Koeriersmarkt opgeschud door nieuw fusieplan PTT; Groeiende behoefte aan razendsnelle postbezorging

ROTTERDAM, 6 JULI. De toch al roerige koeriersmarkt is opgeschud door een nieuwe fusie. Vrijdag werd bekend dat PTT Post met zijn belangrijkste concurrent City Courier een intentieverklaring heeft gesloten die moet leiden tot een overname. Met een gezamenlijke omzet van 30 miljoen gulden zou daarmee verreweg de grootste binnenlandse koeriersdienst van Nederland ontstaan.

Eerder dit jaar nam City Courier TP Sneltransport over en besloten Blue Sprint en Ordonnans samen verder te gaan. Dat laatste koppel is met een omzet van 15 miljoen gulden goed voor een tweede plaats op de binnenlandse markt.

Ook vlak onder de top bruist het van het leven. De groeiende behoefte aan een razendsnel post- en pakkettenvervoer heeft de laatste jaren een ware "boom' in koeriersbedrijven veroorzaakt. Geschat wordt dat in Nederland zo'n 2.500 bedrijven zich uitsluitend of gedeeltelijk bezighouden met het (snel) bezorgen van documenten en pakjes in binnen- en buitenland. Gezamenlijk loopt hun omzet in de honderden miljoenen. Secretaris koeriersdiensten C. Kampfraath van de ondernemersorganisatie Transport en Logistiek Nederland vertelt dat per week meer nieuwelingen op de markt verschijnen dan dat er teleurgestelde ondernemers verdwijnen. De drempel voor beginners is laag. Een vervoerder die een auto met een laadvermogen kleiner dan vijfhonderd kilogram rijdt, heeft geen vergunning nodig. Even inschrijven bij de Kamer van Koophandel en het zaakje kan van start.

Maar in de koerierswereld kan een bedrijf even snel weer van de markt verdwijnen. AB begon een jaar geleden en is een van de drie koeriersdiensten onder de eerste tien in de nieuwste editie van de Gouden Gids van Rotterdam, die nu al niet meer in bedrijf is. J. Mureau begon een jaar geleden in de hoop twee vliegen in een klap te slaan: ze hield van autorijden en wilde wat geld verdienen. Nu is ze erachter dat het runnen van een koeriersdienst lang niet zo gemakkelijk is als het lijkt. “Het kost je minstens vijf jaar om iets goeds op te zetten”, zegt ze overtuigd. Inmiddels is ze om gezondheidsredenen gestopt.

A & A, alias Aad & Aad uit Dordrecht, is het type koerierbedrijf dat ook veel voorkomt. Anderhalf jaar geleden ontstond het vanuit een expeditiebedrijf. “Sommige van onze klanten maakten wel eens gebruik van koeriersdiensten, daardoor zijn wij op het idee gekomen. Het gaat steeds beter, maar 't is nog niet zo dat we ervan kunnen leven.” Ze vervoeren vooral fittingen, flenzen en andere onderdelen voor de procesindustrie die snel op de plaats van bestemming moeten zijn.

Secretaris Kampfraath gelooft dat de enorme groei van de koeriersdiensten ondermeer te maken heeft met het toegenomen gehalte aan high-tech in onze maatschappij. “Als er iets in een computer of een ander apparaat stuk gaat, moet het onderdeel zo snel mogelijk worden vervangen. Het gaat daarbij vaak om specialistische onderdelen op maat, waarvoor de kosten van het op voorraad houden hoog zijn. Bovendien is er een trend naar een steeds betere dienstverlening, klanten willen hun foto's steeds sneller gedrukt zien. Ook wordt het in- en extern transport meer en meer uitbesteed.”

Toch schat hij de kansen voor nieuwe koeriersdiensten niet erg groot. Mensen die geen of weinig ervaring met de markt hebben hoeven het zeker niet te proberen, zegt Kampfraath. Bovendien heeft de ondernemersorganisatie het niet zo op al die kleine gelukszoekers. De overheid is huiverig voor het opzetten van een vergunningenstelsel omdat controle moeilijk is. Daarom heeft Transport en Logistiek Nederland nu zelf het certificaat "erkend koerier' op de markt gebracht voor koeriersbedrijven die minimaal twee jaar bestaan, de juiste diploma's in huis hebben en standaard de algemene voorwaarden voor koeriersdiensten hanteren. Dit betekent dat een koerier die te laat is zich niet kan beroepen op een file als hij een schadeclaim aan zijn broek krijgt. Om moeilijke zaken te beslechten is zelfs een geschillencommissie in het leven geroepen, maar tot nu toe heeft die zich nog niet uit mogen spreken. Inmiddels hebben zo'n vijftig bedrijven het certificaat verworven.

M. van der Louw is tien jaar geleden “met nul gulden en een auto” begonnen en draait dit jaar een omzet van 2 miljoen gulden. Over die begintijd praat hij liever niet, want dat bevestigt alleen maar het “cowboy- en vrije jongens-image” dat volgens hem heel lang aan de branche heeft gehangen. De serieuze koeriers hebben zich de laatste jaren beziggehouden met professionalisering van de bedrijfstak.

Fusies en samenwerkingsverbanden ziet Van der Louw als het “toverwoord” voor de toekomst. “Als er minder koeriersdiensten overblijven is dat op zichzelf een goede ontwikkeling. De markt is nu te versnipperd.” Samenwerking lijkt noodzakelijk om de klant voldoende service voor een redelijke prijs te kunnen bieden. Van der Louw werkt al veel met subcontractors en oproepkrachten wanteen flexibele bedrijfsvoering is noodzakelijk. De “vreselijk hoge personeelskosten”, door de verplichting om salarissen conform de CAO van het beroepsgoederenvervoer te betalen, maar dan afgestemd op het zware transport, zijn volgens hem een probleem voor de branche.