Canon-topman Kaku luidt doodsklok voor Japans bestel

TOKIO, 6 JULI. Op de 23ste verdieping van een wolkenkrabber in Shinjuku, het Manhattan van Tokio, waar langs de ramen regenslierten glijden, wordt op deze mistroostige middag het doodvonnis geveld over de Japanse politiek: “De dagen van het Bestel '55 zijn geteld.” Een dag na het vrolijk losbarsten van de verkiezingscampagne voorspelt Ryuzaburo Kaku, voorzitter van Canon, de bekende fabrikant van kopieerapparaten, laserprinters en camera's: “Na de verkiezingen op 18 juli breekt in Japan een tijdperk aan van wankele, kortstondige regeringscoalities.”

Voor de 67-jarige Kaku, hervormer van het eerste uur, is het zo klaar als een klontje. De twee grote conservatieve partijen die in 1955 fuseerden tot de Liberale Democratische Partij (LDP) hadden maar één doel: Amerika volgen, dan was Japan veilig, en intussen in economisch opzicht het Westen inhalen, dan was Japan rijk. Dat laatste is nog altijd het doel waarop de hele Japanse maatschappij zich richt, hoewel het al een kwart eeuw geleden werd bereikt.

De socialisten, die ook in 1955 fuseerden en van het land een socialistische maatschappij wilden maken, werkten van de weeromstuit mee aan de vestiging van het éénpartijregime van de LDP. Daarmee sloeg de verrotting toe in het hele politieke bestel, en dat schiep volgens hem de vele problemen waarmee Japan nu kampt.

Kaku roept al een paar jaar in Japan om hervormingen. Zo goed als hij al een paar jaar waarschuwt dat het eendimensionaal najagen van rijkdom door de drieëenheid van politici, bureaucraten en ondernemers tot een confrontatie zal leiden met het Westen en uiteindelijk tot de vernietiging van Japan. Volgens hem is al heel lang het moment aangebroken dat Japan zijn rijkdom moet delen met de rest van de wereld en ook de levensstandaard van zijn eigen burgers verbetert. Anderhalf jaar geleden, in Rotterdam, toen het ook zo miezerde, voorspelde hij: “Tenzij Japan snel tot handelen overgaat, ben ik bang dat het zeer tragisch zal aflopen.”

De verdienste van de scheuring van de LDP is dat er nu iets verandert, en de noodzaak daartoe wil hij niet ontkennen. Maar het gaat Kaku niet ver genoeg. “Het hechte netwerk van politici, bureaucraten en ondernemers moet ontrafeld worden, maar daarover praat niemand nog.”

Hij verwacht dat de LDP op 18 juli de meerderheid verliest. De oppositiepartijen zullen volgens hem de nieuwe regering vormen en die zullen politieke hervorming kiezen als prioriteit. Maar omdat tussen deze partijen meningsverschillen bestaan over andere kwesties, zoals over het zenden van troepen naar VN-vredesmissies, zal de samenwerking maar kort duren. “Er zullen snel weer nieuwe verkiezingen komen”, verzekert hij. “Dat betekent terugslag.” Wankele coalities liggen in het verschiet. Met zo'n wankele politieke toekomst zullen de bureaucraten volgens hem de vrijbrief hebben door te gaan met hun eendimensionale politiek van economische groei, zoals in de afgelopen 38 jaar.

Pag 4: "We zullen snel met de kop tegen de muur lopen'

“De bureaucraten zeggen dat ze alles goed doen, ze zeggen bovendien dat de wankele politieke situatie op hen geen invloed heeft”, zegt hij vertwijfeld. De tragiek van Japan is volgens Kaku dat maar een handvol mensen de noodzaak beseft van veel verdergaande hervormingen. Of Ichiro Ozawa dat beseft, de sterke man in de groep-Hata die zich vorige maand van de LDP afsplitste, betwijfelt hij. Kaku: “Hij behoorde tot de machtskern van de LDP, hij was de beste discipel van Kanemaru (de later gevallen de facto leider van de LDP, red.). Is hij degene die Japan zal hervormen? Ik behoud nog steeds mijn twijfels”.

Amerika moet volgens hem de druk op Japan opvoeren voordat Japan met de kop hard de muur raakt. “Van zulke druk houden we wel niet, maar als de wereld geen druk uitoefent op Japan, zal het niets doen. Japan heeft er zelf geen idee van wat er moet gebeuren.” En Amerika eigenlijk ook niet.

Zo preste Amerika Japan in de afgelopen jaren zijn investeringen in de infrastructuur fors op te voeren. Zo geschiedde. Maar Amerika liet het daarbij, en zodoende kon de starre bureaucratie haar gang weer gaan, dat wil zeggen dat elk ministerie het al sinds jaar en dag vastgestelde percentage kreeg, behoefte of geen behoefte, met als gevolg een heleboel bouwprojecten waarop niemand zat te wachten, behalve de bouwindustrie. “Zulke druk helpt niets”, constateert Kaku.

Nu wil Amerika dat Japan de overheidsaanbestedingen liberaliseert, zodat voortaan ook Amerikaanse bouwbedrijven kunnen meedingen. “Maar dat verandert natuurlijk nog niets aan het rigide systeem.” Van de direct betrokkenen zal niemand de noodzaak voelen dat te veranderen, noch de bureaucraten en de politici die steekpenningen aannemen, noch de bouwbedrijven die azen op opdrachten.

Veel vertrouwen in de Japanse ondernemerswereld bij hervormingen heeft Kaku dan ook niet. “Deze wereld maakt voor 95 procent deel uit van het ancien régime”, zegt hij, “dat maakt de kans dat het initiatief uit die hoek komt heel klein.” Neem weer de bouw. Een bedrijf dat weigert aan het geldspel mee te doen heeft volgens hem het nakijken en zit zonder werk. Daarom doet elk bouwbedrijf mee en stellen de topmanagers van deze bedrijven voortdurend het hechte netwerk samen tussen hen, de politici en de bureaucraten.

Als de hervormingen niet komen van de bureaucraten, niet door Amerikaanse druk, niet van de ondernemingen, van wie dan wel? Tóch van de politici? Kaku: “We zouden in Japan in staat moeten zijn vertrouwen te hebben in hun pogingen tot veranderingen. Maar onze politici vermaken zich dezer dagen met een hoop drukte. Het wachten is op goede politici. Als het alleen om Japan zelf zou gaan, zouden we kunnen doen als onze politici. Maar Japan is zo'n reusachtige machtsfactor in de wereld geworden, we hebben met de rest van de wereld ook te maken. Het zal niet lang duren of Japan loopt met de kop tegen de muur. Velen zullen pijn lijden. Dan zullen de Japanners de echte problemen van dit land gaan beseffen. Hoewel ik geloof dat het dan te laat is”. Lachend: “Ik ben een pessimist”.