe oorzaken. Er wordt zelfs gesproken over een fusie, althans vergaande vormen van samenwerking. Daarbij draait het vooral om de wensen van grootbeleggers, want die kunnen uitwijken naar buitenlandse beurzen en dat scheelt omzet en inkomsten voor de beurs. Voor de bemiddelende banken met buitenlandse loketten zal het niet veel uitmaken. Zij kunnen hun klanten overal van dienst zijn en geld verdienen.

Particulieren passen niet zo goed in die groothandelsopzet. In andere branches zie je daarom een logische scheiding tussen de groot- en detailhandel. Bij de beurs hinken ze steeds nog op een grote en kleine gedachte, laat men zich ook leiden door het verleden. Grote beleggers, die alsmaar groeien, horen niet onder een dak met kleine. Daarom het volgende.

Wanneer men fusies, structurele en juridische veranderingen, overweegt is er veel voor te zeggen om gescheiden beurzen op te zetten. Eén met effecten en afgeleide producten als opties voor de groothandel, The Amsterdam International Exchange, met eigen wetten, regels en systemen. En een voor kleine orders in effecten en opties van particulieren en kleine groten. Zo kan iedere beurs zich richten op een eigen doelgroep en voorkom je veel discussies, rare constructies en compromissen. Pas dan kan men het effectenbezit effectief verbreiden.