Het proces Jeffrey Masson contra Janet Malcolm; De analyticus, de journalist en de moordenaar

De Nederlandse vertaling ligt al jaren bij De Slegte; in Amerika daarentegen hebben de kranten de afgelopen weken nog vrijwel dagelijks bericht over de nasleep van In the Freud Archives, het boek over de opkomst en ondergang van Jeffrey M. Masson, flamboyant, jong hoogleraar Sanskriet die psychoanalyticus werd en voorbestemd was voor de prestigieuze positie van directeur van het Freud-archief, totdat hij publiekelijk onorthodoxe opvattingen begon te ventileren en op staande voet ontslagen werd. Masson dreigde met een proces en werd afgekocht met honderdvijftigduizend dollar schadevergoeding.

Hij verleende vervolgens uitvoerige medewerking aan Janet Malcolm, redacteur van The New Yorker, die een compleet boek over deze kwestie schreef. Ook deze zaak liep voor Masson niet goed af. In the Freud Archives schetst het vernietigende portret van een man die op het eerste gezicht briljant en dynamisch lijkt, maar zich in de loop van het verhaal ontpopt als een dwangmatige vrouwenversierder die met zijn goedkope charme zelfs enige tijd het vertrouwen wist te winnen van vooraanstaande oudere analytici zoals Freuds dochter Anna en dr. Kurt Eissler, de grand old man van het Freud-archief.

Toen de tekst in 1983 werd gepubliceerd, aanvankelijk in afleveringen in The New Yorker en vervolgens als boek bij uitgeverij Knopf, gedroeg Masson zich zoals verwacht mocht worden gezien het megalomane karakter dat van hem geschetst was in het boek. Hij eiste dadelijk tien miljoen dollar schadevergoeding. Een paar jaar later deed een gerechtshof in Californië uitspraak. Malcolm werd op alle punten in het gelijk gesteld. Maar de zaak had haar blijkbaar toch aan het denken gezet. Twee jaar later publiceerde zij een boek dat als volgt begint:

“Iedere journalist die niet al te dom of zelfvoldaan is om te zien wat er gebeurt, weet dat wat hij doet moreel onverdedigbaar is. Hij is een soort oplichter die jaagt op de ijdelheid, onwetendheid of eenzaamheid van mensen, hun vertrouwen wint en ze zonder wroeging verraadt. Zoals de goedgelovige weduwe die op een dag wakker wordt en ziet dat de charmante jongeman en haar spaargeld zijn verdwenen, zo leert ook degene die ermee instemt om de hoofdpersoon te zijn in non-fictie, wanneer het artikel of boek verschijnt, zijn harde les. Journalisten rechtvaardigen hun verraad op verschillende manieren al naar gelang hun temperament. De meer pretentieuzen hebben het over vrijheid van meningsuiting en ”het recht van het publiek op informatie'; de minst getalenteerden praten over Kunst; de meest fatsoenlijken mompelen iets over het verdienen van hun brood.”

Het boek gaat niet over wat Janet Malcolm zelf had uitgehaald met Jeffrey Masson. The Journalist and the Murderer gaat over een andere journalist, Joe McGinniss, die voor de rechter was gedaagd door de hoofdpersoon van zijn laatste boek, de arts Jeffrey MacDonald, die verdacht werd van moord op zijn eigen vrouw en kinderen. In eerste instantie was MacDonald wegens gebrek aan bewijs vrijgesproken, maar door de bemoeienis van een vasthoudende schoonvader werd het proces na tien jaar heropend, en toen de hoge rekeningen van de advocaten zich begonnen op te stapelen, zocht MacDonald de hulp van McGinniss, die bewezen had dat hij veel geld kon verdienen met het schrijven van bestsellers zoals The Selling of the President, het boek over de reclametechnieken waarmee Richard Nixon de verkiezingen gewonnen had van Hubert Humphrey.

MacDonald en McGinniss sloten een overeenkomst: McGinniss zou een boek over de moordzaak schrijven; MacDonald zou dertig procent van de opbrengst krijgen. McGinniss was vrij om te schrijven wat hij wilde; MacDonald beloofde dat hij hem geen proces zou aandoen, althans zolang McGinniss geen grove onwaarheden zou schrijven. Deze laatste afspraak leek aanvankelijk nogal overbodig, want McGinniss ontwikkelde zich al snel tot de beste vriend en de naaste vertrouweling van MacDonald, en toen MacDonald, tegen de verwachting in, alsnog werd veroordeeld, had hij tijdens de lange jaren van eenzame opsluiting veel steun aan de opbeurende brieven van McGinniss, die hem verzekerde dat de onterechte veroordeling in hoger beroep stellig ongedaan zou worden gemaakt. Op verzoek van McGinniss sprak MacDonald in zijn cel cassettes vol met zijn levensverhaal, ten behoeve van het boek.

Toen het boek ten slotte verscheen, was de teneur daarvan een andere dan MacDonald redelijkerwijs mocht verwachten. Geheel volgens de ergste clichés inzake Amerikaanse meedogenloosheid werd MacDonald voor het eerst geconfronteerd met de teneur van het boek toen hij voor de televisie werd genterviewd door een journalist die de drukproeven gelezen had. Terwijl de camera's draaiden, kreeg MacDonald te horen dat hij in het boek van McGinniss werd afgeschilderd als een kille egost die in koelen bloede zijn eigen vrouw en kinderen had vermoord.

En zo geschiedde het dat MacDonald een proces tegen McGinniss begon. Toen was het de beurt aan McGinniss om hulp te zoeken. Hij schreef aan vooraanstaande journalisten dat hier de vrijheid van meningsuiting in het geding was. Janet Malcolm was de enige die hapte. McGinniss merkte echter al snel dat zij niet zozeer werd bewogen door verontwaardiging over de dreigende beknotting van de vrijheid van meningsuiting, als wel dat zij gentrigeerd was door dit extreme geval van onoprechtheid in de verhouding tussen journalist en de door hem beschreven hoofdpersoon. Voordat hij op zijn beurt het slachtoffer van een journalist zou worden, zoals eerder de campagnestaf van Nixon en de van moord verdachte MacDonald zijn slachtoffers waren geweest, verbrak McGinness alle contacten met Malcolm, die echter wel alle andere hoofdpersonen in deze kwestie uitvoerig aan de praat wist te krijgen en daarover een buitengewoon knap boekje schreef waarin de morele dilemma's van het journalistieke métier van allerlei kanten worden belicht.

Pas in een nawoord kwam zij te spreken over haar eigen ervaringen met Jeffrey Masson en het proces wegens smaad waarin zij zelf de afgelopen jaren verwikkeld was geweest. Wie nooit zo'n proces heeft ondergaan, zo schreef zij, heeft zichzelf een belangrijk narcistisch genot ontzegd. Want niets smaakt zo zoet als het lezen van het betoog van de eigen raadsman die, ongenuanceerder en overtuigender dan je het zelf ooit zou kunnen, je eigen gelijk verwoordt. Zij schreef hoe zij keer op keer met een zekere wellust de voor haar gunstige uitspraak van de rechter had herlezen, en hoe zij daarbij zelfs enige sympathie was gaan voelen voor haar opponent, wiens pogingen zo volstrekt tevergeefs waren geweest.

In een voetnoot voegde zij daaraan toe dat de zaak nog niet definitief tot een eind was gekomen, omdat Jeffrey Masson opnieuw in hoger beroep was gegaan. Dat alles is inmiddels vier jaar geleden. In de tussentijd heeft het Amerikaanse hooggerechtshof de zaak terugverwezen naar een lager hof, dat de zaak heeft voorgelegd aan een jury van één man en zeven vrouwen. De zaak was door Massons advocaten teruggebracht tot vijf uitspraken die door Janet Malcolm in haar boek in de mond gelegd waren van Jeffrey Masson. Deze uitspraken zouden, aldus de advocaten, door Masson nooit zijn gedaan en zouden opzettelijk door Malcolm zijn geconstrueerd om Masson schade toe te brengen. Dat Masson door het boek van Malcolm ernstige schade heeft geleden, wordt door weinigen betwist. Hij heeft, sinds zijn ontslag van meer dan tien jaar geleden, ondanks zijn eerdere snelle universitaire carrière, nooit meer een enigszins passende baan kunnen vinden. (Hij bezit thans een sjieke Italiaanse broodjeszaak en schrijft bijna ieder jaar een boek. Zijn laatste boek, over de privè-goeroe die permanent logeerde bij zijn ouders, werd in deze krant onlangs welwillend besproken door Paul Schnabel.) De vraag is echter niet zozeer of Masson geschaad is door het boek van Malcolm, maar vooral of het ontluisterende portret op opzettelijke verdraaiing berust. Terwille van de ruimte noem ik hier een van de vijf uitspraken waar het tijdens het proces om ging, de uitspraak over ”sex, women, fun'.

Het huis in Londen van de bejaarde Anna Freud zou na haar dood worden omgebouwd tot een museum annex studiecentrum, en Masson was aanvankelijk voorbestemd om daarvan directeur te worden. In het boek van Malcolm zegt Masson hierover dat hij er een opwindend centrum van wil maken, niet alleen een plaats voor studie maar ook van ”seks, vrouwen, lol'. Masson betwist dat hij deze uitspraak heeft gedaan, en meent dat hij daarmee opzettelijk wordt afgeschilderd als een weinig serieuze losbol. De rechtbank stelde vast dat Masson deze uitspraak inderdaad niet heeft gedaan. Malcolm heeft twee andere uitspraken van hem ”gecombineerd'. Op de band vertelt Masson over een vriend van hem in Londen: hoe ze, wanneer hij eenmaal in het voormalige huis van Anna Freud zou wonen en daar feesten zou organiseren, vrouwen aan elkaar zouden doorgeven en een fantastische tijd zouden hebben. Ook praat hij over de bedompte atmosfeer in het huis van Anna Freud, waar de luiken altijd gesloten zijn; onder zijn bewind, zo zegt hij, zullen de ramen opengaan en kan er een frisse wind gaan waaien. Malcolm heeft dit alles gecombineerd tot de ”sex, women, fun' in het toekomstige studiecentrum, en een dergelijke journalistieke ingreep lijkt inderdaad niet erg correct. Anderzijds lijkt mij het effect van die woorden toch altijd nog minder schadelijk dan het ”aan elkaar doorgeven van vrouwen'.

Het belang van het proces gaat uit boven dit individuele geval. De schade die Masson door dit boek is toegebracht, berust niet alleen op de vijf betwiste uitspraken, maar ook op tientallen, zo niet honderden passages waarvan de juistheid door Massons advocaten niet wordt betwist. Vijf betwistbare passages in een heel boek lijkt mij een extreem lage score; er lijkt mij nauwelijks twijfel over mogelijk dat Janet Malcolm zorgvuldiger te werk is gegaan dan het gros van haar collega's, en dat is van groot belang nu de jury zich uiteindelijk heeft uitgesproken ten gunste van Jeffrey Masson. Die uitspraak kwam voor velen onverwacht.

Janet Malcolm had zich bijvoorbeeld verzekerd van de steun van de advocaat die indertijd Jeffrey MacDonald ter zijde had gestaan. De advocaat die het indertijd had opgenomen voor het slachtoffer van de journalistiek, koos nu dus de zijde van de journaliste. Dat desondanks de jury zich ten gunste van Masson heeft uitgesproken, zal menige Amerikaanse journalist doen aarzelen om ooit nog een uitvoerig negatief portret van wie ook te schilderen.

Over de hoogte van de schadevergoeding - Masson heeft zijn eis van tien miljoen dollar inmiddels teruggebracht tot een schamele zeven en een half miljoen - kon de jury het overigens niet eens worden. Onbekend is of dit alsnog tot een geheel nieuwe fase in de al bijna tien jaar durende procesgang zal leiden.